Paragraaf 13.5/13.6 Diepzee

Welkom
In deze les heb je nodig:
  • Je chromebook
  • Een pen
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 3

In deze les zitten 19 slides, met tekstslides.

Onderdelen in deze les

Welkom
In deze les heb je nodig:
  • Je chromebook
  • Een pen

Slide 1 - Tekstslide

Vorige les en huiswerk
  • Maken opdrachten 13.4
  • Lezen paragraaf 13.5 (vwo) of 13.6 (havo)
  • Praktische opdracht inleveren!

Slide 2 - Tekstslide

Lesplanning
- Startvragen 13.5/13.6
- Uitleg 13.5/13.6
- Werken aan 13.5/13.6
- Vragen over 13.4
Na deze les kun je:
  • Alle begrippen van 13.5/13.6 uitleggen.
  • Uitleggen hoe dieren in de donkere diepzee kunnen leven.
  • Uitleggen hoe walvissen zo diep kunnen duiken.
  • Uitleggen hoe potvissen zonder inspanning kunnen duiken en weer omhoog gaan. 

Slide 3 - Tekstslide

Vraag 1: Wat is bioluminescentie
A. Dat diepzeevissen een rekbare maag hebben. 
B. Het verschijnsel waarbij dieren licht uitzenden
C. Het orgaan dat ervoor zorgt dat walvissen diep kunnen duiken

Slide 4 - Tekstslide

Vraag 2: Waarom hebben diepzeevissen een grote bek en een rekbare maag?

Slide 5 - Tekstslide

Vraag 3: Wat is het wondernet van een potvis?
A. Een netwerk van luchtbellen in de potvis.
B. Een net dat potvissen gebruiken om hun prooi te vangen.
C. Een netwerk van bloedvaten dat heel veel bloed kan bevatten.

Slide 6 - Tekstslide

Vraag 4: Wat is de functie van het wondernet van de Potvis?

Slide 7 - Tekstslide

Vraag 5: Wat is spermaceti/walschot
A. Sperma van een potvis
B. Eicellen van een potvis
C. Een stof in het hoofd van de potvis
D. Een vetachtige stof waar je in kan bakken. 

Slide 8 - Tekstslide

Vraag 6: Wat is de functie van spermaceti/walschot

Slide 9 - Tekstslide

Vraag 1: Wat is bioluminescentie
A. Dat diepzeevissen een rekbare maag hebben. 
B. Het verschijnsel waarbij dieren licht uitzenden
C. Het orgaan dat ervoor zorgt dat walvissen diep kunnen duiken

Slide 10 - Tekstslide

Vraag 2: Waarom hebben diepzeevissen een grote bek en een rekbare maag?
Omdat er zo diep in de zee weinig voedsel is. Door de grote bek en rekbare maag kunnen diepzeevissen alle prooien pakken die ze tegenkomen. Ook al zijn die veel groter dan zijzelf. 

Slide 11 - Tekstslide

Vraag 3: Wat is het wondernet van een potvis?
A. Een netwerk van luchtbellen in de potvis.
B. Een net dat potvissen gebruiken om hun prooi te vangen.
C. Een netwerk van bloedvaten dat heel veel bloed kan bevatten.

Slide 12 - Tekstslide

Vraag 4: Wat is de functie van het wondernet van de Potvis?
Doordat het wondernet vol loopt met bloed worden de holle ruimtes die ontstaan doordat de longen kleiner worden opgevuld. Dit zorgt ervoor dat de borstkas niet in elkaar klapt als de potvis diep onder water is.

Slide 13 - Tekstslide

Vraag 5: Wat is spermaceti/walschot
A. Sperma van een potvis
B. Eicellen van een potvis
C. Een stof in het hoofd van de potvis
D. Een vetachtige stof waar je in kan bakken. 

Slide 14 - Tekstslide

Vraag 6: Wat is de functie van spermaceti/walschot
Dit zorgt ervoor dat de potvis zinkt of opstijgt in het water.

Als de spermaceti afkoelt wordt het een vaste stof waardoor de dichtheid van potvis toeneemt en de potvis zinkt.
Als de spermaceti opwarmt wordt het een vloeibare stof waardoor de dichtheid van de potvis kleine wordt en de potvis naar boven komt. 

Slide 15 - Tekstslide

Hoe overleven dieren de donkere diepzee?
Bioluminescentie: dieren zenden licht uit. Zelf of door bacteriën
- Prooien lokken
- Communiceren
- Predatoren afschrikken

Kans op prooien klein
Kans op voorplanting is klein

Slide 16 - Tekstslide

Hoe kan een walvis zo diep duiken?
Onder water grote druk

- Lucht wordt samengeperst: longen worden kleiner
- Wondernet vult holle ruimte op

Slide 17 - Tekstslide

Zakken en drijven
spermaceti/walschot: vetachtige stof met smelt- en stoltraject.
+37 graden: vloeibaar
- 30 graden: vast

Afkoelen:
- alleen bloed uit de huid (koud) door wondernet
- water opsnuiven in rechter neusgat. 

Opwarmen:
- warm bloed door wondernet

Slide 18 - Tekstslide

Aan het werk
  • Opdrachten 13.5/6: alle opdrachten
  • Klaar?: Samenhang

  • Vragen over 13.4??
HUISWERK
  • Opdrachten 13.5/6: alle opdrachten

Slide 19 - Tekstslide