Toonhoogte en frequentie A

Hoofdstuk 7 Geluid
Paragraaf 7.2 Toonhoogte en frequentie
1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 2

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 7 Geluid
Paragraaf 7.2 Toonhoogte en frequentie

Slide 1 - Tekstslide

Wat weet je nog van de vorige les?

Slide 2 - Tekstslide

Wat weet je nog van de vorige lessen?

Slide 3 - Open vraag

Een toonhoogte bij een snaarinstrument heeft te maken met:

  • De dikte van de snaar

  • De lengte van de snaar

  • De spanning van de snaar


Slide 4 - Tekstslide

Wat ga je vandaag leren?

  • Wat frequentie inhoudt
  • Het verband tussen frequentie en toonhoogte
  • Wat een oscilloscoop is en wat je hier mee kunt doen
  • Wat het frequentiebereik van onze oren is

Slide 5 - Tekstslide

Frequentie, wat houdt dit in?

  • Het aantal trillingen per seconde

  • Het aantal trillinger per seconde wordt Hertz genoemd (Hz)

  • Hoe hoger de frequentie, hoe hoger de toon

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Link

De oscilloscoop

Slide 8 - Tekstslide

De oscilloscoop


  • Een oscilloscoop kan geluidstrillingen omzetten in een elektrisch signaal

  • Met de oscilloscoop kun je geluid "zichtbaar" maken

Let maar eens op:-)


Slide 9 - Tekstslide

Hoorbaar geluid
  • Een mens kan maar een bepaald geluidsgebied horen

  • Ligt tussen de 20Hz en 20.000 Hz

  • Dit noem je het frequentiebereik

  • Verschillende dieren hebben andere frequentiebereiken

Hoe goed is jouw gehoor?

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

Wat heeft geen invloed op de toonhoogte van een trillende snaar?
A
De lengte van de snaar
B
De dikte van de snaar
C
De spanning van de snaar
D
De kleur van de snaar

Slide 12 - Quizvraag

De frequentie is het aantal trillingen per seconde
A
Juist
B
Onjuist

Slide 13 - Quizvraag

Wat is het symbool voor frequentie?
A
Frq
B
Hr
C
Hz
D
Fq

Slide 14 - Quizvraag

Als de frequentie omlaag gaat gaat de toonhoogte...
A
Omhoog
B
Omlaag
C
Verandert niet

Slide 15 - Quizvraag

Een snaar trilt 120 keer per seconde. Wat is de frequentie?
A
2 Hz
B
60 Hz
C
120 Hz
D
4 Hz

Slide 16 - Quizvraag

Wat is het frequentiebereik van het menselijk oor?
A
10Hz - 10.000Hz
B
0Hz - 100.000Hz
C
2Hz - 2.000Hz
D
20Hz - 20.000Hz

Slide 17 - Quizvraag

Een snaar maakt 10.000 trillingen per seconde, kan een mens dit geluid horen?
A
Ja
B
Nee

Slide 18 - Quizvraag

Een oscilloscoop...
A
Kan geluid omzetten in een elektrisch signaal
B
Kan een elektrisch signaal omzetten in geluid
C
Werkt als een microfoon

Slide 19 - Quizvraag

Check, check, doublecheck
Wat hebben we vandaag geleerd?

  • Wat houdt frequentie in?
  • Wat is het verband tussen frequentie en toonhoogte?
  • Wat is een oscilloscoop en wat kun je hiermee doen?
  • Wat is het frequentiebereik van onze oren?

Slide 20 - Tekstslide

ZELF DE FREQUENTIE BEREKENEN

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Je maakt een rekensom: 
Frequentie is = 1/ Trillingstijd
1/ 0,003 = 333 hz

Slide 23 - Tekstslide

Nu jullie:
Frequentie = 1 / Trillingstijd

Slide 24 - Tekstslide

De frequentie is
A
2 Hz
B
1,5 Hz
C
1,3 Hz
D
1,2 Hz

Slide 25 - Quizvraag

Kunnen wij deze frequentie horen?
A
Ja
B
Nee

Slide 26 - Quizvraag

Huiswerk voor de volgende les
MAKEN TEST JEZELF VAN H7.2
SUCCES!

Slide 27 - Tekstslide