Lesson 9: Chapter 1 p. 60 t/m 71

1 / 11
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 11 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Today's Lesson
Goal: I can use object and interrogative pronouns in a sentence



 


  • Grammar: Object pronouns and interrogative pronouns
  • Schriften inleveren
  • Hand-outs: object pronouns and interrogative pronouns
  • Exit question
  • Kahoot: (if there's time left): object pronouns
  • Homework
  • Vragenlijst

Slide 2 - Tekstslide

Grammar: Object pronouns
Grammatica schrift
Voornaamwoorden voor objecten

Object pronouns:
- Me
- You
- Him
- Her
- It
- Us
- You
- Them

Subject pronouns (persoonlijk voornaamwoorden) vind je meestal aan het begin van een zin (I, she, he, it, you, they, you, we)

Een Object Pronoun vind je vaak aan het einde van een zin of direct na het hoofdwerkwoord

Slide 3 - Tekstslide

I Grammar: Object pronouns
Grammatica schrift
Voornaamwoorden voor objecten

Een Object Pronoun vind je vaak aan het einde van een zin of direct na het hoofdwerkwoord.

For example:
- She wants to talk to him
- Mum gives me fruit

Waarom gebruiken we ze?
Object pronouns worden gebruikt in plaats van zelfstandignaamwoorden. Je kan ze ook vervangen met namen, dingen, plaatsen en dieren. 

Slide 4 - Tekstslide

I Grammar: Interrogative Pronouns
Vragende voornaamwoorden
aka
W/H-Woorden



Interrogative pronouns:
- Who
- What
- Where
- When
- Why
- Which
- How
Je gebruikt interrogative pronouns om vragen te maken.
Net als subject pronouns staan interrogative pronouns meestal aan het begin van een zin

Slide 5 - Tekstslide

Schriften inleveren

Slide 6 - Tekstslide

Hand-outs: Object and Interrogative Pronouns
Two types of hand-outs for both grammar topics (you're allowed to use your book for this assignment page 68+69. Come get the answers when you're done:
- Object pronoun hand-out that's quite easy
(pick this one if you want to check if you've understood the explanation)
- Object pronoun hand-out that is quite hard
(pick this one if you want to challenge yourself and learn a bit more about object pronouns. Also, see if you can immediately remember the grammar rule for using object pronouns)

- Interrogative pronoun hand-out that's easy
(pick this one if you want to check if you've understood the explanation)
- Interrogative pronoun hand-out that's a bit harder
(pick this one if you want an extra challenge. Try not to use your book!)

Slide 7 - Tekstslide

Write down as much as you now know about object pronouns and interrogative pronouns (tip: think of the rules for using them, give examples, or example sentences)

Slide 8 - Woordweb

Slide 9 - Link

Done?
Tasks + Homework
Page 68
 assignment 56
page 69
assignment 57
page 70 + 71
assignment 58, 60, 61

Slide 10 - Tekstslide

Vragenlijst

Slide 11 - Tekstslide