Lezen hfdst 4 en spelling meervouden zn

1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Wat ga je leren vandaag?
  • je herkent tekstverbanden in een tekst 
  • je kunt signaalwoorden in een tekst ontdekken die horen bij de tekstverbanden

  • je kent de spellingregels voor meervouden van zelfstandige naamwoorden 
  • je kan het meervoud van een zelfstandig naamwoord correct schrijven  -s 's -en ën -eren

Slide 2 - Tekstslide

Wat ga ik doen en wat doen jullie? 
  • Eerst gaan we het huiswerk tekst 3 signaalwoorden en verbanden samen nakijken;
  • Daarna geef ik uitleg over hfdst 4 spelling meervouden van zelfstandige naamwoorden (filmpje);
  • Vervolgens gaan we oefenen met het correct spellen/schrijven van meervouden van zelfstandige naamwoorden (opdracht 1, 2);
  • Tot slot blikken we terug op de les en geef ik huiswerk op voor maandag   (opdracht 3, 4 spelling hoofdstuk 4 ).

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Video

Huiswerk nakijken
                            
                                       Lees nog een keer tekst 3
 "We doen echt niet zomaar wat"

                                     Schrijf de signaalwoorden op die je tegenkomt in de tekst.

Slide 5 - Tekstslide

Welke signaalwoorden heb je gevonden in de tekst?

Slide 6 - Woordweb

Tekst 3
'We doen echt niet zomaar wat'
[1]
Sommige bezoekers van het hotel-, bioscoop- en casinocomplex op de Blauwe Berg in Hoorn fronsen even de wenkbrauwen als ze zien wat zich op het terrein afspeelt. Jongeren springen van hoge stoepranden, maken salto’s op bankjes en halen ook nog andere acrobatische trucs uit. Freerunners, zoals mensen genoemd worden die in elk obstakel een uitdaging zien om erop of overheen te springen, trainden hier gisteren een middagje in de aanloop naar de voorpremière van de film Tracers.
[2]
‘Het ziet er misschien gevaarlijk uit voor mensen die de sport niet kennen,’ erkent Maikel over de Linden (26) uit Hoorn, ‘maar we doen echt niet zomaar wat: er is enorm veel voorbereiding aan een sprong voorafgegaan.’ Hij en Nino Wallaart (19) uit Wognum geven hun leerlingen voor de gelegenheid eens buiten training in plaats van in een turnhal. Vooral beginnerstrucjes komen voorbij, maar die zien er soms al indrukwekkend uit. ‘Je leert stapje voor stapje, springt eerst van stoeprand naar stoeprand. Dat moet je vervolgens honderd keer kunnen doen zonder fouten te maken; pas dan kun je een stapje verder gaan’, vertelt Nino, die zelf zonder moeite van dak naar dak springt.

 

Slide 7 - Tekstslide

[3]
Hoorn is een logische plek voor de voorpremière van een film waarin freerunning een belangrijke rol speelt. Volgens Maikel en Nino is de eerste generatie Free runners in Nederland er begonnen. Dat was zo’n elf jaar geleden. ‘Soms trainden wel honderd man tegelijk bij station Hoorn Kersenboogerd’, weten ze. Het was de eerste plek in ons land met veel hoogteverschillen, muurtjes en buizen dicht bij elkaar – en dus erg geliefd bij freerunners. Door onder meer YouTube werd de sport steeds populairder en nu er meer goede ‘spots’ bekend zijn, komen mensen niet meer zo snel van heinde en verre naar Hoorn. Toch trainen er op een gemiddelde zaterdag ongeveer vijf enthousiastelingen, onder wie de 15-jarige Kyle Pentney uit Bovenkarspel: ‘In mijn woonplaats heb ik zo’n goede plek nog niet kunnen vinden.’
[4]
Kyle is een van de honderd leerlingen met wie Maikel en Nino hun passie delen. Zelf leerden ze de sport van ‘de eerste generatie’ en nu geven ze hun kennis door. ‘We leren onze leerlingen hoe je je lichaam aan de omgeving aanpast’, omschrijven ze de kern van hun sport. Na de training gaan alle leerlingen de bioscoopzaal in: kijken of ze ook van de film nog iets kunnen leren.

Slide 8 - Tekstslide

Welke verbanden geven de signaalwoorden aan? 
Tekst 3 
"'We doen echt niet zomaar wat"'
Chronologisch

Opsommend
Toelichtend
Tegenstellend

Tekst
eerst, vervolgens, pas dan, nu, elf jaar geleden, nu 
en, en, ook nog
zoals
maar

Slide 9 - Tekstslide

Hoofdstuk 4 paragraaf spelling van woorden 

  • je kent de spellingregels voor meervouden van zelfstandige naamwoorden 
  • je kan het meervoud van een zelfstandig naamwoord correct schrijven -s   's   -en   ën -eren 


Slide 10 - Tekstslide

Noteer het meervoud van
kind
auto
zee
café
timer
1:00

Slide 11 - Open vraag

Uitleg meervouden ZN

Slide 12 - Tekstslide

Opdracht 1    alleen werken 
       rij 1 meervouden met -s      rij 2 meervouden met 's

timer
5:00
1
9
2
10
3
11
4
12
5
13
6
14
7
15
8
Wat voor woord vormen de eerste letters van rij 1 en 2 samen?

Slide 13 - Tekstslide

Opdracht 1  
       rij 1 meervouden met -s      rij 2 meervouden met 's

clowns
sudoku's
oehoes
pyjama's
motels
embryo's
portemonnees
lama's
uiers
lolly's
tandems
eindsaldo's
employés
ninja's
rackets

Slide 14 - Tekstslide

1. Welke meervoudsvorm is juist geschreven ?
A
alineas
B
alinea's

Slide 15 - Quizvraag

2. Welke meervoudsvorm is juist geschreven?
A
baby's
B
babys

Slide 16 - Quizvraag

3. Welke meervoudsvorm is juist geschreven?
A
bijous
B
bijou's

Slide 17 - Quizvraag

4. Welke meervoudsvorm is juist geschreven?
A
bureau's
B
bureaus

Slide 18 - Quizvraag

5. Welke meervoudsvorm is juist geschreven?
A
disjockeys
B
disjockey's

Slide 19 - Quizvraag

Maak nu zelf vraag 6 t/m 15 van opdracht 2 af 

hoofdstuk 4 Spelling (blauw) 
timer
5:00

Slide 20 - Tekstslide

Opdracht 2
1 alinea’s
2 baby’s
3 bijous
4 bureaus
5 diskjockeys
6 kiwi’s
7 loempia’s
8 loverboys
9 milieus
10 neussprays
11 paraplu’s
12 radio’s
13 rally’s
14 sleuteletuis
15 video’s

1 alinea’s
2 baby’s
3 bijous
4 bureaus
5 diskjockeys


Slide 21 - Tekstslide

Antwoorden opdracht 2 
6 kiwi’s
 7 loempia’s
 8 loverboys
 9 milieus
 10 neussprays
 11 paraplu’s
 12 radio’s
 13 rally’s
 14 sleuteletuis
 15 video’s

Slide 22 - Tekstslide

                    Huiswerk voor maandag
Leer de vier tekstverbanden uit je hoofd en onthoud enkele signaalwoorden die er bij horen.

Maak opdracht 3 en 4 van hoofdstuk 4 Spelling (blauw)

Slide 23 - Tekstslide

Hoe goed heb jij het gedaan vandaag?
Welk cijfer zou ik jou geven voor je werk- en luisterhouding?
010

Slide 24 - Poll