V3 H3 energie 3.2

Energie






Energietransitie en verwarmen
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Energie






Energietransitie en verwarmen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vandaag
1) Energietransitie 
2) Zelf aan de slag met opgaven paragraaf 1
3) Bespreken moeilijk opgaven (start 12:20)
4) Verwarmen (paragraaf 2)

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Van welke energiebron gebruiken we in Nederland de meeste energie?
A
Wind
B
Fossiele brandstoffen
C
Zon
D
Aardwarmte

Slide 3 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Tekstslide

warmtepomp uitleggen
Cijfers Nederlandse productie energiebronnen, 2017 (TU Delft)

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Warmtepomp
Boren naar grondwater
Warmtewisselaar
Kost elektriciteit!

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Energietransitie

Slide 7 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Energietransitie
Nieuw energiesysteem met 4 kenmerken:
- Duurzame energiebronnen
- Efficiënt energiemanagement
- Lokale productie van energie
- Grootschalige energieopslag > waarom?



Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zelf maken: vraag 1,2, 5 en 7 van H3.1 in werkboek
Geef in de poll aan welke vraag je moeilijk vindt:
1
2
5
7

Slide 9 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

    Verwarmen

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Warmtebronnen
(apparaten)

Slide 11 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Energiestroomdiagram
Hoe ziet het diagram van een lamp eruit?

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

kwaliteit verandert wel

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stelling: water koken in een waterkoker kost minder energie dan water koken in een pan.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Stel, je hebt een thermoskan gevuld met water. Je hangt er een warmte element in van 12 W. Teken de grafiek van de Temperatuurstijging over de tijd.

Slide 15 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dus: voor elke graad temperatuurstijging is evenveel warmte nodig!

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Soortelijke warmte
Hoeveelheid warmte die nodig is om 1 g van een stof 1 graden Celsius (of Kelvin) in temperatuur te laten stijgen

cwater = 4,2 J/(g oC)

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

rekenen met soortelijke warmte


Warmte (J) = soortelijk warmte (J/(g °C)) x masa (g) x temperatuurstijging (°C)
Q = c m ΔT

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Een mini boiler verwarmt 1,5 L water van 20 naar 100 graden Celsius. De soortelijke warmte van water is 4,2 J/(g °C). Hoeveel elektrische energie is nodig?
A
504 J
B
504 kJ
C
5,04 J
D
0,504 MJ

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag met opgaven paragraaf 2
1, 2, 3, 5, 6

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Video

Deze slide heeft geen instructies