Rekenen Temperatuur

1 / 32
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeLager onderwijsBuitengewoon secundair onderwijs

In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Wat weten jullie al
over temperatuur?

Slide 2 - Woordweb

Slide 3 - Tekstslide

Wat meet je met dit meetinstrument?

Slide 4 - Open vraag

warm
koud

Slide 5 - Sleepvraag

Waar kan ik de temperatuur mee meten? 
niet
wel

Slide 6 - Sleepvraag

Waar kan ik de temperatuur mee meten? 
niet
wel

Slide 7 - Sleepvraag

Slide 8 - Video

30°C
31°C
12°C

Slide 9 - Sleepvraag

30°C
32°C
31°C

Slide 10 - Sleepvraag

Sleep de temperaturen naar de juiste thermometer op de volgende slide. 

Slide 11 - Tekstslide

14°C
20 °C
11 °C
18 °C
26 °C

Slide 12 - Sleepvraag

Op welke dag van de week is de temperatuur het hoogst? Hoeveel graden?

Slide 13 - Open vraag

Welke dag is de koudste dag? Hoeveel graden?

Slide 14 - Open vraag

Hoeveel graden is het op de thermometer? .... °C

Slide 15 - Open vraag

Hoeveel graden is het op de thermometer? .... °C

Slide 16 - Open vraag

Hoeveel graden is het op de thermometer? .... °C

Slide 17 - Open vraag

Hoeveel graden is het op de thermometer? .... °C

Slide 18 - Open vraag

Hoeveel graden is het op de thermometer? .... °C

Slide 19 - Open vraag

Sleep naar de juiste temperatuur op de thermometer.


20 °C
10 °C
-10°C
0°C

Slide 20 - Sleepvraag

Vandaag is het 8° C. Morgen is het 2 graden warmer. Hoe warm is het morgen?

Slide 21 - Open vraag

In België is het 10°C.In Frankrijk is het 10 graden warmer.
Hoe warm is het in Frankrijk?

Slide 22 - Open vraag

Vandaag is het 19°C.Morgen is het 5 graden kouder.
Wat is de temperatuur voor morgen?

Slide 23 - Open vraag

Het zal warmer weer worden. Het zal 15 graden warmer zijn dan vandaag. Vandaag is het 5°C. Hoe warm zal het worden?

Slide 24 - Open vraag

Bekijk onderstaande filmpjes 
Filmpje 1                                                     filmpje 2

Slide 25 - Tekstslide

waar of niet waar
−5 °C is kouder dan −2 °C

A
Waar
B
Niet waar

Slide 26 - Quizvraag

Vandaag wijst de thermometer 4°C aan, gisteren was het – 2°C.

Het was gisteren dus …… °C kouder dan vandaag.

Slide 27 - Open vraag

Vandaag wijst de thermometer 6 °C aan, gisteren was het -3°C.

Het was gisteren dus …….… °C kouder dan vandaag.

Slide 28 - Open vraag


Waar is het het warmst?
a-b-c-d


A
A
B
B
C
C
D
D

Slide 29 - Quizvraag

Waar is het het koudste?
A-C-D-E

A
A
B
C
C
D
D
E

Slide 30 - Quizvraag

22°C 32°C -12°C -2°C -41°C
Welke temperatuur is het laagst?
A
32°C
B
-12°C
C
-41

Slide 31 - Quizvraag

22°C 32°C -12°C -2°C -41°C
Welke temperatuur is het laagst?
A
32°C
B
-12°C
C
-41°C
D
22°C

Slide 32 - Quizvraag