Medische vakken verdieping ziekenhuis week 2

Hart- en vaatziekten

Medische vakken verdieping ziekenhuis week 2
Paige Ouwens 
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 3

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Hart- en vaatziekten

Medische vakken verdieping ziekenhuis week 2
Paige Ouwens 

Slide 1 - Tekstslide

Lesdoelen 
De student: 
  • kan de meest voorkomende hart- en vaatziekten en daarbij behorende onderzoeken in het ziekenhuis benoemen;
  • kent de anatomie en werking van het hart;
  • weet de meest voorkomende ziektebeelden met betrekking tot hart- en vaatziekten (hartinfarct, klepproblemen, endocarditis, hartfalen);
  • weet welke onderzoeken bij deze patiënten worden uitgevoerd;
  • benoemt mogelijke complicaties bij hart- en vaatzieken;
  • benoemt welke bloedonderzoeken je kan doen bij patiënten met hart- en vaatziekten.

Slide 2 - Tekstslide

Het hart 
Het hart is opgebouwd uit vier lagen, van binnen naar buiten: 
  • Endocard
  • Myocard (spierweefsel) 
  • Epicard
  • Pericard (hartzakje) 

En het bestaat uit 4 holle ruimtes.... 


Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Hartkleppen
Er zijn in totaal 4 kleppen, onderverdeeld in 2 soorten:
De atrioventriculaire klep:
  • Mitralisklep
  • Tricuspidalisklep
De arteriele klep:
  • Aortaklep
  • Pulmonaalklep 

Slide 5 - Tekstslide

Hartkleppen
Op een echo wordt de aortaklep ook weleens gezien als het Mercedes logo 

Slide 6 - Tekstslide

Hartkleppen
De atrioventriculaire kleppen  hebben een vorm die enigszins doet denken aan een parachute

Slide 7 - Tekstslide

Functie hart
  • Rechter atrium: Zuigt het zuurstofarme bloed het hart in. Eindpunt grote circulatie.
  • Rechter ventrikel: Pompt het zuurstofarme bloed de longen in. Begin kleine circulatie.
  • Linker atrium: Zuigt het zuurstofrijke bloed uit de longen weer het hart in. Eindpunt kleine circulatie.
  • Linkerkamer Pompt het zuurstofrijke bloed via de aorta naar de weefsels. Begin grote circulatie.

Slide 8 - Tekstslide

Coronairvaten
  • De kransvaten ---> aan de oppervlakte van het hart ligt een netwerk van vaten
  • Zorgen voor de bloedstroom door de hartspier
  • Bij verstopping van deze vaten, groot probleem. Hart niet voldoende zuurstof --> Hartinfarct.
  • De grote kransslagaders hebben een hoop zijtakken (collateralen). 
  • Tijdens het leven steeds meer aftakkingen, vooral sporters. 
  • Bij meer arbeid van hart, vergroot hart. Bijvoorbeeld: moet uitpompen tegen een hoge bloeddruk in aorta. ---> lijdt tot hartfalen. 

Slide 9 - Tekstslide

Prikkelgeleiding in het hart
  • In hart enkele plaatsen met veel zenuwweefsel --> zorgen voor hartactie. 
  • Belangrijkste: AV-knoop en sinusknoop. 
  • Sinusknoop levert impuls voor actie, bij gestoorde functie kan AV-knoop dit overnemen. 
  • Niet de natuurlijke weg --> veel kansen op ritme stoornissen 
  • Behandeling: pacemaker (regelt kunstmatige impuls) 
  • Bundel van His: natuurlijke elektrische verbinding tussen de boezems en de kamers 

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

Onderzoeken

  • Polsdiagnostiek
  • Elektrocardiogram (ECG)
  • X-thorax ---> vergroot hart zien 
  • MRI en CT-scan ---> gedetailleerder kijken 
  • Angiografie / coronairangiografie ---> verstopping kransvat 
  • Hartkatheterisatie: ingreep waarbij de arts de bloedvaten van het hart in beeld brengt
  • FFR-meting: Fractional Flow Reserve meting , vernauwing vaststellen 
  • Hartbiopsie 
  • IVUS (intravasculair ultrasound) is een echo-onderzoek in de kransslagader
  • Bloedonderzoek: hartenzymen (troponine, CK-MB) 
  • Echo-doppleronderzoek: bloedstroom en werking kleppen in beeld brengen 

Slide 12 - Tekstslide

Welke hartziekten kennen jullie?

Slide 13 - Open vraag

Meest voorkomende ziektebeelden
  • Angina pectoris (stabiele en instabiele) 
  •  Hartinfarct
  • Decompensatio cordis (hartfalen)
  • Astma Cardiale 
  • Ritmestoornissen 
  • Hartklepproblematiek 
  • Myocarditis
  • Endocarditis
  • Pericarditis

Slide 14 - Tekstslide

Meest voorkomende ziektebeelden
Angina pectoris
  • Zuurstoftekort van het hart
  • Beklemmend en verstikkend gevoel 
  • Stabiele: bij inspanning, emoties etc (wanneer hart meer bloed krijgt)
  • Instabiele: zonder inspanning klachten 

Hartinfarct 
  • Afsluiting van een kransslagader waardoor een deel van de hartspier door zuurstofgebrek afsterft

Slide 15 - Tekstslide

Meest voorkomende ziektebeelden
Decompensatio cordis
  • Hartfalen door bijv.: een ontsteking van de hartspier. 
  • Als hart jaren extra inspanning moet leveren --> vergroot hart
  • Falen in zijn functie 
  • Ook bij overvulling --> longoedeem


Slide 16 - Tekstslide

Meest voorkomende ziektebeelden
Astma cardiale
  • Falen van linkerventrikel 
  • Aanval van ernstige benauwdheid door stuwing van bloed in de kleine bloedsomloop van de longen
  • Bloeddruk rond longen erg hoog --> longoedeem 

Ritmestoornissen
  • Op ECG en pols duidelijk te merken 
  • Tachycardie, bradycardie 
  • Ventrikelfibrilleren, atriumfibrilleren 


Slide 17 - Tekstslide

Meest voorkomende ziektebeelden
Hartklepproblematiek 
  • Gevolgen heel lang niet te merken 
  • Na langere tijd kan hart niet meer compenseren --> operatie noodzakelijk 

Endocarditis, myocarditis & pericarditis 
  • Infectie aan de spierlagen 
  • Endocarditis: door bacterie in de bloedbaan. Port entree: bijvoorbeeld
    na het trekken van een kies. 



Slide 18 - Tekstslide

Behandelingen
Medicatie
  • Nitrolingual spray 
  • Kalmerende middelen zoals sedativa en tranquilizers
  • Stolseloplossend middel (thrombolyticum)
  • Pijnbestrijding (morfine) 
  • Vocht afdrijvende medicatie (furosemide of bumetanide)
  • Werking van het hart kunnen verbeteren (bijvoorbeeld digoxine)
  • Vaatverwijdende middelen: enalapril 
  • Antibiotiucum via CVC (vaak wel 6 weken) 

ECG monitoring 



Slide 19 - Tekstslide

Behandelingen
Chirurgische behandelingen
  • Dotterprocedure: vernauwing in de kransslagader opgerekt met een soort ballonnetje
  • Vaak in combinatie met stent plaatsing 
  • Bypass operatie (omleiding)
  • Implanteerbare Cardioverter Defibrillator (ICD) 

Strikte bedrust 

Slide 20 - Tekstslide

Via een hartkatheterisatie kan de cardioloog
A
een omleiding voor de beschadigde kransslagader aanbrengen
B
een vernauwing in de kransslagaders opheffen
C
onderzoeken welke kransslagaderen zijn vernauwd en hoeveel ze zijn vernauwd
D
onderzoeken of er sprake is van boezem- of kamerfibrilleren.

Slide 21 - Quizvraag

Angina pectoris gaat gepaard met
A
kortademigheid met een gevoel van beklemming of verstikking
B
pijn op de borst met een branderig gevoel
C
pijn op de borst met een gevoel van beklemming of verstikking
D
pijn in de zij met een gevoel van beklemming of verstikking

Slide 22 - Quizvraag

De bypassplastiek wordt vaak toegepast. Maar wat gebeurt er bij die techniek?
A
Er wordt een trombus verwijderd
B
De bloedsomloop wordt om een afgesloten bloedvat heengeleid
C
Er wordt een afgesloten bloedvat weggehaald
D
Er wordt een ballonkatheter in de liesslagader geschoven

Slide 23 - Quizvraag