Bedrijfskolom: herhaling

1 / 19
volgende
Slide 1: Interactive video met 6 slides
EconomieSecundair onderwijsAlgemeen secundair onderwijsLeerjaar 2

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

6

Slide 1 - Video

01:08
Uit welke vrucht wordt chocolade gemaakt?

Slide 2 - Open vraag

01:21
Van waar komen die vruchten vandaan?

Slide 3 - Open vraag

02:35
Sleep de stapjes in de juiste volgorde van 1 tot 4
De cacaobonen worden uit de vrucht gehaald.
Bonen worden gedroogd in de zon. 
De cacaobonen worden in bananenbladeren gevouwen, op die manier gaan de bonen gisten met de bacteriën. 
Nadat de cacaobonen droog zijn worden ze verscheept naar andere landen. 
1
2
3
4

Slide 4 - Sleepvraag

06:45
Hoe verkrijg je witte chocolade? (meerdere antwoorden mogelijk)
A
cacaomassa
B
suiker
C
cacaoboter
D
melkpoeder

Slide 5 - Quizvraag

06:57
Hoe wordt de chocolade uit België uitgevoerd?

Slide 6 - Open vraag

07:30
Stel de bedrijfskolom voor de productie van chocolade op. Noteer alle bedrijven die een rol spelen bij de productie van chocolade.
Noteer op een blad en voeg een afbeelding toe als antwoord.

Slide 7 - Open vraag

Wat is het verschil tussen een consument en een producent?

Slide 8 - Open vraag

Wat is een bedrijfskolom?

Slide 9 - Open vraag

De bedrijfskolom
De bedrijfskolom is een tabel waarin je kunt zien welke bedrijven er achtereenvolgens worden ingeschakeld bij de totstandkoming van een bepaald product. Het laat dus de productieweg zien van oerproduct tot consument.

Slide 10 - Tekstslide

Wat is een groothandelaar?

Slide 11 - Open vraag

Groothandelaar?
Verkoopt in grote hoeveelheden aan andere bedrijven of particulieren.


particulier = consument = wij

Slide 12 - Tekstslide

Wat is een kleinhandelaar?

Slide 13 - Open vraag

Kleinhandelaar?
Verkoopt in kleine hoeveelheden aan particulieren.

Slide 14 - Tekstslide

Plaats de stappen van de bedrijfskolom van een boek in de juiste volgorde.
1
2
5
4
3
Houtzagerij
Drukkerij
Bosbouw
Uitgeverij
Papierfabriek

Slide 15 - Sleepvraag

Wat is de juiste volgorde van de bedrijfskolom?
A
Uitgeverij, drukkerij, papierfabriek, houtzagerij, bosbouw
B
Bosbouw, houtzagerij, drukkerij, papierfabriek, Uitgeverij
C
Bosbouw, houtzagerij, papierfabriek, Drukkerij, Uitgeverij
D
Papierfabriek, bosbouw, houtzagerij, Drukkerij, Uitgeverij

Slide 16 - Quizvraag

Een bedrijf uit de bedrijfskolom
A
produceert voor zichzelf
B
verandert iets aan het product
C
is een consument
D
is een oerproducent

Slide 17 - Quizvraag

Wat hoort niet thuis in de bedrijfskolom?
A
graanboer
B
meelfabriek
C
bakker
D
consument

Slide 18 - Quizvraag

Consumenten behoren tot de bedrijfskolom, m.a.w. ze helpen mee aan de productie
A
Waar
B
Niet waar

Slide 19 - Quizvraag