Kort maa darrmstelsel - Kleine maag - Rudimentaire blinde darm
D
Lang maagdarmstelsel - Kleine maag - Fermentatie in blinde darm - Blinde- en dikke darm vergroot aanwezig.
Slide 7 - Quizvraag
Slide 8 - Tekstslide
Hoe voorkom je (door juiste voeding) dat het dier geen gebitsproblemen krijgt, speekselaanmaak gestimuleerd wordt, het paard geen koliek krijgt en dat je verveling tegen gaat?
Slide 9 - Woordweb
Slide 10 - Tekstslide
Kun jij enkele soorten van ruwvoer benoemen?
Slide 11 - Open vraag
Slide 12 - Tekstslide
Uit hoeveel procent moet het dieet van een paard uit ruwvoer bestaan?
A
10 - 30 %
B
80 - 50 %
C
60 - 100 %
D
40 - 50 %
Slide 13 - Quizvraag
Slide 14 - Tekstslide
Kun jij voorbeelden benoemen van wanneer je een paard krachtvoer zou aanbieden? (Naast het aanbod van ruwvoer)
Slide 15 - Woordweb
Slide 16 - Tekstslide
Slide 17 - Tekstslide
Slide 18 - Tekstslide
Slide 19 - Tekstslide
Wat zouden volgens jullie redenen kunnen zijn om supplementen aan te bieden?
Slide 20 - Open vraag
Slide 21 - Tekstslide
Welke belangrijke voedingsstof is nu nog niet besproken?
Slide 22 - Woordweb
Slide 23 - Tekstslide
Hoe weet je of je een paard genoeg of te veel voert?
A
Door hem wekelijks te wegen
B
Dat verteld mijn moeder mij wel
C
Door het toepassen van de BCS
D
Als hij graatmager sterft heb ik hem zeker te weinig gevoerd
Slide 24 - Quizvraag
Slide 25 - Tekstslide
Hoe komen we eigenlijk aan de informatie voor het geven van de juiste voeding?
Slide 26 - Open vraag
Slide 27 - Tekstslide
Waarom heb ik, denk jij, de laatste 2 in het rood gezet.