In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 50 min
Dit is niet oké
Onderdelen in deze les
Bestuiving, bevruchting en verspreiding
Slide 1 - Tekstslide
Wat gaan we doen?
Herhaling paragraaf 4
Lesstof paragraaf 5
Lesstof verwerken
Leerdoelen-check
Slide 2 - Tekstslide
Sleep de namen naar de bijbehorende afbeelding.
knollen
deling
wortelstokken
stekken
bollen
uitlopers
Slide 3 - Sleepvraag
Hoe plant deze plant zich voort?
A
Geslachtelijk
B
Beide
C
Ongeslachtelijk
Slide 4 - Quizvraag
kelkblad
stamper
meeldraad
kroonblad
Slide 5 - Sleepvraag
Leerdoelen
Ik leg uit wat bestuiving is bij planten.
Ik noem de kenmerken van insecten- en windbloemen.
Ik leg uit hoe bevruchting bij zaadplanten werkt.
Ik beschrijf welke veranderingen er na bevruchting plaatsvinden in het vruchtbeginsel.
Ik leid uit afbeeldingen af hoe de zaden worden verspreid.
Slide 6 - Tekstslide
Eenslachtige of tweeslachtige bloemen
Slide 7 - Tekstslide
Bestuiving
Het stuifmeel van een bloem komt op de stempel van dezelfde soort terecht.
Twee manieren:
via insecten
via de wind
Slide 8 - Tekstslide
Zelf- en kruisbestuiving
Slide 9 - Tekstslide
Insectenbloemen
Bestuiving door insecten die van bloem naar bloem gaan.
Aangetrokken door:
Geur van nectar
Grote opvallende kroonbladeren
Slide 10 - Tekstslide
Windbloemen
Bestuiving door wind.
Veel stuifmeel.
Groene kroonbladeren.
Kleine onopvallende bloemen.
Hoog, zodat de wind het kan vangen.
Slide 11 - Tekstslide
Bevruchting
1. Stuifmeelkorrel vormt stuifmeelbuis. 2. Stuifmeelbuis groeit naar een zaadbeginsel. 3. De top barst open. 4. Stuifmeelkorrel dringt de eicel binnen en versmelten.
Slide 12 - Tekstslide
Veranderingen na de bevruchting
Kroonbladeren vallen af.
Kelkbladeren en meeldraden verschrompelen.
Bevruchte eicel ontwikkelt zich tot zaad.
Het vruchtbeginsel ontwikkelt zich tot vrucht.
In de vrucht zitten zaden.
In elke zaad zit een kiem.
Uit een kiem komt een kiemplantje.
Slide 13 - Tekstslide
Verspreiding vruchten en zaden
Hoe?
wind
Slide 14 - Tekstslide
Verspreiding vruchten en zaden
Hoe?
dieren
Slide 15 - Tekstslide
Verspreiding vruchten en zaden
Hoe?
plant zelf
Slide 16 - Tekstslide
Wat is bestuiving?
A
overbrengen van stuifmeel naar stempel
B
overbrengen van stuifmeel naar meeldraad
C
overbrengen van stuifmeel naar bijenkorf
D
ander woord voor bevruchting
Slide 17 - Quizvraag
Welke van de ondergenoemde kenmerken hoort niet bij de bloem van een insectenbestuiver?
A
Opvallende kroonbladeren
B
meeldraden buiten de bloem
C
maken nectar
D
pollen zijn plakkerig
Slide 18 - Quizvraag
Hieronder zie je voorbeelden van verschillende zaden. Sleep de zaden naar de juiste manier van verspreiden.
T5
Verspreiding door dieren
Verspreiding door de wind
Verspreiding door de plant zelf
Slide 19 - Sleepvraag
Leerdoelen
Ik leg uit wat bestuiving is bij planten.
Ik noem de kenmerken van insecten- en windbloemen.
Ik leg uit hoe bevruchting bij zaadplanten werkt.
Ik beschrijf welke veranderingen er na bevruchting plaatsvinden in het vruchtbeginsel.
Ik leid uit afbeeldingen af hoe de zaden worden verspreid.