In deze les zitten 11 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 40 min
Onderdelen in deze les
Procenten en motorvoertuigen
Slide 1 - Tekstslide
Deze slide heeft geen instructies
hoe bereken je een percentage? (van procent naar deel)
Slide 2 - Woordweb
bijvoorbeeld: hoeveel is 12% van 500?
Dan doe je 500 / 100 x 12.
en als je wilt weten hoe veel/hoog het percentage is? (van deel naar procent)
Slide 3 - Woordweb
Bijvoorbeeld: je weet het % nog niet. Maar je verbruikt 15 liter benzine van een totaal van 50 liter. Hoeveel procent heb je dan verbruikt?
en wat de formule als je een toename of afname (stijging of daling) wilt berekenen in %?
Slide 4 - Woordweb
Deze slide heeft geen instructies
Op een band staat 135/55. Hoe hoog is deze band (in mm)?
Slide 5 - Open vraag
De breedte is dus 135 mm.
De hoogte is 55% daarvan.
Het rendement van een verbrandingsmotor is ongeveer 25%. Als de inhoud van de tank 45 liter is, hoeveel hiervan wordt dan "nuttig" verbruikt?
Slide 6 - Open vraag
Deze slide heeft geen instructies
1 liter benzine kost € 2,334. De BTW op brandstof is 21%. Hoeveel € is de BTW op 1 liter? (antwoord afronden op 2 decimalen)
Slide 7 - Open vraag
de prijs incl BTW is 121%
prijs / 100 x 21
Een weerstand van 6.000 ohm heeft een tolerantie van 2%. De echte waarde kan dus 2% afwijken. Tussen welke waarden ligt de echte weerstand?
Slide 8 - Open vraag
Deze slide heeft geen instructies
Een auto rijdt 100 kilometer. Bij een snelheid van 130 km/h verbruikt een auto 6 liter benzine. Bij een snelheid van 100 km/h verbruikt een auto 5,16 liter benzine. Hoeveel % benzine verbruikt de auto dan minder?
Slide 9 - Open vraag
bereken de daling > hoogste getal onder oud
nieuw - oud / oud x 100
op de afbeelding zie je de 'Sankey diagram". Als je weer uitgaat van een inhoud van 45 liter, hoeveel liter wordt er "verspild" aan uitlaatgassen?
Slide 10 - Open vraag
Deze slide heeft geen instructies
en nu
smart rekenen: maak de hoofdstukken die nog open staan.
Naar aanleiding van jullie toetsen is het doel (de onderwerpen die je nog moet oefenen) aangepast. Zorg dat je deze hoofdstukken allemaal hebt gemaakt voordat je het examen gaat maken.