2MHV herhalen grammar

Today's Lesson

Find a seat and get ready to start this lesson


Get your reading books out!
  • 5 minutes of reading
  • discuss grammar topics
  • work on the Padlet
1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolmavo, havo, vwoLeerjaar 2

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Today's Lesson

Find a seat and get ready to start this lesson


Get your reading books out!
  • 5 minutes of reading
  • discuss grammar topics
  • work on the Padlet

Slide 1 - Tekstslide

Present Simple

Slide 2 - Woordweb

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

My father ___ (walk) a round every day.

Slide 5 - Open vraag

He (not like) it when people argue.
(helemaal uitschrijven!

Slide 6 - Open vraag

___ you ___ (call) your grandparents every week?

Slide 7 - Open vraag

Any questions?
Next topic!

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

The cat__ tail.

Slide 10 - Open vraag

Those girls__ pets.

Slide 11 - Open vraag

Old people__ names.

Slide 12 - Open vraag

The door__ the house.

Slide 13 - Open vraag

Any questions?
Next topic!

Slide 14 - Tekstslide

Will  & Shall

1. Om te vertellen dat iets in de toekomst gaat gebeuren. 
2. Om aan te geven dat iets spontaan besloten wordt zonder dat het gepland is. 


1. It will be dark soon.

2. will help you in a minute.

normaal: Will + hele ww
ontk:  will not (won't) + hele ww
vraag: will + ... + hele ww
vraag (alleen bij aanbod of voorstel!) : shall + hele ww

Slide 15 - Tekstslide

My plane ___ (arrive) at 10pm tomorrow evening.

Slide 16 - Open vraag

I ___ (not start) school tomorrow. I still have one week of vacation.
(helemaal uitschrijven!!)

Slide 17 - Open vraag

___ they ___ (move) next week or the week after?

Slide 18 - Open vraag

___ I ___ (help) you with moving the boxes?

Slide 19 - Open vraag

Will  & Shall

1. Om te vertellen dat iets in de toekomst gaat gebeuren. 
2. Om aan te geven dat iets spontaan besloten wordt zonder dat het gepland is. 


1. It will be dark soon.

2. will help you in a minute.

normaal: Will + hele ww
ontk:  will not (won't) + hele ww
vraag: will + ... + hele ww
vraag (alleen bij aanbod of voorstel!) : shall + hele ww

Slide 20 - Tekstslide

Any questions?
Next topic!

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

I ___ (visit) my friends this weekend.

Slide 23 - Open vraag

You ___ (not believe) what happened!
(helemaal uitschrijven!!)

Slide 24 - Open vraag

How ___ Sam ___ (get) more money?
(alleen wat er op de streepjes komt!)

Slide 25 - Open vraag

Any questions?
Next topic!

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Tekstslide

You're at school, ___
A
aren't you?
B
isn't you?
C
don't you?
D
doesn't you?

Slide 30 - Quizvraag

She can hear me now, ____
A
doesn't she?
B
does she?
C
can't she?
D
can she?

Slide 31 - Quizvraag

They need more spare time, ___
A
do they?
B
don't they?
C
aren't they?
D
are they?

Slide 32 - Quizvraag

Any questions?
Next topic!

Slide 33 - Tekstslide

Slide 34 - Link

Homework:
Monday 7th of October

Finish the selftest

NEXT FRIDAY 
SO GRAMMAR CHAPTER 1

Slide 35 - Tekstslide