Herhaling Comparisons kader/mavo 2

Herhaling Comparisons(vergelijkende/vergrotende trap)
Ms. Drif
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo k, mavoLeerjaar 2

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Herhaling Comparisons(vergelijkende/vergrotende trap)
Ms. Drif

Slide 1 - Tekstslide

Rules
  •  RESPECT for one another.
  • No phones 
  • No jackets
  • Don't speak when others are speaking, including me.
  • No walking in the classroom without permission.
  •  Bathroom visits only with permission.
  • No curse words

Slide 2 - Tekstslide

What are we going to do today?
  • What do you remember?
  •  Let's look at the grammar.
  •  Quiz
  •  What did you think of this class?

Slide 3 - Tekstslide

Comparisons

Slide 4 - Woordweb

Tijdens de uitleg ben je stil. Steek je vinger op als je een vraag / opmerking hebt.
Grammar: comparisons
  • een lettergreep:
    -er / -est
small - smaller - smallest

  • drie (of meer) lettergrepen:
    more / most                              
popular - more popular - most popular

Slide 5 - Tekstslide

3. Grammar: comparisons
tall - taller - tallest
Tijdens de uitleg ben je stil. Steek je vinger op als je een vraag / opmerking hebt.

Slide 6 - Tekstslide

3. Grammar: comparisons
beautiful - more beautiful - most beautiful
Tijdens de uitleg ben je stil. Steek je vinger op als je een vraag / opmerking hebt.

Slide 7 - Tekstslide

Comparisons (uitzonderingen)
Woorden eindigend op -le, -er, -ow, -y krijgen ondanks dat ze meer dan 1 lettergreep hebben +er / + est
  • EZELSBRUGGETJE: LEEROWY
  • -le = simple                           simpler                          simplest
  • -er = clever                            cleverer                         cleverest
  • -ow = narrow                        narrower                       narrowest
  • -y = happy                             happier                           happiest

Slide 8 - Tekstslide

Comparisons: hoe maak je een comparison?
A
er - est
B
er - est or more - most
C
more - most
D
er - more - most

Slide 9 - Quizvraag

Comparisons
A
expensive
B
expensiver
C
more expensive
D
the most expensiver

Slide 10 - Quizvraag

Comparisons
A
simpler
B
more simple
C
much simple

Slide 11 - Quizvraag

Comparisons
A
thin
B
more thin
C
thiner
D
thinner

Slide 12 - Quizvraag

Put the comparisons in the correct place.
My little brother is __________.
He is even __________ than our cousin.
But my sister is the ___________. She's only 2 months old!
youngest
younger
young

Slide 13 - Sleepvraag

Put these three words in the correct order of comparison.
old
oldest
older

Slide 14 - Sleepvraag

Put the comparisons in the correct place.
My little brother is __________.
He is even __________ than our cousin.
But my sister is the ___________. She's only 2 months old!
youngest
younger
young

Slide 15 - Sleepvraag

Do you remember the rules about making comparisons?
short words like 'big' 
words on -y like happy
longer words
good / bad
when things are equal
+er / +est
as ... as
y = +ier / y = +iest
exceptions, these you need to learn
more / most + word

Slide 16 - Sleepvraag

Ik vond de toets moeilijk/makkelijk.
😒🙁😐🙂😃

Slide 17 - Poll

Vond je deze interactive manier van les geven leuk?
010

Slide 18 - Poll

Ik ben voor ...% voorbereid op de toets.
0100

Slide 19 - Poll