In deze les zitten 44 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.
Lesduur is: 45 min
Dit is niet oké
Onderdelen in deze les
Hormonen
Slide 1 - Tekstslide
Welke hormonen ken je?
Slide 2 - Open vraag
leerdoel
je herkent de werking van hormonen bij de voortplanting van de mens
Slide 3 - Tekstslide
hormoonstelsel
Hormoonstelsel bij de mens
Slide 4 - Tekstslide
Hormoonstelsel
Hormonen regelen langzame processen:
groei,
ontwikkeling,
stofwisseling
voortplanting
Slide 5 - Tekstslide
Hormonen
chemische stof
specifieke werking
regulerende stoffen
hormoonklieren maken hormonen
Slide 6 - Tekstslide
werking van hormonen
hormonen beïnvloeden:
groei,
ontwikkeling
stofwisseling
Hormonen zijn stoffen die de werking van bepaalde organen bepalen
Bijvoorbeeld; hormonen stimuleren de verbranding in cellen (stofwisseling)
Slide 7 - Tekstslide
Hoe werken hormonen?
Wat zijn hormonen?
Hormonen zijn regelstoffen
Hormoonklieren maken deze stoffen
Bij signaal (van zenuwcel of ander hormoon)
geven de cellen stoffen af aan het bloed
Slide 8 - Tekstslide
Wat is de functie van hormonen?
A
Hormonen verwerken de impulsen die afkomstig zijn van spiercellen
B
Hormonen zorgen voor het voedsel van het hormoonstelsel
C
Hormonen zorgen voor snelle reacties op prikkels
D
Hormonen regelen de werking van weefsels en organen die er gevoelig voor zijn.
Slide 9 - Quizvraag
Hypofyse
Slide 10 - Tekstslide
hypofyse
In de puberteit produceert de hypofyse hormonen : FSH en LH
Slide 11 - Tekstslide
Geslachtshormonen
De hypofyse regelt dan weer de werking van de geslachtshormonen
De man:
Testosteron in de zaadballen
De vrouw:
Oestrogeen in de eierstokken
Slide 12 - Tekstslide
0
Slide 13 - Video
Regeling bij de man
Slide 14 - Tekstslide
mannelijke hormonen
hypofyse produceert FSH en LH
FSH - stimuleert productie zaadcellen
LH - stimuleert productie testosteron
productie FSH en LH is constant van puberteit tot hoge ouderdom
Slide 15 - Tekstslide
testosteron is o.a. verantwoordelijk voor de secundaire geslachtskenmerken bij een jongen
Testosteron is verantwoordelijk voor de secundaire geslachtskenmerken bij een jongen.
Slide 16 - Tekstslide
Regeling bij de man
+ stimuleert een proces
- remt een proces
Slide 17 - Tekstslide
https:
Slide 18 - Link
Hoe heet het mannelijk groeihormoon?
A
Testosteron
B
Insuline
C
Oestrogeen
D
Melatonine
Slide 19 - Quizvraag
Welk hormoon produceren de zaadballen?
A
oestrogeen
B
testosteron
C
adrenaline
D
insuline
Slide 20 - Quizvraag
Welke hormoonklier is dit?
A
kleine hersenen
B
eilandjes van langerhands
C
hypofyse
D
schildklier
Slide 21 - Quizvraag
Regeling bij de vrouw
Slide 22 - Tekstslide
Menstruatiecyclus
Slide 23 - Tekstslide
Slide 24 - Video
rijpende follikel
Slide 25 - Tekstslide
Slide 26 - Tekstslide
Slide 27 - Tekstslide
Slide 28 - Tekstslide
Menstruatiecyclus
Menstruatie
Baarmoeder breekt slijmvlies af en voert dit af via de vagina.<div>Dit duurt gemiddeld 4 dagen (maar kan ook korter of langer!)</div>
Baarmoeder gaat opnieuw slijmvlies aanmaken.<div>Dit wordt langzaamaan weer dikker</div>
Ovulatie
<div>(ongeveer) 14 dagen na het<b> begin</b> van de menstruatie komt er een nieuwe eicel vrij uit de eierstok</div>
Baarmoederslijmvlies blijft dikker worden
Volgende menstruatie
<div>(ongeveer) 28 dagen na, het<b> begin</b> van, de vorige menstruatie is er opnieuw menstruatie. Dit gebeurt alleen als de eicel <b>niet</b> is bevrucht</div>
Cyclus herhaalt zich opnieuw
Slide 29 - Tekstslide
Menstruatiecyclus (niet zwanger)
Slide 30 - Tekstslide
www.bioplek.org
Slide 31 - Link
Menstruatiecyclus
Slide 32 - Tekstslide
https:
Slide 33 - Link
Slide 34 - Video
https:
Slide 35 - Link
Wanneer is een vrouw vruchtbaar?
A
Tijdens de menstruatie
B
tijdens de ovulatie
C
Vlak na de menstruatie
D
Vlak voor de menstruatie
Slide 36 - Quizvraag
Op dag 1 van de menstruatie cyclus begint de menstruatie
A
waar
B
niet waar
Slide 37 - Quizvraag
Wat gebeurt er op dag 14 in de menstruatie cyclus?
A
Ongesteld zijn
B
Ovulatie
C
Innesteling
D
Menstruatie
Slide 38 - Quizvraag
Hoe noem je dag 11 t/m 15 van de menstruatie cyclus?
A
menstruatie
B
ovulatie
C
bevruchting
D
vruchtbare periode
Slide 39 - Quizvraag
Dit proces heet?
A
Eisprong
B
Ovulatie
C
Menstruatie
D
Oestrogenatie
Slide 40 - Quizvraag
Menstruatiecycus: Menstratiecyclus: In welke periode is het hormoon progesteron hoog in de afbeelding op het digibord?
Slide 41 - Open vraag
Welk hormoon is verantwoordelijk voor de eisprong?
A
FSH
B
oestrogeen
C
LH
D
progesteron
Slide 42 - Quizvraag
Welke hormonen zijn nodig voor de vorming van zaadcellen?