Ordening Dierenrijk

Noem de vier rijken (30 seconden!!)
timer
0:30
1 / 34
volgende
Slide 1: Open vraag
BiologieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1,2

In deze les zitten 34 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Noem de vier rijken (30 seconden!!)
timer
0:30

Slide 1 - Open vraag

Om de dieren in te delen in stammen kijken we naar twee kenmerken. Namelijk naar ......
A
... de soort cellen en de symmetrie
B
... de tweezijdige symmetrie en de veelzijdige symmetrie
C
... waar het skelet van gemaakt is en of het inwendig is
D
... naar het skelet en de symmetrie

Slide 2 - Quizvraag

Deze zeester is:
A
Niet-symmetrisch
B
Tweezijdig symmetrisch
C
Veelzijdig symmetrisch

Slide 3 - Quizvraag


A
inwendig skelet
B
uitwendig skelet
C
geen skelet

Slide 4 - Quizvraag


A
inwendig skelet
B
uitwendig skelet
C
geen skelet

Slide 5 - Quizvraag

Waar behoort dit dier bij?
A
weekdieren
B
stekelhuidigen
C
gewervelden
D
geleedpotigen

Slide 6 - Quizvraag

Welke van de stammen heeft meestal geen skelet?
A
stekelhuidigen
B
neteldieren
C
weekdieren
D
sponsdieren

Slide 7 - Quizvraag

Heeft een vlieg een inwendig of een uitwendig skelet?
A
Inwendig skelet
B
Uitwendig skelet

Slide 8 - Quizvraag

Een mier heeft ..
A
Inwendig skelet
B
Uitwendig skelet
C
Geen skelet
D
skelet?

Slide 9 - Quizvraag

Een octopus heeft ..
A
Inwendig skelet
B
Uitwendig skelet
C
Geen skelet
D
skelet?

Slide 10 - Quizvraag

Dit zijn dus?
A
Gewervelden
B
Geleedpotigen
C
weekdieren
D
neteldieren

Slide 11 - Quizvraag

Leerdoelen Gewervelden
  • Je benoemt welke kenmerken worden gebruikt om gewervelde dieren in te delen.
  • Je deelt gewervelde dieren in klassen in op basis van kenmerken.

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Ordening in het DIERENRIJK

GEWERVELDEN:  (een wervelkolom, een schedel en ribben)

                  - Vijf groepen (Klassen):

                          1. VISSEN

                          2. AMFIBIËN

                          3. REPTIELEN

                          4. VOGELS

                          5. ZOOGDIEREN

Slide 14 - Tekstslide

Kenmerken van gewervelden
De vijf groepen gewervelden kun je onderscheiden door te letten op de volgende kenmerken:

1. De huid
2. De lichaamstemperatuur
3. De ademhalingsorganen
4. De manier van voortplanten
5. De leefomgeving / milieu

Slide 15 - Tekstslide

Vissen
kenmerken

Slide 16 - Tekstslide

kenmerken

Slide 17 - Tekstslide

kenmerken

Slide 18 - Tekstslide

kenmerken

Slide 19 - Tekstslide

kenmerken

Slide 20 - Tekstslide

Gewervelden zijn....
A
tweezijdig symmetrisch
B
veelzijdig symmetrisch
C
niet-symmetrisch

Slide 21 - Quizvraag

De gewervelden worden opgedeeld in...
A
klassen
B
orden
C
rijken
D
families

Slide 22 - Quizvraag

Welke gewervelden hebben eieren met een leerachtige schaal?
A
Vissen
B
Amfibieen
C
Reptielen
D
Vogels

Slide 23 - Quizvraag

Welke van onderstaande gewervelden zijn warmbloedig?
Meerdere antwoorden mogelijk.
A
vogels
B
vissen
C
zoogdieren
D
reptielen

Slide 24 - Quizvraag

Bij de verdere indeling van de gewervelden letten we onder andere op:
A
Huidbedekking en lichaamstemperatuur
B
De aanwezigheid van bladgroenkorrels en de leefomgeving.
C
manier van voortbewegen en ademhalingsorganen
D
De lichaamsgrootte en de leefomgeving.

Slide 25 - Quizvraag

Wat is het verschil tussen een reptiel en een zoogdier?
A
Reptielen hebben een staart
B
Reptielen hebben een ruggengraat
C
Reptielen leggen eieren
D
Reptielen kunnen niet vliegen

Slide 26 - Quizvraag

Reptielen zijn koudbloedig?
A
ja
B
nee

Slide 27 - Quizvraag

Welke gewervelden hebben eieren met een leerachtige schaal?
A
Vissen
B
Amfibieen
C
Reptielen
D
Vogels

Slide 28 - Quizvraag

In de afbeelding zie je een bruinvis.

Bruinvissen leven in de zee. Ze halen adem met longen en ze zijn warmbloedig. Tot welke groep van de gewervelden behoort de bruinvis?
A
amfibieen
B
vissen
C
zoogdieren

Slide 29 - Quizvraag

Koud- of warmbloedig?

haai
A
koudbloedig
B
warmbloedig

Slide 30 - Quizvraag


A
Koudbloedig
B
Warmbloedig

Slide 31 - Quizvraag

Welke huidbedekking hebben reptielen?
A
Schubben met slijm
B
Droge schubben
C
beharing
D
gladde huid met slijm

Slide 32 - Quizvraag

Week 38
  • Leerdoelen/criteria t/m week 37 beheersen.
Week 39
  • Formatiefve check leerdoelen/criteria t/m dierenrijk
  • INdeling van het Plantenrijk

Slide 33 - Tekstslide

Slide 34 - Tekstslide