3.3 Onveiligheid en beeldvorming

Hoofdstuk 3
3.3 Onveiligheid en beeldvorming
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
MaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 3
3.3 Onveiligheid en beeldvorming

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoel 

Aan het eind van deze les ..

-weet je het verschil tussen objectieve en subjectieve veiligheid
-Begrijp je hoe de media de beeldvorming beïnvloed
- Kan je uitleggen welke verschillende theorieën er zijn m.b.t. beïnvloeding van de media


Slide 2 - Tekstslide

Noorwegen: normaliteitsbeginsel en resocialisatie
Peru: vergelding, korte termijnvisie gericht op nu straffen niet op terugkeer in de samenleving
Veiligheid wordt overal in de wereld anders benaderd. Dat zie je o.a. terug in de behandeling van criminelen.

Slide 3 - Tekstslide

natuurlijke bedreigingen:
natuurrampen, epidemiën
3 soorten bedreigingen
technologische bedreigingen:
bv. brand, uitval systemen

sociale bedreigingen:
bv. oorlog

Slide 4 - Tekstslide

                   ontstaan risicomaatschappij
De mens moet zich beschermen tegen natuurlijke bedreigingen.
maar nu beginnen de menselijke uitvindingen zelf een bedreiging voor ons te worden

Slide 5 - Tekstslide

Kies deze les voor één van de volgende bedreigingen:
1)terroristische aanslag 2)kernenergieramp 3)deep fakes 4)aanranding 5)corona 6)drill rap 7)eigen keuze

Slide 6 - Open vraag

1) Is het bij jouw bedreiging duidelijk wie er verantwoordelijk is voor de risico’s? Leg je antwoord uit.
2) Kan de politiek het makkelijk eens worden over de juiste aanpak van jouw bedreiging? Leg je antwoord uit.

Slide 7 - Open vraag

Wat voor een soort vraagstuk is jouw bedreiging?
A
Maatschappelijk vraagstuk, het staat namelijk hoog op de publieke agenda.
B
Politiek vraagstuk, de staat moet veiligheid verschaffen en de orde handhaven.
C
Politiek vraagstuk, een groot aantal mensen is van mening dat de overheid actie moet ondernemen om de veiligheid te vergroten.
D
Het is een combinatie van vraagstukken.

Slide 8 - Quizvraag

       veiligheidsgevoel
Objectieve veiligheid:

Het aantal misdrijven en ongevallen en de kans op rampen
Subjectieve veiligheid:

Gevoel van dreiging en onveiligheid
de werkelijke veiligheid en de subjectieve veiligheid liggen vaak van elkaar verwijderd.

Slide 9 - Tekstslide

Is er bij jouw bedreiging een groot verschil tussen de objectieve en subjectieve (on)veiligheid? Leg je antwoord uit.

Slide 10 - Open vraag

Beeldvorming rondom (on)veiligheid
- Hoe mensen de risico’s inschatten voor wat betreft de bedreiging van hun veiligheid wordt beïnvloed door de informatie die zij daarover ontvangen.

- De beeldvorming door de media speelt 
hierbij een grote rol. 

- Berichtgeving in de media kan het gevoel
 van subjectieve (on)veiligheid vergroten.

Slide 11 - Tekstslide

                   rol van de media
selectieviteitshypothese

Datgene wat je hoort of ziet en aansluit bij je referentiekader blijft je beter bij. Het bevestigd je mening. (selectieve perceptie)
cultivatiehypothese

het beeld van de werkelijkheid wordt beïnvloed door wat je in de media leest. Kijk je veel crimeseries dan denk je dat het de realiteit is dat er veel moorden gebeuren

Slide 12 - Tekstslide

Is het bij jouw bedreiging zo dat berichtgeving in de media het gevoel van subjectieve (on)veiligheid vergroot. Leg je antwoord uit.

Slide 13 - Open vraag

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Selectieve perceptietheorie
Het zijn de ontvangers zelf die bepalen hoe ze door de massamedia beïnvloedt worden. Ze maken keuzes op basis van hun eigen referentiekader.

- Selectieve perceptie / selectieve interpretatie
- Selectief onthouden
- Selectieve aandacht

Slide 16 - Tekstslide

Cultivatietheorie
Theorie veronderstelt dat door de cultiverende en socialiserende functie van de TV het wereldbeeld van de zware TV-kijkers sterker overeenkomt met de TV-werkelijkheid dan de werkelijkheid van de lichte TV-kijkers.

Mensen gaan geloven dat wat ze op TV zien ook echt is. Ze nemen daardoor dezelfde normen en waarden over.

Opsporing verzocht liet mensen geloven dat allochtonen bijna altijd crimineel zijn.

Slide 17 - Tekstslide

Wat zie je?
Wat zie je?

Slide 18 - Tekstslide

Agendasettingtheorie
Hoewel de media geen direct effect hebben op de meningen van mensen, bepalen media wel wat mensen belangrijk vinden en waar mensen het over hebben. 

Dit doen ze door veel of weinig aandacht te geven aan bepaalde onderwerpen.

Zo bepalen zij wat op de agenda komt en niet.

Slide 19 - Tekstslide

Injectienaaldtheorie
Ontvangers van informatie nemen alle informatie klakkeloos over. Hierdoor wordt precies zo gereageerd zoals de media dat zou willen van de mensen.

Zo ontstaat er een druppelsgewijze beïnvloeding van mensen met nieuwsberichten die neerslaan op de passief ontvangende mensen door de massamedia.

Slide 20 - Tekstslide

Keuzewerk
Maken: samenvatting t/m 3.3 
Opdracht: 13 t/m 17 

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Video

Slide 23 - Link