Brief H5 Schrijfvaardigheid - strategieën

Schrijfvaardigheid  Duits
Strategiën en oefenen
1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 5

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Schrijfvaardigheid  Duits
Strategiën en oefenen

Slide 1 - Tekstslide

Lieber Fritz / Liebe Lisa,

vielen Dank für deinen Brief. Natürlich hätte ich dir viel früher schreiben müssen, aber du kennst das ja: am Anfang des Schuljahres hat man immer viel zu tun. Wie geht’s dir? Hat deine Schule schon angefangen?
 
Ich habe endlich einen Job gefunden! Es gab nach den Ferien eine Stelle im Supermarkt. Ein Klassenkamerad machte mich darauf aufmerksam. Sein Chef hatte ihn gefragt, ob er noch jemanden kennt, der aushelfen kann. Da ist er zu mir gekommen. Ich habe natürlich sofort ja gesagt!
 
Mit dem Geld, das ich jetzt verdienen werde, kann ich nächstes Jahr Ferien machen. Vielleicht könnte ich mal zu dir kommen. Was hältst du davon? Wann hast du Ferien? Oder hast du schon andere Pläne? Wenn ja, schreib sie mir bitte in deiner Antwort.
 
Schreib bald wieder. Schönen Gruß an deiner Familie.
 
Alles Gute

Marie



 Zierikzee, den 12. Januar

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Video

Informele brief of e-mail
  • Voor je SE 2 schrijf je een informele brief of e-mail. 
  • In deze LessonUp herhaal je de regels voor het schrijven van een brief of e-mail     
               - Ort und Datum
               - Anrede (aanhef)
               - Erster Buchstabe klein
               - Absätze (alinea's)
               - Grußformel (afsluiten van je brief)
        
  • In deze LessonUp oefen je met de regels en Praktische Sätze


Slide 4 - Tekstslide

Ort und Datum
Wanneer je je brief begint, noteer je de plaats (van waar je schrijft) en datum rechts boven op je brief.

Bijvoorbeeld: 
Barneveld, den 21. November 2022
Barneveld, 21.11.2022

Slide 5 - Tekstslide

Anrede (aanhef)
Je begint je brief altijd met een aanhef.

Als je aan een meisje schrijft: Liebe Anna,
Als je aan een jongen schrijft: Lieber Peter,

! Vergeet hier niet de komma!

Slide 6 - Tekstslide

Erste Buchstabe klein
Na je aanhef begin je je brief:

Liebe Anna,
wie geht es dir?

--> je begint dus met een kleine letter !

Slide 7 - Tekstslide

Absätze (alinea's)
Ook in een brief is het belangrijk voor de lezer dat hij/zij een helder verhaal krijgt. Gebruik daarom alinea's.

- elk deelonderwerp is 1 alinea
- zorg dat de alinea's netjes op elkaar aansluiten
- tijdens je SE noteer je het deelonderwerp voor de kantlijn

Slide 8 - Tekstslide

Grußformel (slotgroet)
Je sluit een persoonlijke brief of mail af met een groet.
Na de laatste zin groet je met bijvoorbeeld:
- Tschüs!
- Mach's gut!
- Viele Grüße 
- Alles Gute
LET OP: na de groet krijg je GEEN komma

Gevolgd door je naam (dit schrijf je onder de groet)
als je een meisje bent: Deine Christel
als je een jongen bent: Dein Hans

Slide 9 - Tekstslide

Eens even kijken of jullie het doorhebben...

Slide 10 - Tekstslide

De datum bij een brief noteer je zo:
A
11 November, Ede
B
Ede, 11 November 2020
C
Ede, den 11. November 2020
D
den 11. November, Ede

Slide 11 - Quizvraag

Hoe is de aanhef als je een brief
of e-mail aan Anne stuurt?

Slide 12 - Open vraag

Hoe is de aanhef als je een brief
of e-mail aan Peter stuurt?

Slide 13 - Open vraag

De eerste letter van de inhoud (na de aanhef) is een...
A
hoofdletter
B
kleine letter

Slide 14 - Quizvraag

de juiste afsluiting is:
A
liebe grüße
B
Grüße
C
Liebe Grüße
D
Liebe grüsse

Slide 15 - Quizvraag

Je eindigt de persoonlijke brief of e-mail met je...
A
voornaam
B
voor- en achternaam
C
voorletter en achternaam
D
je achternaam

Slide 16 - Quizvraag

Hoe zeg je "hoe gaat het met je?"
in het Duits?
A
wie geht es mit dir?
B
wie geht es mit dich?
C
wie geht es dich?
D
wie geht es dir?

Slide 17 - Quizvraag

Bij een persoonlijke brief of e-mail spreek je degene aan met "Sie"
A
waar
B
niet waar

Slide 18 - Quizvraag

In een persoonlijke e-mail spreek je degene altijd aan met...

Slide 19 - Open vraag

Wat is correct?
A
Herzlichen dank
B
Herzlichen Dank
C
Herzlich Dank
D
Herzlich dank

Slide 20 - Quizvraag

Ik verheug me op jouw mail.
A
Ich verheue mich auf deine Mail.
B
Ich bin froh auf deine Mail.
C
Ich freue mich auf deine Mail.

Slide 21 - Quizvraag

Ik zou je iets willen vragen.
A
Ich möchte etwas fragen.
B
Ich hätte eine Bitte an dich.

Slide 22 - Quizvraag

Hoe reageer je goed op de vraag:
Wie geht es dir?
A
Mit mir geht es gut.
B
Mir geht es gut.

Slide 23 - Quizvraag

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Video