Wat is LessonUp
Lesbibliotheek
Kanalen
aiToolsTab
Inloggen
Start gratis
‹
Terug naar zoeken
Les 3 : Teksten nalezen met aandacht voor de (werkwoord)spelling
3 Teksten nalezen met aandacht voor de (werkwoord)spelling
S. Boulanger
S. Boulanger
1 / 47
volgende
Slide 1:
Tekstslide
Nederlands
Secundair onderwijs
In deze les zitten
47 slides
, met
interactieve quizzen
en
tekstslides
.
Lesduur is:
45 min
Start les
Bewaar
Deel
Printen
Dit is niet oké
Onderdelen in deze les
3 Teksten nalezen met aandacht voor de (werkwoord)spelling
S. Boulanger
S. Boulanger
Slide 1 - Tekstslide
Slide 2 - Tekstslide
Eens testen hoe het met de vervoeging van jouw werkwoorden is gesteld!
Slide 3 - Tekstslide
____ (t.t. afleiden) me niet af tijdens deze rit!
A
Lei
B
Leid
C
Leidt
D
Leiden
Slide 4 - Quizvraag
Hij ____ (v.t. afleiden) me af tijdens deze rit!
A
Leide
B
Leidde
C
Leidte
D
Leidden
Slide 5 - Quizvraag
Hij heeft me ____ (VD afleiden) tijdens deze rit!
A
afgeleid
B
afgeleidt
C
afgeleit
D
afgeleden
Slide 6 - Quizvraag
Je liefje ____ (t.t. vasthouden) je hand stevig ____.
A
houd ... vast
B
hou ... vast
C
houdt ... vast
D
houden ... vast
Slide 7 - Quizvraag
Je liefje ____ (v.t. vasthouden) je hand stevig ____.
A
hield ... vast
B
hieldt ... vast
C
hielt ... vast
D
hielden ... vast
Slide 8 - Quizvraag
Je liefje heeft je hand stevig ____ (VD vasthouden).
A
vastgehoud
B
vastgehoudt
C
vastgehouden
D
vastbehouden
Slide 9 - Quizvraag
Die jongens ___ (t.t. lachen) zo mooi naar ons.
A
lach
B
lacht
C
lachten
D
lachen
Slide 10 - Quizvraag
Die jongens ___ (v.t. lachen) zo mooi naar ons.
A
lachte
B
lachtte
C
lachten
D
lachtten
Slide 11 - Quizvraag
Die jongens hebben zo mooi naar ons ___ (VD lachen).
A
gelacht
B
gelachten
C
gelachen
D
belachen
Slide 12 - Quizvraag
Die jongens ___ (t.t. wachten) op ons.
A
wacht
B
wachte
C
wachten
D
wachtten
Slide 13 - Quizvraag
Die jongens ___ (v.t. wachten) op ons.
A
wachte
B
wachtte
C
wachten
D
wachtten
Slide 14 - Quizvraag
Die jongens hebben op ons ___ (VD wachten).
A
gewachte
B
gewachtte
C
gewachd
D
gewacht
Slide 15 - Quizvraag
Je ___ (t.t. besteden) veel geld aan die lamp.
A
besteed
B
besteedt
C
bested
D
besteden
Slide 16 - Quizvraag
Hij ___ (v.t. besteden) veel geld aan die lamp.
A
besteede
B
besteedde
C
besteeden
D
besteedden
Slide 17 - Quizvraag
Hij heeft veel geld aan die lamp ___ (VD besteden).
A
besteed
B
besteet
C
besteedt
D
besteden
Slide 18 - Quizvraag
De theorie!
De tegenwoordige tijd en de imperatief
Slide 19 - Tekstslide
Slide 20 - Tekstslide
p.25
Slide 21 - Tekstslide
Correct vervoegd
Niet correct vervoegd
Drink jij veel?
Jij drinkt veel.
Imane vind haar vriendin niet zo leuk.
Sam beantwoord de vraag .
Thelma aarzeld om te antwoorden.
Vermoedt toch weer niet het ergste!
Jij vermoed weer het ergste.
Slide 22 - Sleepvraag
De theorie!
De onvoltooid verleden tijd
Slide 23 - Tekstslide
Slide 24 - Tekstslide
Slide 25 - Tekstslide
Correct vervoegd
Niet correct vervoegd
Drinkte jij veel?
Jij bezoekte veel.
Monicah lachtte naar me.
Ibrahim en Jesse beantwoordden de vraag .
Olivia aarzelde om te antwoorden.
Hij vermoedde het ergste.
Hij zwemde naar de overkant.
Slide 26 - Sleepvraag
De theorie!
Het voltooid deelwoord
Slide 27 - Tekstslide
Slide 28 - Tekstslide
Slide 29 - Tekstslide
Correct vervoegd
Niet correct vervoegd
Heb jij gedronken?
Jij hebt correct gehandeld.
Ron heeft de oefening bepaalt.
Lucas en Vicc hebben de vraag beantwoort .
Jolien heeft geaarzeld om te antwoorden.
Hij is veroordeeld tot 5 jaar cel.
Ze heeft die oefening verduidelijkd.
Slide 30 - Sleepvraag
We doen de oefening van in het begin opnieuw. Benieuwd hoe je het nu doet!
Slide 31 - Tekstslide
____ (t.t. afleiden) me niet af tijdens deze rit!
A
Lei
B
Leid
C
Leidt
D
Leiden
Slide 32 - Quizvraag
Hij ____ (v.t. afleiden) me af tijdens deze rit!
A
Leide
B
Leidde
C
Leidte
D
Leidden
Slide 33 - Quizvraag
Hij heeft me ____ (VD afleiden) tijdens deze rit!
A
afgeleid
B
afgeleidt
C
afgeleit
D
afgeleden
Slide 34 - Quizvraag
Je liefje ____ (t.t. vasthouden) je hand stevig ____.
A
houd ... vast
B
hou ... vast
C
houdt ... vast
D
houden ... vast
Slide 35 - Quizvraag
Je liefje ____ (v.t. vasthouden) je hand stevig ____.
A
hield ... vast
B
hieldt ... vast
C
hielt ... vast
D
hielden ... vast
Slide 36 - Quizvraag
Je liefje heeft je hand stevig ____ (VD vasthouden).
A
vastgehoud
B
vastgehoudt
C
vastgehouden
D
vastbehouden
Slide 37 - Quizvraag
Die jongens ___ (t.t. lachen) zo mooi naar ons.
A
lach
B
lacht
C
lachten
D
lachen
Slide 38 - Quizvraag
Die jongens ___ (v.t. lachen) zo mooi naar ons.
A
lachte
B
lachtte
C
lachten
D
lachtten
Slide 39 - Quizvraag
Die jongens hebben zo mooi naar ons ___ (VD lachen).
A
gelacht
B
gelachten
C
gelachen
D
belachen
Slide 40 - Quizvraag
Die jongens ___ (t.t. wachten) op ons.
A
wacht
B
wachte
C
wachten
D
wachtten
Slide 41 - Quizvraag
Die jongens ___ (v.t. wachten) op ons.
A
wachte
B
wachtte
C
wachten
D
wachtten
Slide 42 - Quizvraag
Die jongens hebben op ons ___ (VD wachten).
A
gewachte
B
gewachtte
C
gewachd
D
gewacht
Slide 43 - Quizvraag
Je ___ (t.t. besteden) veel geld aan die lamp.
A
besteed
B
besteedt
C
bested
D
besteden
Slide 44 - Quizvraag
Hij ___ (v.t. besteden) veel geld aan die lamp.
A
besteede
B
besteedde
C
besteeden
D
besteedden
Slide 45 - Quizvraag
Hij heeft veel geld aan die lamp ___ (VD besteden).
A
besteed
B
besteet
C
besteedt
D
besteden
Slide 46 - Quizvraag
einde
Slide 47 - Tekstslide
Meer lessen zoals deze
wiskunde-cijferend vermenigvuldigen met een zuiver tiental
February 2024
-
8 slides
Wiskunde
Lager onderwijs
T4 Spelling Herhaling
December 2025
-
15 slides
Nederlands
Lager onderwijs
Les 1 VRT Mobiliteit
18 days ago
-
53 slides
Mediawijsheid
Secundair onderwijs
EDUbox
Les 2 VRT Sociale media
18 days ago
-
70 slides
Mediawijsheid
Secundair onderwijs
EDUbox
EDUbox Energie: Een uitdaging voor jou en de wereld
18 days ago
-
65 slides
Secundair onderwijs
EDUbox
Mediawijsheid - Schaal van M
October 2025
-
14 slides
Mediawijsheid
Lager onderwijs
EDUbox Politiek: Jouw stem in ons politiek systeem
18 days ago
-
79 slides
Mediawijsheid
Secundair onderwijs
EDUbox
Vrij verkeer van goederen
February 2023
-
12 slides
Geschiedenis
Mens- en maatschappij
+2
Secundair onderwijs