1.3 lezen

Lezen 
timer
15:00
1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

Lezen 
timer
15:00

Slide 1 - Tekstslide

Welkom in deze les!




Pak je leesboek      Leg je                                                     spullen klaar





Geen telefoon         Laptop dicht

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoelen
Aan het eind van de paragraaf:
  • Ik kan de leesstrategieën verkennend en nauwkeurig lezen   toepassen;.
  • Ik kan de titel en tussenkopjes herkennen.
  • Ik kan het onderwerp en deelonderwerp benoemen.
  • Ik kan alinea’s herkennen.

Slide 3 - Tekstslide

Wat is een leesstrategie?
Ken je ook leesstrategieën, welke?

Slide 4 - Open vraag

Leesstrategie
Hoe je een tekst leest, hangt af van je doel. 

Als je snel wilt weten waar een tekst over gaat, lees je anders dan als je precies wilt weten wat er in een tekst staat. 

De verschillende manieren van lezen noem je leesstrategieën.

Slide 5 - Tekstslide

Leesstrategieën

Er zijn vier leesstrategieën:

  • verkennend lezen 
  • nauwkeurig lezen
  • zoekend lezen
  • studerend lezen

Slide 6 - Tekstslide

Wat lees of bekijk je bij verkennend lezen?

Slide 7 - Open vraag

Leesstrategie: verkennend lezen

Je leest verkennend als je een tekst bekijkt om een eerste indruk te krijgen. Je leest de tekst nog niet helemaal (misschien noemde je dit eerst globaal lezen)

Dat gaan we even oefenen: pak je boek op blz. 20 
Bekijk tekst 1: waar gaat het over?


Slide 8 - Tekstslide

verkennend lezen
Verkennend lezen doe je zo:
• lees de titel en de eerste en de laatste alinea;
• lees tussenkopjes en vet- of schuingedrukte woorden;
• bekijk eventuele afbeeldingen;
• lees de informatie onder de tekst (de bron).



Slide 9 - Tekstslide

verkennend lezen
Verkennend lezen doe je zo:
Stel jezelf daarbij vragen als:
• Wat is waarschijnlijk het onderwerp?
• Wat voor soort tekst is het? Bijvoorbeeld: een nieuwsbericht.
• Wat is het doel van de tekst? Bijvoorbeeld: de lezer informeren.
• Hoe is de tekst opgebouwd? Is er een duidelijke inleiding en een duidelijk slot?
• Wat is de bron (= waar komt de tekst vandaan) en wie is de schrijver?




Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

nauwkeurig lezen

Je leest nauwkeurig als je de tekst wilt begrijpen en precies wilt weten wat erin staat.

Slide 12 - Tekstslide

Hoe doe je dat, nauwkeurig lezen?

Slide 13 - Open vraag

nauwkeurig lezen
Nauwkeurig lezen doe je zo:
• Lees de tekst aandachtig, zin voor zin;
• Let op de informatie in de inleiding en het slot;
• Vraag je af wat het belangrijkste is wat over het onderwerp wordt gezegd;
• Stel de betekenis vast van belangrijke moeilijke woorden;
• Bekijk wat het verband is tussen de verschillende delen van de tekst.

Slide 14 - Tekstslide

even oefenen
Maak van 1.3 opdracht 3, 4 en 5

Slide 15 - Tekstslide

Welke leesstrategieën heb ik in de les besproken (twee stuk)

Slide 16 - Open vraag

deel 2

Slide 17 - Tekstslide

Welkom in deze les!




Pak je leesboek      Leg je                                                     spullen klaar





Geen telefoon         Laptop dicht

Slide 18 - Tekstslide

Lezen 
timer
15:00

Slide 19 - Tekstslide

Leerdoelen
Aan het eind van de paragraaf:
  • Ik kan de leesstrategieën verkennend en nauwkeurig lezen   toepassen;.
  • Ik kan de titel en tussenkopjes herkennen.
  • Ik kan het onderwerp en deelonderwerp benoemen.
  • Ik kan alinea’s herkennen.

Slide 20 - Tekstslide

Wat is een titel en waar vind je de titel?

Slide 21 - Open vraag

Titel
  • Bijna elke tekst heeft een titel. 
  • Soms staat in  de titel het onderwerp van de tekst. 
  • Staat het onderwerp er niet precies in, dan geeft de titel     meestal een aanwijzing over het onderwerp. 
  • Een titel in een (online) krant noem je ook wel kop of   krantenkop (wat is de titel van deze tekst?)

Slide 22 - Tekstslide

Maar wat is een tussenkopje?

Slide 23 - Open vraag

tussenkopje
  • Een tussenkopje vind je in de tekst boven tekstgedeelten
  • De tussenkopjes vertellen je steeds waar het tekstgedeelte      over gaat

Zo kun je gemakkelijk in een tekst deelonderwerpen vinden
Wat zijn de tussenkopjes van tekst 4 op blz. 25?

Slide 24 - Tekstslide

even oefenen
Maak van 1.3 opdracht 7
Klaar? Ga stillezen
timer
5:00

Slide 25 - Tekstslide

Het onderwerp 
Het onderwerp van een tekst beschrijft waar de tekst over gaat. 

Als je snel wilt weten wat het onderwerp is, kijk je naar de titel en lees je de eerste alinea.


 


Slide 26 - Tekstslide

Het deelonderwerp
Een deelonderwerp is een tekstgedeelte dat een deel van het onderwerp behandelt. 

Het deelonderwerp kan uit één alinea bestaan, maar ook uit meer alinea’s.

Soms vertelt een tussenkopje je al wat het deelonderwerp is.

Slide 27 - Tekstslide

even oefenen
Maak van 1.3 opdracht 8
Klaar? stillezen
timer
1:00

Slide 28 - Tekstslide

Wat is een alinea?

Slide 29 - Open vraag

alinea 
Elke wat langere tekst is opgedeeld in alinea’s. In een alinea wordt een stukje van het (deel)onderwerp behandeld.

Hoeveel alinea's heeft tekst 4 op blz. 25?


Slide 30 - Tekstslide

hoe herken je een alinea
Zo herken je een alinea:
• de laatste zin in de alinea loopt meestal niet helemaal door tot het eind van de regel;
• de eerste regel springt soms in;
• soms staat er een witregel tussen twee alinea’s.
Let op: In Talent zijn de alinea’s meestal genummerd, zodat je precies weet naar welke alinea’s er verwezen wordt in opdrachten. In het ‘echt’ vind je geen nummers voor alinea’s.

Slide 31 - Tekstslide

even oefenen
Maak van 1.3 th1c:opdracht 10 en 11 
th1a en th1b:opdracht 10,11,12,13,14 en 21 
Klaar? Ga verder met stillezen

Slide 32 - Tekstslide

Leerdoelen
Aan het eind van de paragraaf:
  • Ik kan de leesstrategieën verkennend en nauwkeurig lezen   toepassen;.
  • Ik kan de titel en tussenkopjes herkennen.
  • Ik kan het onderwerp en deelonderwerp benoemen.
  • Ik kan alinea’s herkennen.

Slide 33 - Tekstslide

huiswerk voor deze week
Maak van 1.3 opdracht 6,7,8,10,11,12,13,14,
en 21
       Test jezelf 1.3 en overhoor jezelf 1.3 (doen we in de les)
 

Slide 34 - Tekstslide

Waaraan herken je een alinea?
(er zijn 3 kenmerken)

Slide 35 - Open vraag