Argumenteren drogredenen deel 2

Havo 4 argumenteren
Drogredenen deel 2
1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Havo 4 argumenteren
Drogredenen deel 2

Slide 1 - Tekstslide

Na vandaag
- Hebben we argumentatiestructuren en drogredenen op basis van argumentatiestructuren herhaald.
- Ken je de drogredenen op basis van foutieve argumentatie.
- Kun je drogredenen herkennen.

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Video

Welke argumentatieschema's ken je nog?

Slide 4 - Woordweb

Mobiele telefoons moeten tijdens de les uit staan. In het theater en in de bioscoop moet dat namelijk ook.


Van welk argumentatieschema is hier sprake?
A
Autoriteit
B
Kenmerk of eigenschap
C
Vergelijking
D
Voorbeeld

Slide 5 - Quizvraag

Onze geschiedenisleraar is opgegroeid in een Indisch gezien: hij zal dit pittige gerecht zeker waarderen.


Van welk argumentatieschema is hier sprake?
A
Autoriteit
B
Kenmerk of eigenschap
C
Vergelijking
D
Voorbeeld

Slide 6 - Quizvraag

Nederland moet een groot vliegveld in de Noordzee aanleggen. Er is daar geen gebrek aan ruimte en niemand zal klagen over geluidsoverlast.

Van welk argumentatieschema is hier sprake?
A
Autoriteit
B
Oorzak en gevolg
C
Vergelijking
D
Voor-en nadelen

Slide 7 - Quizvraag

Drogredenen: fouten in argumentaties
Er zijn twee groepen drogredenen: 
- Er wordt een argumentatieschema onjuist gebruikt
- Er wordt een discussieregel overtreden

Slide 8 - Tekstslide

Wat zijn de voordelen van het herkennen van drogredenen?

Slide 9 - Open vraag

Onjuist gebruik van het argumentatieschema (6)
  • Oorzaak-gevolgschema (ook wel: beroep op causaliteit)
  • Kenmerk- of eigenschapsschema
  • voor- en nadelenschema (overdrijven én vals dilemma)
  • Voorbeeldschema (overhaaste generalisatie)
  • Vergelijkingsschema (verkeerde vergelijking)
  • Autoriteitsschema

Slide 10 - Tekstslide

Diederik is een hooligan (standpunt), want hij zit onder de tattoos (argument).

Van welk argumentatieschema wordt hier onjuist gebruik gemaakt?
A
Autoriteit
B
Kenmerk of eigenschap
C
Vergelijking
D
Voorbeeld

Slide 11 - Quizvraag

Veel huwelijken eindigen in een nare vechtscheiding (argument). Daarom kunnen mensen maar beter niet meer trouwen (standpunt).


Van welk argumentatieschema wordt hier onjuist gebruik gemaakt?
A
Autoriteit
B
Oorzak en gevolg
C
Vergelijking
D
Voor- en nadelen

Slide 12 - Quizvraag

Formuleer zelf een drogreden bij het standpunt:
'Alle kinderen moeten in de zomervakantie naar zomerschool'

Slide 13 - Open vraag

Vandaag
Drogredenen op basis van het overtreden van een discussieregel --> vaak geen argumenten gegeven of verkeerde formulering:
  • persoonlijke aanval
  • het ontduiken van bewijslast
  • vertekenen van het standpunt
  • bespelen van publiek
  • cirkelredenering

Slide 14 - Tekstslide

Persoonlijke aanval
Wanneer iemand niet ingaat op de argumenten van de tegenstander maar de tegenstander beschuldigt van iets naars. Bijvoorbeeld: onkunde, onbetrouwbaarheid of andere slechte eigenschappen.

Jij weet helemaal niks over gezond en gevarieerd eten, je bent zelf veel te zwaar!

Slide 15 - Tekstslide

Het ontduiken van bewijslast
Iemand beweert iets en vraagt vervolgens de tegenpartij om bewijs voor het tegendeel of wil geen argumenten geven.

Natuurlijk moeten we meer bewegen, geef me één goede reden om dit niet te doen?!

Slide 16 - Tekstslide

Vertekenen van het standpunt
Het standpunt of het argument van de tegenstander wordt onjuist weergegeven.

Man: Ik vind vrouwen soms erg snel geïrriteerd.
Vrouw: Dus jij vindt dat ik een kort lontje heb?!

Slide 17 - Tekstslide

Bespelen van het publiek
Wanneer het standpunt zo wordt geformuleerd dat je er niet echt meer tegenin kan gaan.

U bent natuurlijk allemaal slim genoeg om mijn standpunt te begrijpen.

Slide 18 - Tekstslide

Cirkelredenering
Het standpunt wordt ondersteund door het (anders verwoord) herhalen van het standpunt.

ik vind vrijheid van meningsuiting erg belangrijk, omdat ik vind dat iedereen moet kunnen zeggen wat hij of zij denkt.

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Video

Welke drogreden gebruikt Gordon hier, naast de persoonlijke aanval?
A
Bespelen van het publiek
B
Onjuiste oorzaak-gevolgrelatie
C
Overhaaste generalisatie
D
Cirkelredenering

Slide 21 - Quizvraag

Slide 22 - Video

Welke drogreden gebruikt Arjen Lubach hier?
A
Persoonlijke aanval
B
Ontduiken van bewijslast
C
Vertekenen van het standpunt
D
Overhaaste generalisatie

Slide 23 - Quizvraag

Slide 24 - Video

Welke drogreden gebruikt Johan Derksen hier?
A
Verkeerde vergelijking
B
Vertekenen van het standpunt
C
Persoonlijke aanval
D
Cirkelredenering

Slide 25 - Quizvraag

Huiswerk
Opdracht 7 t/m 12 blz. ...

Slide 26 - Tekstslide