cross

Zomercursus Milousha

Hoofdstuk 1 Atoombouw
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
scheikundeSecondary Education

In deze les zitten 28 slides, met tekstslides.

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 1 Atoombouw

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Thema's
  • Atomen
  • Ionen
  • Isotopen
  • Het periodiek systeem

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Atoom









Atomaire massa-eenheid (u):  1,00 u = 1,66 x 10-27 kg 
Tabel 7B BINAS

Atoomnummer= aantal protonen (eigenschap van element)
soort deeltje
lading
massa (U)
proton
1+
1,00
neutron
0
1,00
elektron
1-
0

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ionen
= geladen deeltje

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Isotopen
Isotopen: Zelfde aantal protonen, maar verschillend aantal neutronen
Tabel 25 BINAS


bijvoorbeeld:
koolstof heeft atoonmummer 6, maar kan massagetal 12/ 13/ 14 hebben
Notaties:
C-12 ,   C-13  en  C-14

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Periodiek systeem
Tabel 99 BINAS

  • 1e groep: alkalimetalen (uitzondering waterstof (H))  -zeer reactief                        -reageert heftig met water, waarbij het element altijd een +1 ion wordt 
  • 2e groep: aardalkalimetalen                -minder reactief                    -ontstaat altijd +2 ion
  • 17e groep: halogenen          -neemt graag 1 elektron    
  • 18e groep: edelgassen        -reageert niet met anderen
elementen in zelfde groep hebben vergelijkbare eigenschappen
Tekst

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vraag 1
Van een onbekend element is het massagetal 275. 
De kernlading is +114.
a. Uit hoeveel neutronen en elektronen bestaat dit element

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vraag 2
Een isotoop van element Y heeft atoomnummer 26 en massagetal 58.
a. Om welk element gaat het hier?
b. Geef de notatie van deze isotoop op twee verschillende manieren weer.

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Huiswerk 
paragraaf 
blz
opgave
1
10
1 t/m 9
2
13
1 t/m 4
4
17
1 t/m 8

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoofdstuk 2 Bindingstypen

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Thema's
  • Covalente binding
  • polaire en apolaire binding
  • Ionen en ionbinding
  • Ion/metaal roosters
  • Molecuulrooster

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Atoombinding (covalente binding)
  • Binding tussen atomen in een molecuul 
  • Heel sterke binding 
  • Verbreekt alleen bij chemische reacties 
  • is gelijk aan het aantal elektronen die het atoom nodig heeft om op een edelgas te lijken 
 
H- covalentie 1
O- covalentie 2

Slide 12 - Tekstslide

elektronenpaar die gedeeld worden tussen atomen.

bij dubbele bindingen heb je dan 2 elektronenpaar dat met elkaar gedeeld wordt.
Polaire en apolaire atoombinding
  • Elektronegativiteit: Tabel 40A BINAS
  • Geeft aan hoe hard een kern aan elektronen trekt
  • Verschil tussen 0,5 en 1,6 duidt polaire atoombinding aan, kleiner dan 0,5 apolaire atoombinding (geen dipool)


H=2,1 Cl=3,2
Cl trekt iets harder aan elektronen
Gedeeld elektronenpaar zit dichter bij Cl dan H
H is een beetje + en Cl een beetje - (dipool)

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ionbinding


  • verschil tussen elektronegativiteit groter dan 1,6 duidt aan dat elektronen overgedragen worden, er ontstaan ionen
  • Aantrekking tussen + en - ionen noem je de ionbinding.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Metalen
Rooster (vrije elektronen)

Slide 15 - Tekstslide

sterke binding.
elektronen kunnen vrij bewegen in het rooster, waardoor het makkelijk warmte en stroom kan geleiden.
Ionrooster

Slide 16 - Tekstslide

regelmatig stapeling van positieve en negatieve ionen.
Binding is sterk.
Molecuulrooster
  • Het patroon van het molecuulrooster hangt af van de stof.
  • tussen de moleculen is er vanderwaalsbinding (zwakke binding)
  • polaire stoffen hebben dipool-dipoolbinding. (zijn sterker dan vanderwaalsbinding)
  • H-bruggen (binding tussen moleculen met OH en/of NH groepen)

Slide 17 - Tekstslide

hoe groter de molecuul hoe sterker de vanderwaalsbinding

H-bruggen sterkste binding 


Vraag 3
Wanneer spreken we over een polaire binding?

Slide 18 - Tekstslide

polaire binding is een binding tussen atomen, daarbij moet het verschil tussen de elektronennegativiteit tussen 0,5 en 1,6 zijn. Dit betekent dat de ene atoom de gedeelte elektronenpaar meer naar zich toe trekt dan de andere.
Vraag 4
Kun je de verschillende soorten binding benoemen?

Slide 19 - Tekstslide

1) vanderwaalsbinding (tussen moleculen)
2) atoombinding - polair/ apolair
3) H-bruggen
4) ionbinding

 
Huiswerk 
paragraaf 
blz
opgave
1
19
1, 3, 4, 6, 7
2
22
1 t/m 5
4
26
1, 2
5
29
1 t/m 6

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoofdstuk 3 
Namen en formules van stoffen

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Thema's
  • Moleculaire stoffen
  • Zouten
  • Alkanen
  • Alkenen
  • Alkynen

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Soorten stof
  • Verschillende combinaties van atomen mogelijk
  • Stoffen kunnen in verschillende fases voorkomen: gas(g), vloeibaar (l), vast (s) of opgelost in water (aq)
 

Slide 23 - Tekstslide

elektronenpaar die gedeeld worden tussen atomen.

bij dubbele bindingen heb je dan 2 elektronenpaar dat met elkaar gedeeld wordt.
2-atomaire stoffen
  • Combinatie van eigen element

 
2-atomaire stoffen zijn niet ontleedbaar
-waterstof (H2)                  -zuurstof (O2)
-fluor (F2)                            -chloor (Cl2)
-jood (I2)                              -stikstof (N2)
-broom (Br2)

Slide 24 - Tekstslide

elektronenpaar die gedeeld worden tussen atomen.

bij dubbele bindingen heb je dan 2 elektronenpaar dat met elkaar gedeeld wordt.
Moleculaire stoffen
  • Combinatie van niet-metaal met een niet-metaal atoom
  • Bij rationele/ systematische naam wordt er een griekse telwoord voor de atoomsoort geplaats. Achter de naam van het tweede element komt de uitgang -ide. Tabel 66C, BINAS
  • Triviale naam: Tabel 66A, BINAS
 
Glucose
C6H12O6

Slide 25 - Tekstslide

elektronenpaar die gedeeld worden tussen atomen.

bij dubbele bindingen heb je dan 2 elektronenpaar dat met elkaar gedeeld wordt.
Zouten
  • Combinatie van metaal met een niet-metaal ion 
  • De combinatie moet elektrisch neutraal zijn, dus let op de verhouding
  • bv aluminiumsulfaat
(Al3+)2(SO42-)3     
element
aluminium
Sulfaat
symbool
Al3+
SO42-
verhouding
2
3
 Al2(SO4)3

Slide 26 - Tekstslide

elektronenpaar die gedeeld worden tussen atomen.

bij dubbele bindingen heb je dan 2 elektronenpaar dat met elkaar gedeeld wordt.
Alkanen/ Alkenen/ Alkynen

Slide 27 - Tekstslide

elektronenpaar die gedeeld worden tussen atomen.

bij dubbele bindingen heb je dan 2 elektronenpaar dat met elkaar gedeeld wordt.
Karakteristieke groep

Slide 28 - Tekstslide

elektronenpaar die gedeeld worden tussen atomen.

bij dubbele bindingen heb je dan 2 elektronenpaar dat met elkaar gedeeld wordt.