4BB en 4GL Zakelijke e-mail

Nederlands
Leerjaar 4
Zakelijke e-mail
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo b, k, gLeerjaar 1-4

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Nederlands
Leerjaar 4
Zakelijke e-mail

Slide 1 - Tekstslide

Agenda
1. Leerdoel(en) bespreken
2. Terugblik/voorkennis ophalen
3. Theorie
4. Samen oefenen

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoel(en)
Aan het einde van deze les ...
1. weet ik wat het verschil tussen een zakelijke brief en e-mail is.
2. weet ik wat het verschil tussen een zakelijke en persoonlijke e-mail is.
3. kan ik het verschil tussen formeel en informeel taalgebruik benoemen.
4. weet ik wat de opbouw van een zakelijk e-mail is.

Slide 3 - Tekstslide

Wat weet je allemaal van een zakelijke e-mail?

Slide 4 - Woordweb

Terugblik/voorkennis
naam
aanhef
aanhef
inleiding
inleiding
middenstuk
middenstuk
slotzin
slotzin
beleefde groet
beleefde groet
naam
naam
eigen adres
adres ontvanger
plaats & datum
betreftregel

Slide 5 - Tekstslide

Drie soorten 'zakelijke e-mail'
  1. Solliciteren
  2. Informatie geven/vragen
  3. Klacht indienen

Slide 6 - Tekstslide

wat is een zakelijke e-mail?

Slide 7 - Open vraag

Slide 8 - Tekstslide

Zakelijke e-mail

  • Aan, 
  • Onderwerp
  • Aanhef,
  • Inleiding
  • Kern
  • Slot
  • Afsluiting


Slide 9 - Tekstslide

Formeel vs. informeel
Met formeel taalgebruik bedoelen we de taal die je gebruikt bij iemand die je niet zo goed kent; beleefd, met u en meneer/mevrouw aanspreken.
Met informeel taalgebruik bedoelen we de taal die je gebruikt bij iemand die je kent of iemand die van jouw leeftijd is: nog steeds netjes, maar minder beleefd, met je/jij/jullie en voornaam aanspreken.

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

Opdracht

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

"Geachte meneer/mevrouw, " past meer bij een...
A
Zakelijke e-mail
B
Persoonlijke e-mail
C
Normale e-mail
D
Nergens

Slide 14 - Quizvraag

Waarop moet je letten
bij een zakelijke e-mail?

Slide 15 - Woordweb

Aan wie schrijf je een zakelijke e mail?

Slide 16 - Open vraag

Wat is een goede aanhef voor een zakelijke e-mail?

Slide 17 - Open vraag

'Hoi'' past meer bij een...
A
E-mail naar je leidinggevende
B
E-mail naar een zakelijke collega
C
Persoonlijke e-mail
D
E-mail naar een bedrijf

Slide 18 - Quizvraag

Noem een voorbeeld van een
aanhef bij een zakelijke e-mail aan mevrouw Brandenburg.

Slide 19 - Open vraag

Noem minstens twee verschillen tussen een zakelijke en een persoonlijke e-mail.

Slide 20 - Open vraag

Waar let ik allemaal op als ik een zakelijke e-mail schrijf?

Slide 21 - Open vraag

Een zakelijke e-mail
A
Bestaat uit één alinea
B
Bestaat uit minimaal drie alinea's

Slide 22 - Quizvraag

De kern van een zakelijke e-mail heeft altijd maar één alinea.
A
waar
B
niet waar

Slide 23 - Quizvraag

Waarom moet je witregels gebruiken tussen de alinea's bij een zakelijke
e-mail?

Slide 24 - Open vraag

Welk onderdeel hoort niet bij een zakelijke e-mail?
A
inleiding
B
kern
C
kop
D
slot

Slide 25 - Quizvraag

Met dit woord mag je de eerste zin van je zakelijke e-mail nooit beginnen.

Slide 26 - Open vraag

Wat vermeld je in de inleiding van een zakelijke e-mail?

Slide 27 - Open vraag

Hoe sluit je een zakelijke e-mail af?

Slide 28 - Open vraag

Hoe sluit je een zakelijke e-mail/brief af?
A
Toedels!
B
Groetjes,
C
Hoogachtend,
D
Met vriendelijke groet,

Slide 29 - Quizvraag

Noem een voorbeeld van een slotgroet bij een zakelijke e-mail aan mevrouw Brandenburg.

Slide 30 - Open vraag

Het doel van een zakelijke e-mail is
A
Amuserend
B
Overtuigend of informatief
C
Activerend

Slide 31 - Quizvraag

Leerdoel(en) evalueren
Ga naar www.eindexamensite.nl;
Klik op 'Inloggen met Entree';
Zoek onze school;
Log in met je gegevens van SOM;
Voeg Nederlands toe als vak;
Klik vervolgens op het poppetje rechts bovenaan de pagina;
Klik op 'Leraren/docenten toevoegen';
Vul de code in die ik in de chat typ;
Ga terug naar de beginpagina en klik op Nederlands;
Klik vervolgens op het onderdeel 'Schrijven';
Oefen met het schrijven van een zakelijke e-mail.

Slide 32 - Tekstslide

In de tekst van een zakelijke e-mail gebruik je geen alinea’s.
A
waar
B
niet waar

Slide 33 - Quizvraag