Wat is LessonUp
Lesbibliotheek
Kanalen
aiToolsTab
Inloggen
Start gratis
‹
Terug naar zoeken
Les 001 september
Welkom terug!
uitdrukkingen
woordenschat
leestekst
1 / 39
volgende
Slide 1:
Tekstslide
NT2
Enseignement Secondaire
In deze les zitten
39 slides
, met
interactieve quizzen
en
tekstslides
.
Lesduur is:
60 min
Start les
Bewaar
Deel
Printen
Dit is niet oké
Onderdelen in deze les
Welkom terug!
uitdrukkingen
woordenschat
leestekst
Slide 1 - Tekstslide
Waar gaat dit over?
https://schooltv.nl/video-item/op-grote-voet-leven-wat-betekent-deze-uitdrukking
https://www.quiz.ntr.nl/quiz/650/question
Slide 2 - Tekstslide
subject - the subject of a sentence
the subject of a conversation
subject of a presentation = onderwerp
subject in school = vak
het vak wiskunde is moeilijk - the subject maths is difficult
Slide 3 - Tekstslide
Op grote voet leven - showing that you have a lot of money / pretending to have a lot of money
Slide 4 - Tekstslide
Waar gaat dit over?
https://jeugdjournaal.nl/artikel/2630101-daar-komt-ie-dan-de-eerste-vliegende-auto-en-hij-komt-uit-nederland
Slide 5 - Tekstslide
Wat zie je?
Kies 3 dingen die je ziet en zet ze in de chat.
Slide 6 - Tekstslide
Kies 3 dingen die je ziet en zet ze in de chat.
Maak een logische zin waarin alle 3 de woorden voorkomen.
Slide 7 - Tekstslide
Wat zie je?
Kies 3 dingen die je ziet en zet ze in de chat.
Maak een logische zin waarin alle 3 de woorden voorkomen.
Zet nu voor elk zelfstandig naamwoord een bijvoeglijk naamwoord.
Slide 8 - Tekstslide
Wat zie je?
grote
kleine
mooie
gouden
ijzeren
leren
Slide 9 - Tekstslide
Woordenschat
https://nt2taalmenu.nl/nt2-a1-woordenleren-tegenstellingen-oefening2/
Slide 10 - Tekstslide
Sleep-opdracht
Welke woorden betekenen ongeveer hetzelfde?
Slide 11 - Tekstslide
de arts
eentje
inmiddels
<div>schitterend</div>
intussen
heel mooi
de dokter
alleen zijn
Slide 12 - Sleepvraag
Vul het goede woord in
In de volgende zinnen moet je het goede woord invullen.
Let op: schrijf ALLEEN het goede woord op. Niet de hele zin!
Bij een werkwoord moet je de juiste vorm kiezen.
Kies uit de volgende woorden:
de operatie, de fabriek, de prijs, de toerist, de vlucht, lijken, modern, onderweg, onthouden, de batterij
Slide 13 - Tekstslide
Hij ........... heel erg veel op zijn vader. Ze hebben hetzelfde gezicht.
Slide 14 - Open vraag
Wat is .... ...... van die schoenen? Ik wil ze graag kopen, maar ik weet niet of ik genoeg geld heb.
Slide 15 - Open vraag
Ik was net in mijn huis, maar nu ben ik .......... naar mijn vriend.
Slide 16 - Open vraag
... .............. van Amsterdam naar New York met het vliegtuig duurt 7 uur ongeveer.
Slide 17 - Open vraag
Als ... ................ van de laptop leeg is, moet je de laptop opladen.
Slide 18 - Open vraag
Wij moeten de woorden van dit thema goed leren en ......... Want we hebben een toets!
Slide 19 - Open vraag
Mijn been is gebroken en nu moet ik wachten op ... ............. Daarna is mijn been weer goed.
Slide 20 - Open vraag
In .... ........... worden nieuwe mobiele telefoons gemaakt.
Slide 21 - Open vraag
... ............ is op vakantie naar Spanje en gaat allemaal leuke dingen bekijken.
Slide 22 - Open vraag
Mijn kleding is ............ Veel mensen dragen nu deze kleding.
Slide 23 - Open vraag
Welk woord?
Lees de zin. Welke van de twee woorden moet je invullen?
Slide 24 - Tekstslide
Wil jij ............. hoe je auto eruitziet? Dan kan ik je auto vinden.
A
bezoeken
B
beschrijven
Slide 25 - Quizvraag
Ik ga mijn opa en oma ............ Ik ga ben hen koffie drinken.
A
beschrijven
B
bezoeken
Slide 26 - Quizvraag
Pas op! Daar is ........... Je moet daar niet heen gaan.
A
gevaar
B
emotie
Slide 27 - Quizvraag
Ik voel mij blij als ik met mijn vrienden ben. Blij zijn is een leuke..........
A
gevaar
B
emotie
Slide 28 - Quizvraag
Als je met een raket in de ruimte bent, dan maak je een...........
A
astronaut
B
ruimtereis
Slide 29 - Quizvraag
Als je met een raket in de ruimte bent, dan ben je een..............
A
astronaut
B
ruimtereis
Slide 30 - Quizvraag
Wil jij met mij .............? Dan gaan we samen naar school.
A
nabespreken
B
meegaan
Slide 31 - Quizvraag
Wil jij dit met mij ................? Dan kunnen we kijken of het antwoord goed is.
A
meegaan
B
nabespreken
Slide 32 - Quizvraag
Zinnen maken
Maak zinnen met de woorden die je ziet. Denk aan:
de spelling van de woorden
de leestekens (punt, vraagteken)
Slide 33 - Tekstslide
de grap
Slide 34 - Open vraag
het onderwerp
Slide 35 - Open vraag
het ziekenhuis
Slide 36 - Open vraag
het apparaat
Slide 37 - Open vraag
slim
Slide 38 - Open vraag
Les 001 september
Slide 39 - Tekstslide
Meer lessen zoals deze
Les 2 VRT Sociale media
Augustus 2026
-
70 slides
Mediawijsheid
Secundair onderwijs
Algemeen secundair onderwijs
EDUbox
Werkfiche 01: Ik ben ziek. Wat nu?
8 dagen geleden
-
13 slides
newEditor
Nederlands
Werkfiche 13: Een order picken
8 dagen geleden
-
14 slides
newEditor
Economie
Mediawijsheid - Schaal van M
Oktober 2025
-
14 slides
Mediawijsheid
Lager onderwijs
Leerjaar 4
EDUbox Politiek: Jouw stem in ons politiek systeem
Augustus 2026
-
79 slides
Mediawijsheid
Secundair onderwijs
Algemeen secundair onderwijs
Leerjaar 4-6
EDUbox
Les 1 VRT Mobiliteit
Augustus 2026
-
53 slides
Mediawijsheid
Secundair onderwijs
Algemeen secundair onderwijs
EDUbox
Werkfiche 11: Handhygiëne in de zorg
8 dagen geleden
-
14 slides
newEditor
Zorg en welzijn
EDUbox Energie: Een uitdaging voor jou en de wereld
Augustus 2026
-
65 slides
Secundair onderwijs
Algemeen secundair onderwijs
Leerjaar 4-6
EDUbox