Lassen hoofdstuk 3 MIG MAG-apparaat

Hoofdstuk 3

MIG/MAG-lasapparaat

1 / 15
volgende
Slide 1: Slide
newEditorNask / TechniekMiddelbare schoolPraktijkonderwijsvmbo kLeerjaar 3

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 3

MIG/MAG-lasapparaat

Je leert de onderdelen van het MIG MAG apparaat.

  1. Stroombron

  2. Draadaanvoermechanisme

  3. Slangenpakket

  4. Lastoorts

  5. Gascilinder (Gasfles)

  6. Reduceerventiel (Gasdrukregelaarventiel en doorstroommeter)

Lesdoelen:

1. Lasproces

MIG/MAG-lassen is een elektrisch gasboogproces. Door middel van een stroombron wordt een elektrische vlamboog ontstoken en in stand gehouden. De vlamboog zit tussen de afsmeltende lasdraad en het werkstuk.


Daarbij zijn de volgende variabelen van invloed op het lasresultaat:

  • Spanning

  • Stroomsterkte

  • Voortloopsnelheid

  • Contactbuisafstand

  • Uitsteeklengte

De metaaldruppels in de boog en het smeltbad worden beschermd door een gas, anders verbrandt het metaal.

  1. MIG MAG kort

  • Draadaanvoer door holle kabel naar toorts

  • Door contactbuisje, komt spanning op

  • Stroom door laatste stukje

  • Stroom komt dicht op elkaar, stroomdichtheid = hoeveelheid stroom per oppervlakte eenheid, Ampere/mm2. Hoe groter stroomdichtheid hoe sneller draad afsmelt (neersnelheid)

  1. Onderdelen

De installatie bestaat dus uit 6 onderdelen:

  • de stroombron

  • de draadaanvoer-eenheid

  • het lastoorts met slangenpakket

  • de gasfles met drukregelaar

  • reduceerventiel

3.1 De Stroombron

Stroom uit stopcontact is wisselstroom.

MIG MAG heeft gelijkstroom nodig. De stroombron bestaan uit een transformator en een gelijkrichter en zorgt voor omzetting wisselstroom in gelijkstroom. Voor MAG-lassen heb je een constante boog nodig en dat kan alleen met gelijkstroom. 


Gelijkstroom = zelfde stroomrichting, zelfde stroomsterkte, zelfde spanning (DC- Direct Current)


  • De transformator verlaagt de netspanning (400V) tot een  veilige lasspanning (25-40V).  

  • De gelijkrichter verandert de wisselstroom naar gelijkstroom. 





3.2 De draadaanvoer-mechanisme

De draadaanvoer-mechanisme zorgt voor een regelmatige draadaanvoer van de haspel naar het laspistool.

De snelheid waarmee dit gebeurt kunnen we instellen met een regelknop. Door rem draait ie niet verder als je stopt en blijft strak.

De lasdraad gaat door het slangenpakket naar de lastoorts.


Stel je voor dat je aan het schilderen bent met een verfpistool. Als je de trekker langzaam indrukt, komt er weinig verf uit, maar als je de trekker snel indrukt, komt er veel meer verf. Bij lassen werkt het een beetje hetzelfde. De draadaanvoer-snelheid is als het indrukken van de trekker.




 



3.3 Het slangenpakket met lastoorts

Slangenpakket bestaat uit:

  1. holle kabel waar lasdraad doorheen loopt.

  2. doorvoerslang van beschermgas

  3. stroomkabel voor het lassen

  4. stroomkabels aan en uit schakelaar.


In de toorts vindt via een contactbuisje de stroomoverdracht plaats op de lasdraad. 


In de handgreep zit een schakelaar waarmee de stroom wordt in- en uitgeschakeld. Tevens wordt daarmee de draaddoorvoer en de beschermgastoevoer in- en uit geschakeld. Het gasmondstuk verdeelt het schermgas goed en regelmatig rond de vlamboog.






 



3.3 Lastoorts

  1. Mondstuk: komt stroom op de lasdraad te staan via contactbuisje = koper

Ervoor zit gasverdeler: verdeelt beschermgas langs het contactbuisje.

Rond contactbuisje zit gasmondstuk: stroomt beschermgas voor bescherming las


  1. Koeling wordt door beschermgas gedaan, soms meer koeling nodig. Koelvloeistof rondpompen in gesloten circuit.


Gasgekoelde en Watergekoelde toortsen


  1. Voorstuk en handgreep: voorstuk gebogen zwanenhals, werkt makkelijker en ziet beter.

Handgreep - schakelaar: 2 standen

Continu en schakelstand





 



2.4 De gasfles met drukregelaar

In de gasfles zit het beschermgas, dat de las beschermt tegen lucht uit de omgeving. Voor het lassen van staal gebruiken we meestal een mengsel van argon en koolzuur. Geen beschermgas = verbranding



Het menggas zit met een hoge druk van maximaal 200 bar als gas in de fles. De druk kun je aflezen op de gasdrukmeter. De drukregelaar zorgt ervoor, dat de gasdruk wordt verlaagd naar de werkdruk. 





 



Waarom is beschermgas nodig?

A

is niet nodig bij MIG MAG

B

anders vindt verbranding plaats

C

om zuurstof toe te voegen

D

anders knalt de lastoorts uit elkaar

Waarin stel je beschermgas af (flowmeter)?

A

Bar

B

Bar per minuut

C

Liters per minuut

D

Aroma

Extra uitleg NIL

Slide tekst