3.3 Negatieve breuken

3.3 Negatieve breuken
- Het vereenvoudigen van breuken
- Het omgekeerde van een getal
- Delen door een breuk

1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

3.3 Negatieve breuken
- Het vereenvoudigen van breuken
- Het omgekeerde van een getal
- Delen door een breuk

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen
- Breuken met negatieve getallen kunnen herleiden
- Weten dat je geen minteken in de letter of noemer laat staan
- Kunnen vermenigvuldigen en delen met negatieve breuken
- Weten wat het omgekeerde van een getal is.

Slide 2 - Tekstslide

Programma
- Leerhuisles
- Voorkennis Rekenen met breuken
- Theorie-uitleg 3.3 Het vereenvoudigen van breuken
- Zelfstandig aan het werk

Slide 3 - Tekstslide

Leerhuisles
- 15 min rekenen
- Opdracht proefwerk inzien
- Zelfstandig aan het werk

Slide 4 - Tekstslide

Voorkennis Breuken

Slide 5 - Tekstslide

Breuken 
teller

noemer
1
4
_

Slide 6 - Tekstslide

Breuken herleiden
108
54
: 2
: 2

Slide 7 - Tekstslide

Breuken optellen
De noemers moeten gelijk zijn!
Dan tel je de tellers op
teller

noemer
4
_
1
61
+      =     =  
63
64
32

Slide 8 - Tekstslide

Optellen en aftrekken van breuken

  1. Maak de breuken gelijknamig
  2. Neem de tellers samen, de noemer blijft gelijk
  3. Vereenvoudig de uitkomst en haal de helen eruit

Slide 9 - Tekstslide

De noemers moeten gelijk zijn!
Dan tel je de tellers bij elkaar op
Gelijknamig maken
51
43
+       =

Slide 10 - Tekstslide

De noemers moeten gelijk zijn!
Dan tel je de tellers bij elkaar op
Gelijknamig maken
51
43
+       =
+       =
204
2015

Slide 11 - Tekstslide

De noemers moeten gelijk zijn!
Dan tel je de tellers bij elkaar op
Gelijknamig maken
51
43
+       =
+       =
204
2015
2019

Slide 12 - Tekstslide

Bereken

x
72
43
A
2
B
286
C
143
D
115

Slide 13 - Quizvraag

Vermenigvuldigen van breuken
  1. Breng de helen binnen de breuken
  2. Vermenigvuldig teller met teller en noemer met noemer
  3. Vereenvoudig de uitkomst en haal de helen eruit

Slide 14 - Tekstslide

Bereken

x
72
43
A
286
B
286
C
143
D
143

Slide 15 - Quizvraag

3.3 Negatieve breuken

Slide 16 - Tekstslide

Bereken.
Maak in je antwoord gebruik
van / als deelstreep
532
timer
1:00

Slide 17 - Open vraag

Bereken.
Maak in je antwoord gebruik
van / als deelstreep
34183
timer
2:00

Slide 18 - Open vraag

3.3 Het omgekeerde van een getal

Slide 19 - Tekstslide

Het omgekeerde van een getal
Twee getallen heten elkaar omgekeerde als hun product 1 is.

     is het omgekeerde van 2, want 

     is het omgekeerde van      , want 
21
212=1
85
58
8558=4040=1

Slide 20 - Tekstslide

Schrijf het omgekeerde
op van -14.
timer
0:15

Slide 21 - Open vraag

3.3 Breuken delen

Slide 22 - Tekstslide

Breuken delen



Vb.   

     
32:52=3225=610=164=132
Delen door een breuk is 
vermenigvuldigen met het omgekeerde.

Slide 23 - Tekstslide

Werkschema delen door een breuk:

Delen door een breuk is vermenigvuldigen met het omgekeerde

1.  Omgekeerde getal van tweede breuk nemen

2. Vermenigvuldiging uitvoeren

3. Breuk vereenvoudigen

Slide 24 - Tekstslide

Delen door een breuk

Slide 25 - Tekstslide

Bereken 48b
timer
2:00

Slide 26 - Open vraag

Delen door een breuk

Slide 27 - Tekstslide

Bereken 48c
timer
2:00

Slide 28 - Open vraag

Leerdoelen
- Breuken met negatieve getallen kunnen herleiden
- Weten dat je geen minteken in de letter of noemer laat staan
- Kunnen vermenigvuldigen en delen met negatieve breuken
- Weten wat het omgekeerde van een getal is.

Slide 29 - Tekstslide

Zelfstandig aan het werk

Slide 30 - Tekstslide

Aan de slag!
Wat?
Opgaven volgens periodeplan 

Hoe?
Individueel of in tweetallen
Hulp?
- Theorie in boek
- Buurman/buurvrouw
- Docent

Slide 31 - Tekstslide