In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.
Lesduur is: 45 min
Onderdelen in deze les
Les 2. Soorten voereters
Slide 1 - Tekstslide
Wat gaan we vandaag doen?
Bespreken vorige les
Leerdoelen deze les bespreken
Uitleg soorten voereters
Opdrachten maken
Les nabespreken
Slide 2 - Tekstslide
Wat weet jij nog van de vorige les?
Slide 3 - Woordweb
Leerdoelen
Je kan vertellen wat een herbivoor, carnivoor en omnivoor is.
Je kan de tanden en kiezen van een herbivoor, carnivoor en omnivoor benoemen.
Je kan vertellen welke verteringsstelsels bij de voereters horen.
Slide 4 - Tekstslide
Wat weet jij al van verschillende voereters?
Slide 5 - Woordweb
Slide 6 - Video
Planteneter
Alleseter
Vleeseter
Herbivoor
Carnivoor
Omnivoor
Slide 7 - Sleepvraag
Herbivoor
Een herbivoor is een planteneter.
Herbivoren zijn meestal prooidieren en hebben hun ogen aan de zijkant zitten.
Planten hebben weinig voedingstoffen --> duurt lang om te verteren.
Ze moeten dus veel en lang eten.
Slide 8 - Tekstslide
Herbivoor
Herbivoren hebben snijtanden en plooikiezen. Snijtanden om de planten af te kunnen snijden en plooikiezen om de planten klein te raspen.
Daarna gaat de voedselbrij naar de maag en zorgt een hele lange darm dat er zoveel mogelijk voedingsstoffen uitgehaald worden.
Ogen aan de zijkant
Slide 9 - Tekstslide
Welke diersoort is nog meer een herbivoor?
Slide 10 - Open vraag
Carnivoor
Een carnivoor is een vleeseter.
Het dier is helemaal gemaakt voor het vangen en doden van prooidieren.
Eenmaal gevangen eet het dier het vlees, organen en soms botten om voedingstoffen binnen te krijgen.
Vlees is makkelijk te verteren en hierdoor zijn de darmen veel korter.
Slide 11 - Tekstslide
Carnivoor
Carnivoren hebben duidelijke hele grote hoektanden. Hiermee kunnen ze hun prooi goed vastpakken.
Ze hebben speciale knipkiezen om het vlees en botten af te scheuren en te knippen.
Ogen naar voren gericht
Slide 12 - Tekstslide
Welke diersoort is nog meer een carnivoor?
Slide 13 - Open vraag
Omnivoor
Omnivoor is een dier dat planten en vlees eet.
Voordeel is dat het dier veel soorten dingen kan vinden om te eten.
Ogen niet helemaal naar voor en niet helemaal naar zijkant. Meer vlees eten --> ogen meer naar voren gericht.
Langere darm dan vleeseter, kortere darm dan planteneter.
Slide 14 - Tekstslide
Omnivoor
Snijtanden zijn aanwezig, kleine of grote hoektanden en die kiezen zijn bedekt met knobbels, ookwel knobbelkiezen genoemd.
Grote hoektanden zijn vaak ter verdediging dan eten van vlees.
Die knobbels zijn voor het vermalen van planten en vlees.
Slide 15 - Tekstslide
Welke diersoort is nog meer een omnivoor?
Slide 16 - Open vraag
Van wie is dit het maagdarmstelsel?
A
Herbivoor
B
Carnivoor
C
Omnivoor
Slide 17 - Quizvraag
Van wie is dit het maagdarmstelsel?
A
Herbivoor
B
Carnivoor
C
Omnivoor
Slide 18 - Quizvraag
Van wie is dit maagdarmstelsel?
A
Herbivoor
B
Carnivoor
C
Omnivoor
Slide 19 - Quizvraag
Slide 20 - Sleepvraag
Voereters andere diergroepen
Naast zoogdieren zijn er nog heel veel andere diergroepen.
Daarvan hebben wij er een aantal van op school. Weet jij welke?
Vogels, reptielen amfibieën en insecten
Door goed naar een dier te kijken kan je zien wat voor voereter een dier is.
Al deze dieren hebben een speciale aanpassing waardoor ze op de beste manier aan hun eten komen.
Slide 21 - Tekstslide
Vogels
Vogels kunnen geen tanden gebruiken om het gevonden voedsel klein te krijgen.
In de spijsvertering van een vogel zit een extra maag: krop.
Naast voedsel eten de vogels ook kleine steentjes. Die zorgen ervoor dat het voedsel wordt verteerd in de krop.
! Vogels in gevangenschap moeten ook kleine steentjes tot hun beschikking hebben !
Slide 22 - Tekstslide
Slide 23 - Video
Ruwvoer
Ruwvoer is voer dat weinig tot niet is bewerkt. Voorbeelden zijn: gras, hooi, stro en luzerne.
Deze voerders worden van het land gehaald. Ze worden versnipperd of gedroogd en daarna opgeslagen.
Ruwvoer bestaat uit maar 1 grondstof -> enkelvoudig voedermiddel.
Slide 24 - Tekstslide
Krachtvoer
Veel voedermiddelen gaan naar de fabriek om er brokken van te maken.
Hier worden verschillende voedingstoffen bij elkaar gedaan en geperst tot brokken. Dit zot vol met energie en eiwitten. Deze brokjes worden ook wel krachtvoer genoemd.
Krachtvoer bestaat uit verschillende grondstoffen, dit wordt een samengesteld voedermiddel genoemd.
Slide 25 - Tekstslide
Enkelvoudig ruwvoer
Enkelvoudig krachtvoer
Meervoudig ruwvoer
Meervoudig krachtvoer
Slide 26 - Sleepvraag
Slide 27 - Video
Slide 28 - Video
Aan de slag!
- Lees de opdracht 1 t/m 8.
- Maak opdracht 1 t/m 8
Huiswerk Opdrachten die niet af zijn en lezen les 3.
Slide 29 - Tekstslide
Ik kan ...
Vertellen wat een herbivoor, carnivoor en omnivoor is.
De tanden en kiezen van een herbivoor, carnivoor en omnivoor benoemen.
Vertellen welke verteringsstelsels bij de voereters horen.