5.6 Blessures

Blessures 
Stevigheid en beweging 
par. 6


Sedef Koç
1 / 40
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 1

In deze les zitten 40 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Blessures 
Stevigheid en beweging 
par. 6


Sedef Koç

Slide 1 - Tekstslide

LESS 
Wat weten we al?
Welke blessures zijn er?

Hoe wordt er een foto van je botten gemaakt?

Slide 2 - Tekstslide

LESS 
Wat weten we al?
Welke blessures zijn er?

  • Botbreuk
  • Verzwikking
  • Kneuzing
  • Ontwrichting  

Hoe wordt er een foto van je botten gemaakt?

Slide 3 - Tekstslide

LESS 
Wat weten we al?
Welke blessures zijn er?

  • Botbreuk
  • Verzwikking
  • Kneuzing
  • Ontwrichting  

Hoe wordt er een foto van je botten gemaakt?

  • Met röntgenstraling
  • röntgenfoto

Slide 4 - Tekstslide

LESS 
Blessure 

Slide 5 - Tekstslide

LESS 
Blessure 
  • Is een beschadeging aan je spieren, botten of gewrichten. 


Naast een blessure heb je ook spierpijn.

Slide 6 - Tekstslide

LESS 
Spierpijn


Slide 7 - Tekstslide

LESS 
Spierpijn
Heb je soms na het sporten. het kan verschillende oorzaken hebben:

Slide 8 - Tekstslide

LESS 
In Nederland worden er iederjaar bijna 1,5 miljoen sporblessures behandeld.

Slide 9 - Tekstslide

LESS 
In het ziekenhuis:

Slide 10 - Tekstslide

Ontwrichting 



Slide 11 - Tekstslide

Oorzaken van sportblessures.
afb. 46  blz. 44
  1. Ruwheid en overtreding van spelregels.
  2. Ongeoefendheid en onvoldoende techniek.
  3. Gebrek aan conditie.
  4. Overbelasting van spieren en oververmoeidheid.
  5. Onvoldoende warming-up, onvoldoende rek oefeningen en/of onvoldoende cooling-down.
  6. Slechte weersomstandigheden.
  7. Te snel beginnen met sporten na een blessure.
  8. Slechte sportuitrusting.

Slide 12 - Tekstslide

Blessures voorkomen.

Slide 13 - Tekstslide

Zelfstandig werken


Maak de opdrachten die op het scherm komen!



Slide 14 - Tekstslide

Opdracht 31.
Sharon heeft tijdens het skien haar scheenbeen gebroken en moet naar het ziekenhuis. hierna staat wat er in het ziekenhuis is gebeurt. zet ze op volgorden.
1

2
3
Sharon krijgt gipsverband om haar been.
De arts zet de scheenbeen op goede stand.
De arts laat een rontgenfoto maken. 

Slide 15 - Sleepvraag

Opdracht 32.
Wat hoort bij elkaar?  Sleep ze naar elkaar toe
de arm is uit de kom 
door een stomp heb ik een blauwe plek
het gewrichtskapsel en de kapselbanden zijn beschadigd
kneuzing
verzikking 
ontwrichting

Slide 16 - Sleepvraag

Opdracht 34.
Vul de volgende zinnen in door de goede woorden er naar te sleepen.
Je kunt de kans op een sportblessure verminderen door voor je begint een   ________ te doen
Een warming-up begint meestal met  ___________ lopen
Door een warming-up stroomt er meer  ___________ naar je spieren
Bij een warming-up horen ook ________ 
Door sporten komen er afvlstoffen in de  ____________
Door nadat je gesport  hebt een __________ te doen heb je minder last van spierpijn
Een warme douche zorgt voor een goede  ___________ van spieren
bloed
cooling-down
rekoefeningen
doorbloeding 
spieren 
warm
warming-up 

Slide 17 - Sleepvraag

Zelfstandig werken
Maak opdrachten:
29
30
33
35

timer
10:00

Slide 18 - Tekstslide

Opdracht 29.

Slide 19 - Tekstslide

Opdracht 29.
een beschadiging aan je spieren, botten of gewrichten.

Slide 20 - Tekstslide

Opdracht 29.
een beschadiging aan je spieren, botten of gewrichten.
iets doet dat je niet gewend bent.
beschadigd raken.
opeens sterk afkoelen.

Slide 21 - Tekstslide

Opdracht 29.
een beschadiging aan je spieren, botten of gewrichten.
iets doet dat je niet gewend bent.
beschadigd raken.
opeens sterk afkoelen.
eigen antwoord

Slide 22 - Tekstslide

Opdracht 29.
een beschadiging aan je spieren, botten of gewrichten.
iets doet dat je niet gewend bent.
beschadigd raken.
opeens sterk afkoelen.
eigen antwoord

een spierscheur

Slide 23 - Tekstslide

Opdracht 29.
een beschadiging aan je spieren, botten of gewrichten.
iets doet wat je niet gewend bent.
beschadigd raken.
opeens sterk afkoelen.
eigen antwoord

een spierscheur
de  kuitspier 

Slide 24 - Tekstslide

Opdracht 30.
12
12
16
9
3

52

Slide 25 - Tekstslide

Opdracht 30.
12
12
16
9
3

52
2
11
6
22
13

54

Slide 26 - Tekstslide

Opdracht 30.
12
12
16
9
3

52
2
11
6
22
13

54
15
12
9


36

Slide 27 - Tekstslide

Opdracht 30.
12
12
16
9
3

52
2
11
6
22
13

54
15
12
9


36
6

5
26

37

Slide 28 - Tekstslide

Opdracht 30.
12
12
16
9
3

52
2
11
6
22
13

54
15
12
9


36
6

5
26

37
11

1

Slide 29 - Tekstslide

Opdracht 30.
12
12
16
9
3

52
2
11
6
22
13

54
15
12
9


36
6

5
26

37
11

1
12

7

Slide 30 - Tekstslide

Opdracht 33.

Slide 31 - Tekstslide

Opdracht 33.
zwelling 

Slide 32 - Tekstslide

Opdracht 33.
zwelling 
wordt de zwelling minder dik

voel je minder pijn

Slide 33 - Tekstslide

Opdracht 33.
zwelling 
wordt de zwelling minder dik

voel je minder pijn
verzwikking                                                                      kneuzing

Slide 34 - Tekstslide

Opdracht 33.
zwelling 
wordt de zwelling minder dik

voel je minder pijn
verzwikking                                                                      kneuzing
brengt een arts de arm weer in de kom

Slide 35 - Tekstslide

Opdracht 35.

Slide 36 - Tekstslide

Opdracht 35.
verzwikking 

Slide 37 - Tekstslide

Opdracht 35.
verzwikking 
ontwrichting

Slide 38 - Tekstslide

Opdracht 35.
verzwikking 
ontwrichting
botbreuk 

Slide 39 - Tekstslide

Jullie mogen thuis test jezelf maken.
ruim rustig je spullen op.


Slide 40 - Tekstslide