Verhoudingen

Hoofdstuk 3 Verhoudingen les 1

Ga op je mobiel of laptop naar:

https://lessonup.app/

De code staat links onderin.

Gebruik als naam je voornaam 

en de eerste letter van je achternaam

1 / 14
volgende
Slide 1: Slide
newEditorRekenenMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 3 Verhoudingen les 1

Ga op je mobiel of laptop naar:

https://lessonup.app/

De code staat links onderin.

Gebruik als naam je voornaam 

en de eerste letter van je achternaam

Hoofdstuk 3 verhoudingen


Ga 

Uitleg

Je ziet hiernaast 3 witte vierkantjes en 6 rode vierkantjes. Je kan zeggen dat de verhouding 3 staat tot 6 is. 

3:6

Uitleg

De verhouding witte vierkantjes en rode vierkantjes is  ==>   3:6

Om een verhouding zo duidelijk mogelijk te maken, schrijf je een verhouding zo klein mogelijk

3:6 wordt zo klein mogelijk 

1:2  

( bij een wit vierkantje horen 2 rode vierkantjes) 


Welke verhouding hoort bij de afbeelding?

A

1 rode vierkantjes :3 witte vierkantjes

B

2 rode vierkantjes : 3 witte vierkantjes

C

2 rode vierkantjes :5 witte vierkantjes

D


Wat is de verhouding appel : banaan

A

2:3

B

2:5

C

3:2

D


Geef de verhouding tussen de grijze vierkantjes en de groende vierkantjes. Sleep de verhouding naar het plaatje




3:5

4:5

1:5

De verhouding van het aantal blauwe mappen met het aantal zwarte mappen is 2 blauwe mappen : 4 zwart mappen. Wat is de kleinste verhouding?

A

1 blauwe map staat tot 2 zwarte mappen

B

1 blauwe map staat tot 3 zwarte mappen

C

kan niet kleiner

D


Om groene verf te mengen mengt de schilder 2 delen gele verf met 6 delen blauwe verf. Wat is de kleinste verhouding gele verf staat tot blauwe verf?

Sleep de bij elkaar horende verhoudingen

 naar elkaar.

1:3

1:6

2:7

1:5

4:12

4:14

4:20

4:24

Een bloemist maakt een boeket met 10 tulpen. Wat is de verhouding rode tulpen : gele tulpen?

A

3:6

B

1:2

C

3:7

D


Vijf boeketten maken

De bloemmist gaat nu vijf dezelfde boeketten maken. De boeketten hebben de verhouding rode tulpen : gele tulpen als 3:7. 

Als ze vijf boeketten in dezelfde verhouding gaat maken heeft 

3 x 5 = 15 rode tulpen nodig

en

7 x 5 = 35 gele tulpen nodig

Dezelfde bloemist maakt 7 boeketten met dezelfde verhouding namelijk 3 rode tulpen: 7 gele tulpen. Hoeveel rode en gele tulpen heeft de bloemist nodig voor deze 7 boeketten?

A

6 rode tulpen 14 gele tulpen

B

30 rode tulpen 70 gele tulpen

C

20 rode tulpen 49 gele tulpen

D

21 rode tulpen 49 gele tulpen

Verhoudingen

Na deze lessonup kan je beginnen aan hoofdstuk 3  Verhoudingen herkennen en gebruiken.