SVK - Talentenwijzer mentoruur

1 / 37
volgende
Slide 1: Tekstslide
Culturele en kunstzinnige vormingSpeciaal OnderwijsLeerroute 1

In deze les zitten 37 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe gaat het nu met je?
😒🙁😐🙂😃

Slide 2 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de aanvullende eis?

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

"Respectvol omgaan met elkaar."
Wat ga jij doen?

Slide 4 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe gaat het nu met je?
😒🙁😐🙂😃

Slide 7 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Er zijn veel besmettingen op school. Veel docenten zijn ziek. Wat vind je van de situatie?

Slide 8 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Tekstslide

LOGISCH-MATHEMATISCHE INTELLIGENTIE
Denken in systemen, graag redeneren en analyseren.
Het vermogen om logische verbanden en onderliggende principes te begrijpen en om makkelijk met (abstracte) getallen en hoeveelheden te werken. Mensen bij wie dit gebied goed is ontwikkeld, denken beredenerend en zijn vaak kritisch.

Je houdt van rekenen
Je houdt van geschiedenisfeiten (jaartallen)
Je houdt van topografie
Je houdt van redeneren, puzzelen, experimenteren
Je houdt van lego ed, constructiematerialen.
Je wilt weten hoe dingen werken
Je denkt in ‘zwart-wit’ en ‘goed-fout’
Je denkt kritisch

Slide 10 - Tekstslide

INTERPERSOONLIJKE INTELLIGENTIE
Denken door na te gaan wat de ander ervan vindt, als het ware rekening houdend met de ander. Gemakkelijk omgaan met anderen.
Het vermogen om anderen aan te voelen, te begrijpen, te begeleiden, te leiden en te manipuleren. Mensen die interpersoonlijk intelligent zijn, denken door met anderen te praten over hun gedachten. Wanneer ze dat niet doen, denken ze minder diep. Deze mensen hebben een voorkeur voor samenwerken en kunnen dat meestal ook goed.

Je geeft vaak leiding in een groep
Je hebt veel vrienden,
Je bent een centrale figuur
Je kan goed organiseren
Je neemt daarin initiatief en houdt rekening met anderen zonder jezelf weg te cijferen
Je werkt graag samen
Je houdt van gezelligheid en feestjes

Slide 11 - Tekstslide

INTRAPERSOONLIJKE INTELLIGENTIE
Denken door bij zichzelf ten rade te gaan. Een goed inschattingsvermogen hebben. Graag wat op de achtergrond staan.
Het vermogen om te reflecteren, en op basis daarvan de juiste beslissingen te nemen. Mensen met een sterk ontwikkelde intrapersoonlijke intelligentie hebben zelfkennis. Ze weten wat ze willen, wat ze wel of niet kunnen en hoe ze beter kunnen worden op gebieden waarin ze nog niet goed zijn. Ze denken van binnen, in zichzelf en denken minder makkelijk wanneer er geluiden zijn of als er om hen heen wordt gepraat.

Je bent vastberaden en doelgericht
Je hebt zelfkennis
Je neemt verantwoordelijkheid
Je bent wat filosofisch ingesteld
Je kan je eigen gevoel en stemming goed onder controle houden
Je bent een dagdromer.
Je stelt hoge eisen aan jezelf

Slide 12 - Tekstslide

MUZIKAAL-RYTMISCHE INTELLIGENTIE
Denken in muziek, in ritmes, in maat en patronen.
Het vermogen om muzikale en ritmische patronen te herkennen, te onthouden en te maken. Mensen die dit intelligentiegebied gebruiken, denken in ritmes en melodieën. Zij kunnen zich beter concentreren als de stem van een spreker veel nuances heeft of als zij zelf ritmisch bewegen, ritmische geluiden maken of horen.

Je zingt en neuriet vaak
Je houdt van zingen
Je houdt van muziek in het algemeen
Je maakt zelf liedjes en versjes
Je bent je bewust van geluid in de omgeving
Je wil vaak muziek op de achtergrond
Je bent maat- ritmegevoelig
Je bent een boeiende verteller

Slide 13 - Tekstslide

TAALKUNDIGE INTELLIGENTIE
Denken in woorden en begrippen.
Het gaat om de capaciteit om taal te gebruiken om je uit te drukken en om anderen te begrijpen en te overtuigen. Mensen met taalkundige intelligentie denken in woorden. Zij zijn dan ook in staat om iets te begrijpen dat alleen in woorden wordt overgebracht.

Je houdt van lezen
Je houdt van schrijven
Je houdt van veel praten
Je houdt van beeldend vertellen
Je houdt van luisteren
Je houdt van grapjes
Je houdt van verhaaltjes
Je houdt van gedichtjes schrijven

Slide 14 - Tekstslide

VISUEEL RUIMTELIJKE INTELLIGENTIE
Het kind denkt in beelden en voorstellingen
Het vermogen om situaties en problemen voor je te zien en er op die manier mee te werken. Mensen met een goed ontwikkeld visueel-ruimtelijk intelligentie denken in beelden. Ze maken vaak kleine tekeningetjes wanneer ze zich langere tijd op gesproken tekst moeten concentreren.

Je houdt van tekenen
Je houdt van knutselen
Je houdt van beeldend bezig zijn
Je houdt van ontwerpen
Je houdt van schetsen
Je kunt dingen goed voor je zien, ‘visualiseren’
Je hebt gevoel voor kleurnuances
Je tekent figuren om iets vast te houden 
Je kunt jezelf snel oriënteren

Slide 15 - Tekstslide

NATUURGERICHTE INTELLIGENTIE
Denken in samenhangen, vooral gericht op natuur en milieu.
Het vermogen om patronen in natuurlijke omgevingen te herkennen, te begrijpen en ermee te werken. Mensen met een goed ontwikkelde naturalistische intelligentie worden door een natuurlijke omgeving en door het observeren van natuurverschijnselen aan het denken gezet. Doordat zij nauwkeurig observeren, kunnen zij natuurlijke én door mensen gemaakte objecten vaak goed classificeren.

Je hebt een ontdekkende, observerende grondhouding
Je bent sterk betrokken bij alles wat leeft en groeit
Je mag graag vergelijken
Je kunt goed zaken onthullen en de betekenis verklaren
Je bent sterk gericht op buiten (de natuur)

Slide 16 - Tekstslide

LICHAMELIJK MOTORISCHE INTELLIGENTIE
Denken in bewegingen, door te voelen.
Het vermogen om (delen van) het lichaam te gebruiken om een probleem op te lossen, iets uit te drukken of iets te maken. Mensen die dit gebied goed hebben ontwikkeld, begrijpen iets door het te doen. Sommigen gebruiken daarbij het liefste hun hele lichaam, anderen voornamelijk hun handen. Deze mensen hebben vaak beweging nodig om zich goed te kunnen concentreren.

Je houdt van gym
Je houdt van sport in het algemeen
Je houdt van dansen
Je houdt van bewegen
Je houdt van knutselen en expressie
Je maakt snel lichamelijk contact
Je sleutelt en knutselt graag

REGELS IN DE KLAS

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wiskunde

2
7+5
%#+
Creatieve Vorming
Taal 
Lezen
Schrijven
Drama

2
7+5
%#+
Sport

Slide 20 - Tekstslide

Deze les gaat over de theorie van de meervoudige intelligentie. Deze term kan soms wat verwarrend zijn omdat het lijkt alsof het om een bepaald denkniveau of intellect gaat. meervoudige intelligentie (of MI) gaat over het leerproces van het brein. simpel gezegd; "Hoe leert iemand"
MI is voor een deel erfelijk bepaald en voor een deel aangeleerd. Iedereen heeft acht 'intelligenties' waarvan er 2 of 3 het best zijn ontwikkeld. De manier waarop je hersens informatie verwerken of opslaan heeft te maken met je unieke intelligentie profiel.

In deze les gaan we met de groep een basis te leggen voor het in kaart brengen van de  intelligentie profielen van je groep. Bij MI gaat het er uiteindelijk NIET om hoe intelligent je bent maar om HOE je intelligent bent. 

Schrijf alles wat je ontdekt in je leerling-boek.
Tip: Gebruik het leerling-boek vooral om positieve dingen te noteren. Het is geen documentatie-methode van 'probleemgedrag'. 

Waar ben jij goed in?

Slide 21 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Tekstslide

Spreek klassikaal na:

Wat viel er op? Wie had twee dezelfde post-it’s? Wie twee verschillende? Begrijp je waarom je klasgenoot een ander woord dan jijzelf had opgeschreven voor jou?

Wiskunde

2
7+5
%#+
Creatieve Vorming
Taal 
Lezen
Schrijven
Drama

2
7+5
%#+
Sport

Slide 23 - Tekstslide

Deze les gaat over de theorie van de meervoudige intelligentie. Deze term kan soms wat verwarrend zijn omdat het lijkt alsof het om een bepaald denkniveau of intellect gaat. meervoudige intelligentie (of MI) gaat over het leerproces van het brein. simpel gezegd; "Hoe leert iemand"
MI is voor een deel erfelijk bepaald en voor een deel aangeleerd. Iedereen heeft acht 'intelligenties' waarvan er 2 of 3 het best zijn ontwikkeld. De manier waarop je hersens informatie verwerken of opslaan heeft te maken met je unieke intelligentie profiel.

In deze les gaan we met de groep een basis te leggen voor het in kaart brengen van de  intelligentie profielen van je groep. Bij MI gaat het er uiteindelijk NIET om hoe intelligent je bent maar om HOE je intelligent bent. 

Schrijf alles wat je ontdekt in je leerling-boek.
Tip: Gebruik het leerling-boek vooral om positieve dingen te noteren. Het is geen documentatie-methode van 'probleemgedrag'. 

Slide 24 - Tekstslide

Klassikaal
Leg de leerlingen uit het verschil in de wereld, bij jouzelf begint! Iedereen is in staat om iets groots te starten. Je hoeft er niet per sé een beroemdheid (of volwassene) voor te zijn.
Om de wereld te verbeteren kun je vandaag al aan de slag, jouw droom begint bij jezelf!

Sluit de les af met een klassengesprek. Hieronder enkele voorbeelden van reflectievragen:

1) Reflectie op eigen dromen
- Wie wil zijn droom delen? (vraag de leerlingen naar de droom én de concrete actie)
- Wie denkt dat dit zou werken? Heb je tips?
- Wie of wat heb je allemaal nodig om je droom waar te maken?
2) Dromen van anderen
- Wie heeft er iets van een klasgenoot gehoord dat hij goed vond?
- Denk je dat je je zou aansluiten bij een actie van een ander?
- Zou je anderen steunen als ze het vragen?
3) Het proces
- Wie vond het moeilijk en waarom?
- Heb je het idee dat je zelf echt wat kunt veranderen?
- Zou iemand in de klas de nieuwe Martin Luther King kunnen zijn?


OPTIE: geef de werkbladen een zichtbare plaats binnen het klaslokaal of binnen de school! Bij de volgende les gaan we hier verder mee aan de slag. Want hoe wordt je nou zelf de drijfveer tot verandering? Verandering begint bij jezelf!

Tip: als je ook les 2 gaat doen, kan je de werkbladen innemen.
De volgende les gaan jullie er weer mee verder.

...... wilt een designer worden?
A
Senayt
B
Dasha
C
Marwa
D
Yasmine

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

...... wilt een tandarts worden?
A
Tamer
B
Tihao
C
Anas
D
Marwa

Slide 26 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

...... wilt een ingenieur worden?
A
Ilyas
B
Walid
C
Yasmine

Slide 27 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 28 - Tekstslide

Links: Blackout Tuesday
‘Blackout Tuesday’ was een mediacampagne op 2 juni 2020; heel veel mensen postten een zwart scherm op Facebook of Instagram tegen racisme en politiegeweld. Dit was een reactie op de recente dood van George Floyd,  Ahmaud Arbery, and Breonna Taylor in Amerika.

Midden: Greta Thunberg
Greta werd bekend nadat ze in september 2018 besloot om elke schooldag te gaan staken op de stoep van het Zweedse parlement voor een beter klimaat. Haar actie werd opgepikt door scholieren over de hele wereld en zij begonnen overal klimaatstakingen.

Rechts: Famke Louise
Famke Louise is model, maakt muziek en vlogt. Ze werkte mee aan een geheime documentaire waar ze samen met twee dierenactivisten naar China reisde om te onderzoeken hoe bont wordt ‘gekweekt’ en geoogst. Ze deed dit om zich in te zetten tegen het dragen van bont. Resultaat, Famke is nu bekend als activist tegen bont.

Slide 29 - Tekstslide

Introductie
Deze les is een vervolg op de les: 'Ik heb een droom'.  Je gaat in deze les actief aan de slag met welke idealistische dromen de leerlingen hebben en hoe ze deze waar kunnen maken.
Iedereen heeft wel een wereld-verbeterende droom! Hoe ga je deze waarmaken? Simpel: in drie stappen…!

Klassikaal
Leg de klas uit dat het belangrijk is om te dromen, maar dat je je dromen ook waar kunt maken. Als je hard werkt en in jezelf gelooft kom je een heel eind.
En als je iets veranderd wilt hebben, moet je er zelf mee beginnen. Dat klinkt eenvoudig, maar er zijn toch een heleboel mensen die graag over dingen praten in plaats van het ook echt dóen. En dat terwijl de actie van één persoon een enorm effect kan hebben op de mensen om hem heen en misschien zelfs op de hele wereld!

Met deze les gaan we kijken hoe we daar zelf eigenlijk in staan. Want wat je belooft moet je doen!

Als je vanavond gaat slapen, wat wil je graag dromen?

Slide 30 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 31 - Tekstslide

In groepjes
Pak je werkblad van de vorige les erbij.
Wat is jouw droom? Daar gaan we mee aan de slag!

Ga op zoek naar klasgenoten die met hetzelfde thema bezig zijn.
De leerlingen gaan nu ‘speeddaten’ over hun droom. Hiermee vormen ze groepjes, om verder in te werken.

Heb je de regel gevolgd?
1. Je Je komt op tijd naar de les.
😒🙁😐🙂😃

Slide 32 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Heb je de regel gevolgd?
2. Als de eerste bel gaat bereid je je voor op de les.
(je ruimt alles op, je stopt je telefoon in de telefoontas)
😒🙁😐🙂😃

Slide 33 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Heb je de regel gevolgd?
3. Je luistert naar de uitleg, je luistert naar elkaar tijdens de groepsopdrachten.
😒🙁😐🙂😃

Slide 34 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Heb je de regel gevolgd?
4. Je komt voorbereid naar school. Je hebt een laptop, oortjes en je boeken bij je.
😒🙁😐🙂😃

Slide 35 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Heb je de regel gevolgd?
5. We gaan respectvol om met elkaar.
😒🙁😐🙂😃

Slide 36 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Je neemt de regels van de school serieus.
😒🙁😐🙂😃

Slide 37 - Poll

Deze slide heeft geen instructies