bs 5 gezonde voeding

Thema 2 Voeding en vertering
2.5 Gezonde voeding
1 / 29
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo k, g, tLeerjaar 2

In deze les zitten 29 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Thema 2 Voeding en vertering
2.5 Gezonde voeding

Slide 1 - Tekstslide

leerdoelen vandaag (2.5)
Aan het einde van de les:
2.5.8 Je kunt met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.


2.5.9 Je weet wat een gezond gewicht is en welke keuzen daaraan kunnen bijdragen.


2.5.10 Je kunt mogelijke oorzaken en gevolgen van eetstoornissen noemen en enkele voorbeelden geven.


Slide 2 - Tekstslide

Inleiding
Goede voeding is nodig voor een goede gezondheid.
Je lichaam gebruikt je voeding als bouwstof, brandstof, reservestof en/of beschermende stof.

Al deze functies samen bepalen hoeveel en welke voeding je nodig hebt.


je kan met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.

Slide 3 - Tekstslide

2.5 Gezonde voeding
Je eet en drinkt gezond als je van alle voedingsstoffen voldoende binnenkrijgt.
De basis van gezonde voeding is gevarieerd eten (afwisseling).

Het Voedingscentrum geeft voorlichting over goed en gezond eten.
Een hulpmiddel is de Schijf van Vijf.
je kan met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.

Slide 4 - Tekstslide

Schijf van Vijf
De Schijf van Vijf bestaat uit 5 vakken met voedingsmiddelen die je dagelijks nodig hebt.

Elk vak staat voor een productgroep.
je kan met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.

Slide 5 - Tekstslide

Schijf van Vijf
Elke productgroep heeft voordelen voor je gezondheid en levert een belangrijke voedingsstof:
- groen: vooral vitaminen
- geel: vooral vetten
- roze: vooral eiwitten
- oranje: vooral koolhydraten
- blauw: vooral water
je kan met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.

Slide 6 - Tekstslide

Schijf van Vijf
Maar de producten in de vakken leveren ook andere voedingsstoffen.
Zo zitten in vetten ook vitaminen.
Voedingsvezels vind je vooral in de vakken groen en oranje.
Mineralen komen in alle vakken voor.
je kan met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.

Slide 7 - Tekstslide

2.5 Gezonde voeding
Als je elke dag uit elk vak iets eet, krijg je voldoende voedingsstoffen binnen.

Uit de grote vakken moet je meer eten dan uit de kleine vakken.
je kan met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.

Slide 8 - Tekstslide

je kan met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Wat zijn voedingsmiddelen?
je kan met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.
A
Gezonde dingen om te eten
B
Middelen om voeding te maken
C
Alles wat we eten
D
Alles wat we eten en drinken

Slide 11 - Quizvraag

Vitamines zijn belangrijk bij gezonde voeding.
ze dienen met name als?
je kan met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.
A
Brandstof
B
Bouwstof
C
Beschermende stof
D
Reservestof

Slide 12 - Quizvraag

Wat is geen advies van het Voedingscentrum voor gezonde voeding?
je kan met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.
A
Eet gevarieerd
B
Eet niet teveel en beweeg voldoende
C
Eet veel groenten, fruit en volkoren brood
D
Eet zo weinig mogelijk onverzadigd vet

Slide 13 - Quizvraag

Gezonde voeding...
je kan met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.
A
bevat vooral eiwitten
B
is vooral gevarieerd
C
bevat vooral granen
D
bevat geen vet

Slide 14 - Quizvraag

Sleep de voedingsmiddelen naar het juiste vak in de schijf van 5.
je kan met de Schijf van Vijf adviezen voor een gezonde voeding geven.
Groen
Oranje
Roze
Blauw
Geel
Salami
Bananen
Eieren
Appels
Margarine
Thee
Granenkoekjes
Toastjes
Aardappelen
Pasta
Kwark
Rodekool

Slide 15 - Sleepvraag

2.5 Gezonde voeding
Als je elke dag uit elk vak iets eet, krijg je voldoende voedingsstoffen binnen.

Uit de grote vakken moet je meer eten dan uit de kleine vakken.

Slide 16 - Tekstslide

2.5 Gezonde voeding
Een groot deel van je voedsel gebruik je als brandstof.
Brandstof geeft je lichaam energie.

De hoeveelheid energie in voedsel wordt aangegeven met kilojoule (kJ).
Een andere eenheid voor energie in voedsel is kilocalorie (kcal).
Je kunt de eenheden naar elkaar omrekenen.



Slide 17 - Tekstslide

2.5 Gezonde voeding
Hoeveel energie je nodig hebt, verschilt van persoon tot persoon. Het hangt onder andere af van je:
- geslacht (jongens hebben meer energie nodig dan meisjes)
- lichaamsgrootte
- lichamelijke inspanning
- leeftijd (jongeren hebben meer energie nodig dan ouderen)

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

2.5 Gezonde voeding
Wat je eet en hoeveel je eet, heeft invloed op je gewicht.
Meestal geldt: je gewicht blijft gelijk als je evenveel energie opneemt als je verbruikt.

Eet je meer dan je nodig hebt, dan wordt een deel van de voedingsstoffen opgeslagen als reservestof. Meestal is dat vet.

Slide 20 - Tekstslide

2.5 Gezonde voeding
Eet je minder dan je nodig hebt, dan ga je reservestoffen gebruiken als brandstof voor energie. Dan val je af.

Maar je gewicht heeft ook te maken met erfelijke eigenschappen:
- de een heeft een zwaardere bouw dan een ander
- de stofwisseling kan verschillen
- de dikte van de onderhuidse vetlaag verschilt van persoon tot persoon

Slide 21 - Tekstslide

2.5 Gezonde voeding
Bij overgewicht of obesitas (ernstig overgewicht) is er teveel vet in het lichaam opgeslagen.

Mensen met overgewicht hebben meer kans op hart- en vaatziekten en diabetes (suikerziekte).
Overgewicht is ook slecht voor de gewrichten.

Slide 22 - Tekstslide

2.5 Gezonde voeding
Een te laag lichaamsgewicht noem je ondergewicht.
Hierbij kan er een tekort aan voedingsstoffen ontstaan.

Iemand met ondergewicht kan sneller ziek worden en is sneller moe en lusteloos.
Er is een grotere kans op botbreuken.

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Tekstslide

2.5 Gezonde voeding
Mensen met een eetstoornis zijn in hun hoofd de hele dag bezig met eten en drinken. Ze maken zich zorgen over de invloed van eten en drinken op hun lichaam.

Er zijn verschillende eetstoornissen, onder andere:
- anorexia nervosa: eetstoornis waarbij mensen extreem weinig eten
- boulimia nervosa: eetstoornis met eetbuien waarbij vervolgens het voedsel wordt uitgebraakt of laxeermiddelen worden gebruikt
- eetbuistoornis: eetstoornis met eetbuien, waarbij niet wordt gebraakt of en laxeermiddel wordt gebruikt

Slide 25 - Tekstslide

2.5 Gezonde voeding
Oorzaken van eetstoornissen kunnen zijn:
- beïnvloed worden door je cultuur of de media
- ontevreden zijn over jezelf of je uiterlijk (negatief zelfbeeld)
- nare gebeurtenissen in je leven
- angst om de controle te verliezen
- faalangst of perfectionisme

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

Slide 28 - Tekstslide

zelf aan de slag
2.5 Gezonde voeding: lees de tekst door en maak de opdrachten:

opdracht 1 t/m 5 maken
(vanaf blz. 118)

Slide 29 - Tekstslide