Klappen voor Bart

Klappen voor Bart
Volg het stappenplan, dan maken we er een goede les van.
1. Telefoons in de telefoontas op  volgorde!
2. Pak je laptop
3. Log in bij LessonUp met je eigen naam
1 / 13
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Klappen voor Bart
Volg het stappenplan, dan maken we er een goede les van.
1. Telefoons in de telefoontas op  volgorde!
2. Pak je laptop
3. Log in bij LessonUp met je eigen naam

Slide 1 - Tekstslide

Wat ga je doen
Leerdoel: Aan het einde van de les:
- Weet je het verschil tussen plagen en pesten.
- Weet je wat cyberpesten is.
- Weet je wat cabaret is en je bent voorbereid op de voorstelling.
Wat gaan we doen?
  • Check: Profielpagina ingeleverd?
  • Klappen voor Bart

Slide 2 - Tekstslide

Fictie: Profielpagina 
Profielpagina is vandaag ingeleverd.
Morgenmiddag na je laatste les kom je naar lokaal 35 om de opdracht af te maken. Pas als de opdracht af is, mag je naar huis.

Slide 3 - Tekstslide

Klappen voor Bart
Filmpje 1: Kijk naar het filmpje en geef antwoord op de volgende vragen:
1. Wie wordt er in het filmpje gepest? 
2. Wat vind je van de reactie van het slachtoffer? 
3. Welke van de twee jongens in het filmpje vind je het meest zielig? Het slachtoffer? Of is de dader misschien net zo zielig? 
4. Is pesten een groot probleem in Nederland, denk je?

Slide 4 - Tekstslide

Praat in tweetallen
Praat in tweetallen en geef antwoord op de volgende vragen:
1. Waarom denk je dat sommige leerlingen pesten?
2. Pest iemand in zijn eentje of met een groep?
3. Waarom worden leerlingen gepest?
4. Waarom durven sommige kinderen niets te doen of te zeggen als anderen worden gepest? Wat vind je hiervan?

timer
2:30

Slide 5 - Tekstslide

Rollen in de pesterij
  • De gepeste: Iemand die vaak net anders is dan andere kinderen en daarom gepest wordt.
  • De pester: Degene die pest en anderen aanmoedigt om mee te pesten. Pesters zijn geliefd bij populaire leerlingen en ze willen een goede positie in de groep hebben.
  • De meeloper: Bewust meepesten met de dader. 
  • De aanmoediger: Pest niet bewust mee, maar kijken wel met plezier toe hoe de ander gepest wordt. Ze lachen en joelen bijvoorbeeld als er iemand wordt gepest.
  • De buitenstaander: Buitenstaanders kijken toe als er iemand gepest wordt en ondernemen geen actie. Vaak doen zij net alsof er niets aan de hand is en proberen zij het pesten te negeren. Wel voelen zij zich er meestal rot over dat er gepest wordt en kunnen zij bang zijn om zelf gepest te worden. 
  • De verdediger: Helpen het slachtoffer door pesters aan te spreken of troost bieden.

Slide 6 - Tekstslide

Filmpje 1 opnieuw
Kijk het filmpje nu nog eens, maar dan lettend op de rollen: gepeste, pester, meeloper, aanmoediger, buitenstaander, verdediger.
Geef antwoord op de vragen:
1. Welke van de rollen bij pesten komen er in het filmpje voor?
2. Wat is de rol van de filmer?
3. Wat zou jij hebben gedaan als je dit zag gebeuren? En wat
zou jij hebben willen doen als je dit zag gebeuren? Wat
maakt het verschil?

Slide 7 - Tekstslide

Cyberpesten
1. Waarom is er in dit filmpje sprake van cyberpesten?
2. Welk effect heeft het cyberpesten op het leven van het gepeste meisje?
3. Het komt voor dat jongeren zelfmoord plegen als gevolg van cyberpesten. Denk je
dat de pesters in het filmpje zich hiervan bewust zijn?
4. Wat kun je doen als iemand vervelende foto’s van jou op internet zet?

Slide 8 - Tekstslide

Stelling: Cyberpesten is minder erg dan 'gewoon pesten', omdat dingen niet rechtstreeks worden gezegd
A
Eens
B
Oneens

Slide 9 - Quizvraag

Stelling: Cyberpesten is onschuldig: als je je telefoon uitzet, heb je er geen last meer van.
A
Eens
B
Oneens

Slide 10 - Quizvraag

Stelling: Je moet nooit naaktfoto's van jezelf naar anderen sturen, zelfs niet naar je vrienden.
A
Eens
B
Oneens

Slide 11 - Quizvraag

Stelling: In een groeps-app zeggen dat je iemand dom of lelijk vindt, is geen pesten, het is een mening.
A
Eens
B
Oneens

Slide 12 - Quizvraag

Cabaret
1. Wat is cabaret?
2. Ga je zelf weleens naar een cabaretvoorstelling of bekijk je die op internet of
televisie?
3. Welke cabaretier vind je goed? Waarom?
4. Maak je zelf weleens grappen over anderen? En anderen weleens over jou? over
jou? Kun je hier een voorbeeld van noemen?
5. Bij pesten worden er ook vaak grappen gemaakt over iemand. Waarom zijn deze
grapjes niet leuk?

Slide 13 - Tekstslide