Les 1 Batterijen

les 1 batterijen
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

In deze les zitten 15 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

les 1 batterijen

Slide 1 - Tekstslide

leerdoelen
4.1.1 Je kunt apparaten noemen die werken op batterijen.
4.1.2 Je kunt de plus en de min van een batterij aanwijzen.
4.1.3 Je kunt de spanning van een staafbatterij benoemen.
4.1.4 Je kunt de spanning van een penlite-batterij benoemen.
4.1.5 Je kunt de spanning berekenen als je batterijen in serie schakelt.
4.1.6 Je kunt uitleggen hoe een platte batterij is opgebouwd.
4.1.7 Je kunt uitleggen waarom batterijen schadelijk zijn voor het milieu.
4.1.8 Je kunt beschrijven hoe oplaadbare batterijen werken.
4.1.9 Je kunt uitleggen waarom sommige apparaten niet goed werken met oplaadbare batterijen.

Slide 2 - Tekstslide

introductie maken (digitaal)
timer
8:00

Slide 3 - Tekstslide

Elektriciteit
Veel apparaten werken op batterijen. 

Batterijen geven elektriciteit.

Je hebt vele verschillende batterijen.

Slide 4 - Tekstslide

staafbatterij
Een eenvoudige batterij is de staafbatterij.
De staafbatterij heeft een dopje en daar staat een +. 
Dit is de plus van de batterij. 
De + staat altijd op de batterij. De andere kant van de batterij is de min (−) van de batterij.

Slide 5 - Tekstslide

staafbatterij
Een eenvoudige batterij is de staafbatterij.
De staafbatterij heeft een dopje en daar staat een +. 
Dit is de plus van de batterij. 
De + staat altijd op de batterij. De andere kant van de batterij is de min (−) van de batterij.

Op een staafbatterij staat 1,5 V.
Dit is de spanning van de batterij.

V is de afkoring van volt.

Slide 6 - Tekstslide

De penlite-batterij
enlite-batterijen zijn kleine staafbatterijen.

 Het dopje is de plus. De spanning van een penlite-batterij is 1,5 volt.

Slide 7 - Tekstslide

maken opdracht 1 t/m 3 blz 202
timer
3:00

Slide 8 - Tekstslide

batterijen in serie schakelen.
Het achterlicht van een fiets heeft 3,0 volt nodig om met genoeg licht te branden. 

Dat is twee keer 1,5 volt. 
Als je twee penlite-batterijen op de juiste manier achter elkaar legt, dan krijg je 3,0 volt. 

Door batterijen achter elkaar te leggen, kun je de spanning vergroten. 

Dat noem je: batterijen in serie schakelen.

Slide 9 - Tekstslide

spanning berekenen 
Je wilt batterijen in serie schakelen. 
Dan leg je de plus van batterij 2 tegen de min van batterij 1. 

De spanning die je nu krijgt, kun je uitrekenen. 

Je moet de spanning van de batterijen optellen.

 Als je drie batterijen in serie schakelt, dan is de spanning: 
1,5 + 1,5 + 1,5 volt = 4,5 volt. 

Je kunt ook berekenen: 3 × 1,5 volt = 4,5 volt.

Slide 10 - Tekstslide

De platte batterij
Hiernaast zie je een platte batterij.
 De buitenkant is opengemaakt, zodat je in de batterij kunt kijken. 

Je ziet dat een platte batterij bestaat uit drie staafbatterijen.
In de platte batterij zijn de drie batterijen in serie geschakeld. 
Er gaat een draad van de min van de batterij naar de plus van de batterij ernaast.

Slide 11 - Tekstslide

maken opdracht 4 t/m 7 blz 206
timer
5:00

Slide 12 - Tekstslide

Batterijen en het milieu
In batterijen zitten chemische stoffen die nodig zijn om elektriciteit te maken. 
Als die stoffen zijn uitgewerkt, dan is de batterij leeg. 
De chemische stoffen in een batterij zijn schadelijk voor het milieu.
 Lege batterijen horen daarom bij het klein chemisch afval.

Slide 13 - Tekstslide

De oplaadbare batterij
Oplaadbare batterijen kan je weer vullen als ze leeg zijn. 

Met elektriciteit uit het stopcontact worden de batterijen weer opgeladen.

 
De spanning van een oplaadbare batterij is 1,2 volt.
 Sommige apparaten werken daarom niet goed met oplaadbare batterijen. 

Slide 14 - Tekstslide

huiswerk opdracht 8 t/m 12 blz 207 t/m 208

Slide 15 - Tekstslide