3.2 wie is de baas

Terugblik paragraaf 3.1
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 2

In deze les zitten 12 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Terugblik paragraaf 3.1

Slide 1 - Tekstslide

Is aardbeien plukken een voorbeeld van geschoold of ongeschoold werk?
A
Geschoold werk
B
Ongeschoold werk

Slide 2 - Quizvraag

Achmed is automonteur
A
geschoold werk
B
ongeschoold werk
C
Kan beide

Slide 3 - Quizvraag

De buurman werkt 38 uur als vrachtwagenchauffeur
A
voltijdbaan
B
deeltijdbaan

Slide 4 - Quizvraag

3.2 wie is de baas?
lesdoelen:
Aan het eind van deze les weet je..
.. het verschil tussen een werkgever en werknemer
.. wat een arbeidsovereenkomst is
..wat proeftijd betekent
..de verschillende soorten banen

Slide 5 - Tekstslide

Werkgever:
  • de "baas"
  • heeft één of meerdere personen in dienst, die hij loon betaald
  • verdient geld door winst te maken


Werknemer:

  • je doet betaald  werk in dienst van een "baas"

Slide 6 - Tekstslide

Afspraken met de baas
Arbeidsovereenkomst: jij komt elke dag werken. In ruil daarvoor krijg jij geld (= loon).

Hierin staan de arbeidsvoorwaarden: Hoeveel uur per week werk je, hoeveel vrije dagen heb je, wat ga je verdienen, etc.

In de overeenkomst staat verplicht een proeftijd. Dat betekent dat je (2 maanden lang) allebei gaat kijken of het bevalt. Als het niet bevalt kun je allebei de overeenkomst stopzetten.

Slide 7 - Tekstslide

Tijdelijke baan:
  • voor een bepaalde tijd
  • tot afgesproken einddatum
Vaste baan:
  • voor on-bepaalde tijd
  • er is geen einddatum
Flexibele baan:
  • je werkt wanneer je nodig bent
  • oproepkracht uitzendburo

Slide 8 - Tekstslide

Wat is een manager
A
Werknemer
B
Werkgever

Slide 9 - Quizvraag

Eric werkt maandags in een kleding zaak
A
Werkgever
B
Werknemer

Slide 10 - Quizvraag

Wat is een arbeidsovereenkomst?
A
Een afspraak tussen werkgever en werkgever
B
Opzegtermijn
C
Proeftijd
D
Een afspraak tussen werknemer en werkgever

Slide 11 - Quizvraag

Maaike heeft een eigen kleding winkel met personeel.
Maaike is de ..
A
Werkgever
B
Werknemer

Slide 12 - Quizvraag