4.4 - A - Kunst en cultuur

4.4 - A - Kunst en 
cultuur 
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 15 slides, met tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

4.4 - A - Kunst en 
cultuur 

Slide 1 - Tekstslide

Planning
  • Leerdoelen
  • Griekse cultuur
  • Beeldhouwkunst
  • Bouwkunst
  • Zelfstandig werken
  • Afsluiting

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoelen
  • Je kunt bewijzen waarom de Griekse cultuur juist in Athene opbloeide.  

  • Je kunt verschillende Griekse kunstuitingen noemen en met voorbeelden beschrijven. 

Slide 3 - Tekstslide

Cultuur
  • Cultuur: alles wat  door een samenleving wordt bedacht en gemaakt. 
    -
     gebouwen, schilderijen, verhalen, politiek.

  • Grieken hadden dezelfde taal, dezelfde goden en bouwden dezelfde tempels. 

  • Al deze overeenkomsten vormden samen de Griekse cultuur. 

Slide 4 - Tekstslide


Bloei periode van Athene


  • Athene was erg rijk en trok verschillende mensen aan. 
  • Jongens gingen naar school en kregen les in taal en cultuur. 
  • Athene legde de basis  voor de Griekse cultuur
  • Grieken namen hun cultuur mee naar de kolonies aan de Middellandse Zee. 
  • Ontwikkeling van de klassieke cultuur: cultuur van de Grieken en de Romeinen. 

Slide 5 - Tekstslide

Beeldhouwkunst (1)
  • Echte Griekse beeldhouwkunst ging verloren tijdens Middeleeuwen. 

  • Tegenwoordig: kopieën Romeinen of Renaissance.

  • Houten  en bronzen beelden waren elf meter hoog, felle kleuren en edelstenen.

Slide 6 - Tekstslide

Beeldhouwkunst (2)
  • Bestudering van het menselijk lichaam: spieren, beweging en gezicht. 

  • Bij Griekse beeldhouwkunst ging het niet om gelijkenis maar om volmaaktheid. 

  • Geen mimiek in de beelden. 

  • Beelden van sporters, goden en belangrijke Grieken. Mensen werden als voorbeeld gebruikt voor de goden. 

Slide 7 - Tekstslide

Bouwkunst 
  • Eerst gebouwen van hout, later steen. 

  • Wiskundige berekeningen in de bouwkunst.

  • Theaters, tempels, stadions en stoa. 

  • Gebouwen werden gemaakt voor het vereren van de goden. 

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Video

Stadhuis van Groningen
Akropolis 

Slide 10 - Tekstslide



Theater



  • In de openlucht. 
  • Alle rollen gespeeld door mannen
  • Gebruik van maskers voor gezichtsuitdrukkingen.
  • Twee soorten toneelspelen: komedie en tragedie.

Slide 11 - Tekstslide

Komedie
  • Grieks: komoidia.

  • Blijspel.

  • Politieke ondertoon. 

  • Loopt goed af.

  • Voordragen van gedichten. 

Slide 12 - Tekstslide

Tragedie
  • Grieks: tragōidia ('bokkenzang')

  • Treurspel. 

  • Verhouding tussen goden en mensen stond en centraal. 

  • Loopt slecht af.

  • Oedipus, Medea, Troje. 

Slide 13 - Tekstslide

Leerdoelen verwerken

  • Leerdoel 1: Je kunt bewijzen waarom de Griekse cultuur juist in Athene opbloeide.
  • Leerdoel 2: Je kunt verschillende Griekse kunstuitingen noemen en met voorbeelden beschrijven. 

  • Ben je van mening dat jou dit goed afgaat? Dan mag je aan de slag met de invulsamenvatting. Nadat je de paragraaf hebt door gelezen. 

Slide 14 - Tekstslide

Leerdoelen
  • Je kunt twee kenmerken noemen van de Griekse kunst en uitleggen waarom deze kunst vormen zo bijzonder waren.

  • Je kunt het begrip cultuur uitleggen. 

Slide 15 - Tekstslide