les 5 B5 en Lo vr 12 mei

Welkom
Mobiel uitzetten en in de tas doen.
Rustig op je eigen plek gaan zitten.
Je laptop alvast opstarten en inloggen bij lessonup, daarna je laptop omdraaien (met scherm naar de docent).
Als de timer op 0 staat start de uitleg en zit je klaar.

timer
1:00
1 / 45
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

In deze les zitten 45 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Welkom
Mobiel uitzetten en in de tas doen.
Rustig op je eigen plek gaan zitten.
Je laptop alvast opstarten en inloggen bij lessonup, daarna je laptop omdraaien (met scherm naar de docent).
Als de timer op 0 staat start de uitleg en zit je klaar.

timer
1:00

Slide 1 - Tekstslide

Deze les
-Terugblik B4 thema 6
-Uitleg nieuwe doelen thema 6 B5 + Lo.   
-Opdrachten maken.   
-Afsluiten; hoe is het deze les gegaan? 

Slide 2 - Tekstslide

Wat is herintroductie van soorten
A
Nieuwe soorten in de omgeving vrijlaten.
B
Dieren laten aanpassen aan een verandert milieu.
C
Uitgestorven soorten weer terug brengen vanuit andere gebieden.
D
Natuur gebieden maken.

Slide 3 - Quizvraag

Wat is biodiversiteit?
A
Het aantal dieren van een soort op aarde
B
Het aantal soorten organismen op aarde
C
Het aantal soorten planten in een gebied
D
Het aantal soorten

Slide 4 - Quizvraag

In tropische gebieden vindt ontbossing plaats, waardoor er meer ruimte is voor de landbouw.

Heeft ontbossing invloed op de biodiversiteit? Zo ja, neemt de biodiversiteit door ontbossing toe of af?
A
Ontbossing heeft geen invloed op de biodiversiteit.
B
Door ontbossing neemt de biodiversiteit toe.
C
Door ontbossing neemt de biodiversiteit af.

Slide 5 - Quizvraag

Welk soort beheer?
kappen van bomen
A
Agrarisch natuurbeheer
B
Bosbeheer
C
Faunabeheer
D
Waterbeheer

Slide 6 - Quizvraag

Welk soort beheer?
sluizen op een kier zetten waardoor een
natuurlijk overgangsgebied van zeewater en
rivierwater ontstaat.
A
Agrarisch natuurbeheer
B
Bosbeheer
C
Faunabeheer
D
Waterbeheer

Slide 7 - Quizvraag

De leerdoelen voor deze week: 
-Je kunt verklaren dat veel natuur in Nederland is ontstaan door ingrijpen van de mens.
-Je kunt manieren noemen waarop mensen in Nederland de natuur behouden, beschermen en herstellen.
-Je kunt enkele oorzaken en gevolgen van uitputting en vervuiling beschrijven.
-Je kunt enkele oorzaken en gevolgen van klimaatverandering beschrijven.
-Je kunt een beschrijvend onderzoek uitvoeren.

Slide 8 - Tekstslide

-Je kunt enkele oorzaken en gevolgen van uitputting en vervuiling beschrijven.
Twee oorzaken:
-Steeds meer mensen.
-Veranderde levenswijze

Slide 9 - Tekstslide

-Je kunt enkele oorzaken en gevolgen van uitputting en vervuiling beschrijven.

Slide 10 - Tekstslide

-Je kunt enkele oorzaken en gevolgen van uitputting en vervuiling beschrijven.

Slide 11 - Tekstslide

-Je kunt enkele oorzaken en gevolgen van uitputting en vervuiling beschrijven.
Als vervuiling en uitputting leidt tot aantasting van het milieu spreken we van milieuproblemen.

Slide 12 - Tekstslide

Milieu problemen
Uitputting
- Stoffen uit het milieu

Vervuiling
- Stoffen aan het milieu toevoegen

Slide 13 - Tekstslide

Uitputting
Grondstoffen
Aardolie en andere fossiele brandstoffen, zand en metaalerts en overige mineralen.

Monocultuur
Elk jaar op groot gebied dezelfde planten verbouwd -> bodem uitgeput .

Slide 14 - Tekstslide

Vervuiling
- Stikstof 
Land bemesten, maar ook verkeer en bouw

Stikstof terecht in grondwater -> watervervuiling en in de lucht -> Luchtvervuiling 


Slide 15 - Tekstslide

Bodemvervuiling
  • Giftige stoffen in bodem opgenomen door planten
  • Afval van chemische industrie.

Slide 16 - Tekstslide

Watervervuiling
  • Vervuild door fabrieken, land- en tuinbouw, en scheepvaart
  • Zware metalen, chemisch gewasbeschermingsmiddel, kunstmest
  • Huishoudelijk afvalwater

Slide 17 - Tekstslide

Watervervuiling in het nieuws
Maar door allerlei maatregelen is de watervervuiling al wel afgenomen.

Slide 18 - Tekstslide

Luchtvervuiling: Smog
  • Mist vervuild door rook en uitlaatgassen
  • Zomersmog van ozon, fijnstof en uitlaatgassen (bruin)
    (Chemische reactie van deze stoofen door warmte en zonlicht)
  • Wintersmog van fijnstof en gassen uit verbranding (grijs)

Maatregelen om uitstoot van 
verbrandigsgassen te voorkomen 
verminderd smog Corona ook!

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

  • Zwevende deeltjes in de lucht. (55% natuurlijk en rest door toedoen van de mens)
  • Mens zorgt voor: 
    Stofresten remschijven, rubberdeeltjes banden, uitlaatgassen, rook van kachels en barbecues, vuurwerk.

    Vooral het fijnstof veroorzaakt door de mens is schadelijk voor de gezondheid (hart en vaatziekten en longziekten)
Luchtvervuiling: Fijnstof

Slide 21 - Tekstslide

-Je kunt enkele oorzaken en gevolgen van klimaatverandering beschrijven.
Oorzaak (waar komt het door): De mens veroorzaakt een toename van de broeikasgassen.

Gevolg (wat gaat er veranderen): Hogere temperaturen, zeespiegelstijging, veranderingen in de natuur, invloed op gezondheid. 

Slide 22 - Tekstslide

-Je kunt enkele oorzaken en gevolgen van klimaatverandering beschrijven.
Oorzaak:
  • Door toedoen van de mens wordt het broeikaseffect versterkt. We gaan van een kas met enkelglas naar een kas met dubbelglas.
  • Verbranden van fossiele brandstoffen zorgt voor een toename van de broeikasgassen 

Slide 23 - Tekstslide

Broeikaseffect
Een deel van de warmte-uitstraling van de aarde wodt tegengehouden door gassen in de dampkring. 
Hebben we op aarde nodig anders is het 30 graden kouder. 
 
Belangrijke broeikasgassen: koolstofdioxide, methaan, waterdamp.

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Video

Broeikaseffect
Natuurlijk broeikaseffect
Versterkt broeikaseffect

Slide 26 - Tekstslide

Gevolgen klimaatverandering

Slide 27 - Tekstslide

Gevolgen klimaatverandering
De opwarming van de aarde leidt tot het stijgen van de zeespiegel omdat het zuidpoolijs smelt en warm water meer ruimte inneemt dan koud water.





Slide 28 - Tekstslide

Gevolgen (zie vraag 5)
Voedselketens kunnen in gevaar komen.
Als het seizoen van organismen die voedsel zijn voor anderen niet meer aansluit op het seizoen dat het meeste voedsel nodig is.

Slide 29 - Tekstslide

Gevolgen klimaatverandering
Blauwalg groeit beter bij hogere temperaturen.
Deze algen vergiftigen 
o.a. zwemwater.

Slide 30 - Tekstslide

Gevolgen klimaatverandering
Verzilting: vermindering van de hoeveelheid zoet water en zeewaterstijging leidt tot verzilting van rivieren en daardoor landbouwgrond.




Slide 31 - Tekstslide

Gevolgen klimaatverandering
Woestijnen worden groter.




Slide 32 - Tekstslide

Klimaatverandering
Verandering van het weer gedurende meerdere jaren.

Slide 33 - Tekstslide

Is er wat aan te doen?
Ja, maar dat moet wel internationaal want de vervuiling stopt niet bij de grens.
Klimaatverdrag van Parijs. Daarin hebben 195 landen, inclusief Nederland, afgesproken om in 2050 de stijging van de gemiddelde wereldtemperatuur te beperken tot ruim onder 2 graden Celsius, en zo mogelijk 1,5 graden Celsius.  
Het belangrijkste broeikasgas is koolstofdioxide (CO2). Daarom richten we ons vooral op het verminderen van de CO2-uitstoot in de lucht.
Wat gaat Nederland doen?
En verder: verbod CFK's heeft goed gewerkt, Filters en katalysatoren helpen ook, en zelf kun je natuurlijk ook je bijdrage leveren.

Slide 34 - Tekstslide

Leren onderzoeken.
Wat is het verschil tussen een experimenteel en een beschrijvend onderzoek?

Na dit thema ga je zelf een onderzoek doen, dat mag beschrijvend zijn. Zorg dus dat je weet wat dat is en stel vragen als de opdracht niet duidelijk is. (Maar je hoeft dus opdracht 4 dus nu nog niet te doen, 1 t/m 3 moet je wel voor de volgende les af maken).

Slide 35 - Tekstslide

timer
10:00
Leerdoelen:
-Je kunt verklaren dat veel natuur in Nederland is ontstaan door ingrijpen van de mens.
-Je kunt manieren noemen waarop mensen in Nederland de natuur behouden, beschermen en herstellen.
-Je kunt enkele oorzaken en gevolgen van uitputting en vervuiling beschrijven.
-Je kunt enkele oorzaken en gevolgen van klimaatverandering beschrijven.
-Je kunt een beschrijvend onderzoek uitvoeren.

Kun je bereiken door:
-De tekst van thema 6 basisstof 4 en 5 en lerenonderzoeken 1 te lezen/bestuderen.
-Te maken: Basisstof 4 en 5 en van lerenonderzoeken vraag 1 t/m 3-4. 
-De antwoorden van de opdrachten serieus te controleren.
-Je kennis van de leerdoelen te toetsen met de flitskaarten en de test je zelf.




  Na afloop nog een paar (5) vragen via lessonup.  

Slide 36 - Tekstslide

Afsluiting.
Wat nog niet af is van de studiewijzer van deze week is huiswerk voor de 1e les van volgende week. 

Wat heb je geleerd deze les, alles duidelijk?

Zo niet gebruik dan de volgende links in lessonup om extra te oefenen.

Slide 37 - Tekstslide

Hoort het gebruik van grondstoffen tot vervuiling of uitputting?
A
vervuiling
B
uitputting
C
geen van beide
D
beide

Slide 40 - Quizvraag

Horen uitlaatgassen tot vervuiling of uitputting
A
vervuiling
B
uitputting

Slide 41 - Quizvraag

Wat is een monocultuur?
A
Het verbouwen van meerdere gewassen op een groot oppervlak.
B
Het verbouwen van een gewas op verschillende oppervlakten.
C
Het verbouwen van een gewas op een groot oppervlak.
D
Het verbouwen van vraatbestendige gewassen.

Slide 42 - Quizvraag

Wat is geen oorzaak van klimaatverandering?
A
Versterkt broeikaseffect
B
Broeikaseffect
C
Natuurlijke schommelingen in klimaat
D
Verbranding van fossiele brandstoffen

Slide 43 - Quizvraag

Door klimaatverandering smelt het ijs op de gletsjers en de poolkappen. Kan dat gevolgen hebben voor Nederland?
A
Ja, want het water van de Noordzee stijgt hierdoor
B
Ja, want daardoor komt Nederland hoger te liggen
C
Nee, want in Nederland zijn geen gletsjers en
D
Nee, want Nederland ligt niet in de buurt van de polen

Slide 44 - Quizvraag


Dit is het einde van deze les.

In je agenda gezet wat je gaat of moet doen?

Tot volgende keer.
  


Slide 45 - Tekstslide