Jack the Ripper - Kijk- Luister

Jack the Ripper
1 / 53
volgende
Slide 1: Woordweb
EngelsMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 3

In deze les zitten 53 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Jack the Ripper

Slide 1 - Woordweb

50

Slide 2 - Video

00:03
Hoe lang is het geleden dat Jack the Ripper toesloeg?

A. Bijna 100 jaar geleden.
B. Meer dan 100 jaar gelden.
C. 200 jaar geleden?

Slide 3 - Tekstslide

00:29
How long ago did Jack the Ripper strike?
A
Almost 100 years ago
B
More than 100 years ago.
C
200 years ago.
D
Less than 100 years ago.

Slide 4 - Quizvraag

00:29
In what year does the story of Jack the Ripper start?

Slide 5 - Tekstslide

01:28
In what year does the story of Jack the Ripper start?

Slide 6 - Open vraag

01:28
How many murders are linked to 
Jack the Ripper?

Slide 7 - Tekstslide

01:59
How many murders are linked to
Jack the Ripper?

Slide 8 - Open vraag

01:59
How many suspects do Ryan en Shane have?

A. 5
B. 8
C. 11

Slide 9 - Tekstslide

03:14
How many suspects do Ryan en Shane have?
A
5
B
8
C
11

Slide 10 - Quizvraag

03:16
What time was Mary Ann Nichols body found?

a. 3.20 am
b. 3.40 pm
c. 3.40 am

Slide 11 - Tekstslide

03:51
What time was Mary Ann Nichols body found?
A
3.20 am
B
3.40 pm
C
3.40 am

Slide 12 - Quizvraag

03:51
 What date was the second victim found?

Slide 13 - Tekstslide

05:38
What date was the second victim found?

Slide 14 - Open vraag

05:38
How did Jack the Ripper start his letter to the police?

Slide 15 - Tekstslide

07:27
How did Jack the Ripper start his letter to the police?

Slide 16 - Open vraag

07:27
Wat geloven een hoop mensen over de brief?

a. Dat deze echt van de moordenaar afkomt. 
b. Dat deze geschreven is door een journalist.
c. Dat de politie deze brief zelf heeft gemaakt.

Slide 17 - Tekstslide

08:20
Wat geloven een hoop mensen over de brief?
A
Dat deze echt van de moordenaar afkomt.
B
Dat deze geschreven is door een journalist.
C
Dat de politie deze brief zelf heeft gemaakt.

Slide 18 - Quizvraag

08:20
What is special about Elisabeth Stride's murder?


A. He wanted to confuse the police.
B. Jack was caught 'red handed'.
C. Only her throat was slit because he was disturbed.

Slide 19 - Tekstslide

09:04
What is special about Elisabeth Stride's murder?
A
He wanted to confuse the police.
B
Jack was caught 'red handed'.
C
Only her throat was slit because he was disturbed.

Slide 20 - Quizvraag

09:05
How much time was between Elizabeth Stride's murder and the next vicitm?


a. 45 minutes
b. 45 days
c. 45 hour

Slide 21 - Tekstslide

09:17
How much time was between Elizabeth Stride's murder and the next vicitm?
A
45 minutes
B
45 days
C
45 hour

Slide 22 - Quizvraag

09:17
Welke conclusie wordt er over Jack the Ripper getrokken uit het feit dat hij juist terug
richting het eerdere slachtoffer liep?


a. Hij wilde zijn werk daar nog afmaken.
b. Hij wilde zich aangeven bij de politie.
c. Hij woonde wellicht in de buurt

Slide 23 - Tekstslide

11:28
Welke conclusie wordt er over Jack the Ripper getrokken uit het feit dat hij juist terug richting het eerdere slachtoffer liep?
A
Hij wilde zijn werk daar nog afmaken.
B
Hij wilde zich aangeven bij de politie
C
Hij woonde wellicht in de buurt.

Slide 24 - Quizvraag

11:29
Wat vond de politie opvallend aan de informatie op de kaart die ze ontvangen?


a. Het was duidelijk dat dit van een oplichter kwam.
b. Er stond informatie op die nog niet bekend gemaakt was.
c. De politie wist deze informatie zelf nog niet eens.

Slide 25 - Tekstslide

12:25
Wat vond de politie opvallend aan de informatie op de kaart die ze ontvangen?
A
Het was duidelijk dat dit van een oplichter kwam.
B
Er stond informatie op die nog niet bekend gemaakt was.
C
De politie wist deze informatie zelf nog niet eens.

Slide 26 - Quizvraag

12:25
Where was the last victim found?

a. in the street
b. In her own bed
c. In a bath

Slide 27 - Tekstslide

13:51
Waar werd het laatste slachtoffer gevonden?
A
in the street
B
in her own bed
C
in a bath

Slide 28 - Quizvraag

13:51
How old do they think Jack the Ripper is?

Slide 29 - Tekstslide

15:29
How old do they think Jack the Ripper was?

Slide 30 - Open vraag

15:29
How many suspects did Sir Melville have?

Slide 31 - Tekstslide

15:59
How many suspects did Sir Melville have?

Slide 32 - Open vraag

16:00
Wat was één van de redenen dat Ostrog verdacht werd?

a. Familieleden van hem waren dokter
b. Hij had een hekel aan vrouwen
c. Hij had geen alibi voor de tijdstippen van de moorden

Slide 33 - Tekstslide

18:26
Wat was één van de redenen dat Ostrog verdacht werd?
A
Familieleden van hem waren dokter
B
Hij had een hekel aan vrouwen
C
Hij had geen alibi voor de tijdstippen van de moorden

Slide 34 - Quizvraag

18:26
Op welk kledingstuk werd het DNA van Kosminski gevonden?

Slide 35 - Tekstslide

18:48
Hoeveel jaar heeft Mr Edwards aan het oplossen van de moord gewerkt?

Slide 36 - Tekstslide

18:48
Op welk kledingstuk werd het DNA van Kosminski gevonden?

Slide 37 - Open vraag

19:56
Hoeveel jaar heeft Mr Edwards aan het oplossen van de moord gewerkt?

Slide 38 - Open vraag

22:48
Wat is het grootste bezwaar op het idee dat Jack the Ripper eigenlijk een vrouw is?

a. Alle ooggetuigen hebben het over een man
b. Een vrouw in die tijd had geen anatomische kennis.
c. Het gevonden DNA is van een man

Slide 39 - Tekstslide

23:45
Wat is het grootste bezwaar op het idee dat Jack the Ripper eigenlijk een vrouw is?
A
Alle ooggetuigen hebben het over een man
B
Een vrouw in die tijd had geen anatomische kennis,
C
Het gevonden DNA is van een man

Slide 40 - Quizvraag

25:20
Wat is het beroep van Patricia Cornwell, de vrouw die denkt dat Walter Sickert Jack
the Ripper is?

Slide 41 - Tekstslide

25:35
Wat is het beroep van Patricia Cornwell, de vrouw die denkt dat Walter Sickert Jack
the Ripper is?

Slide 42 - Open vraag

28:28
Hoe lang werd Barnett ondervraagd na de moord op Mary Kelly?


a. Twee uur
b. Vier uur
c. Zes uur

Slide 43 - Tekstslide

30:25
Hoe lang werd Barnett ondervraagd na de moord op Mary Kelly?
A
Twee uur
B
Vier uur
C
Zes uur

Slide 44 - Quizvraag

31:50
Op welke dagen zijn de moorden gepleegd?

Slide 45 - Tekstslide

32:32
Op welke dagen zijn de moorden gepleegd?

Slide 46 - Open vraag

32:32
Wat is het eerstgenoemde bewijs om Maybrick te verdenken?

Slide 47 - Tekstslide

33:10
Wat is het eerstgenoemde bewijs om Maybrick te verdenken?

Slide 48 - Open vraag

35:15
Wie van de verdachten is volgens Ryan en Shane de meest logische?

Slide 49 - Tekstslide

35:49
Wie van de verdachten is volgens Ryan en Shane de meest logische?

Slide 50 - Open vraag

35:49
Is de zaak van Jack the Ripper opgelost?

Slide 51 - Tekstslide

36:45
Is de zaak van Jack the Ripper opgelost?

Slide 52 - Open vraag

Wie denk jij dat Jack the Ripper is?

Slide 53 - Open vraag