Hechtingsstoornis 31/41AMZ 2022-2023

Doelgroepen


Hechting
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
doelgroepenMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Doelgroepen


Hechting

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is hechting?
Hechting is de band tussen ouder en kind die ontstaat in het eerste levensjaar. Het wordt ook wel gehechtheid of gehechtheidsrelatie genoemd.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hechtingsstoornis?

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Voorwaarden voor veilige hechting
  1. Sensitief reageren: ouder staat open voor signalen van het kind, begrijpt de signalen en reageert snel en adequaat. 
  2. Continuïteit: er is continuïteit in de aanwezigheid van de gehechtheidspersoon nodig. 
  3. Mentaliseren: ouder verplaatst zich in het perspectief van het kind en verwoordt dat ook. 

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wat gaat hier mis?

Slide 7 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Noem een voorbeeld van wat een ouder moet doen om een veilige hechting te stimuleren.

Slide 8 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Hechtingsproblematiek
Volgens Mary Ainsworth 4 patronen van hechting:
  1. Veilig gehecht: goede balans exploratiedrang en gehechtheidsgedrag. 
  2. (Onveilig)vermijdend gehecht: negeren of vermijden de opvoeder en gedragen zich "zelfstandig". 
  3. (Onveilig) afwerend gehecht: weinig geneigd zelfstandig activiteiten uit te voeren, afwezigheid opvoeder leidt tot angst, terugkeer voor boosheid en verontwaardiging. 
  4. (onveilig) Gedesorganiseerd gehecht: zoeken enigszins toenadering, tegelijkertijd levert dat stress en angst op. 

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht:

  • Opdracht hechting:
Wat zijn  kenmerken van een persoon met:

1. een veilige hechtingsstijl
2. een angstige hechtingsstijl
3. een angstig vermijdende hechting
4. een afwijzend/vermijdende hechting







timer
30:00

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Veilige hechting
  • Een kind/jongere die veilig gehecht is heeft tijdens de kinderjaren ervaren dat tenminste één van zijn verzorgers er onvoorwaardelijk voor hem/haar is. 

  • Een goede gehechtheid tussen ouders en kinderen vormt de basis voor een kind om te groeien in zijn ontwikkeling.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

- Kind vertoont claimgedrag t.o.v. de ouder/verzorger
- Vraagt op een ongewenste manier aandacht
- Kan zich niet goed concentreren, leerproblemen vertoont impulsief, agressief of
passief gedrag
- Communiceert onzinnig
- Qua eetgedrag: schrokken
- Gewetensontwikkeling laat te wensen over, soms gemeen met dieren omgaan
- Geen affectie kunnen geven en ontvangen
- Liegen 
Kenmerken onveilige hechting

1.  Kind vertoont claimgedrag t.o.v. de ouder/verzorger

2. Vraagt op een ongewenste manier aandacht

3. Kan zich niet goed concentreren, leerproblemen vertoont impulsief, agressief of passief gedrag

4. Communiceert onzinnig, kan niet goed met leeftijdsgenoten overweg

5. Gewetensontwikkeling laat te wensen over, soms gemeen met dieren omgaan

6. Geen affectie kunnen geven en ontvangen en Liegen

Slide 13 - Tekstslide

verkennen van de omgeving (exploreren)
Hechtingsproblematiek vs. hechtingsstoornis
  • Kind/jongere die niet goed gehecht is heeft niet meteen een hechtingsstoornis. 
  • 25 - 30 % van de Nederlandse bevolking is niet volledig veilig gehecht, 1 % van de Nederlandse bevolking heeft een hechtingsstoornis. 

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Risicofactoren kind
- Het kind is lichamelijk niet helemaal in orde, het mist bijvoorbeeld een vinger.
- Het kind is ongewenst.
- Het kind is te vroeg geboren.
- Het kind heeft een verstandelijke (geestelijke) of lichamelijke handicap.
- Het kind heeft een moeilijk temperament, hij is bijvoorbeeld snel boos of huilerig.

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Risicofactoren bij ouders
  • Als de ouders zelf onveilig zijn gehecht kunnen ze dit overdragen op hun eigen kind door hun manier van benaderen.
  • De ouders mishandelen of verwaarlozen het kind.
  • Als de ouders psychische problemen hebben, zoals verslaving of depressie.
  • Als de ouders met onverwerkt verdriet zitten.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Beschermende factoren tijdens het hechtingsproces

Slide 17 - Tekstslide

Mentaliseren betekent dat u gedrag van uzelf en anderen kunt begrijpen door ze te koppelen aan mentale toestanden. Mentale toestanden zijn overtuigingen, wensen, gevoelens en gedachten; deze bepalen welk gedrag wij vertonen.
Welke beschermende factoren waren er aanwezig in jouw jeugd?

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Begeleiding van kinderen/jongeren met hechtingsstoornis
Het bieden van veiligheid staat centraal.

Kinderen/jongeren missen hun vertrouwen in zichzelf en de wereld.

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waar kun je aan denken?
  • Vertrouwen opbouwen
  • Grenzen stellen
  • Ben jezelf, doe niet "nep"
  • Voorspelbaarheid
  • Structuur
  • Voorbeeldfunctie
  • Sensitief en responsief reageren
  • Inspelen op behoeften van het kind/jongere

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Heb je nog vragen?
Ja over de les
Nee
Ja over de toets

Slide 21 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Tips en Tops
Schrijf op de Post- it een Tip en een Top voor:

De docent
De les

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies