Deze slide heeft geen instructies
Welke vogels ken je al?
WoordwebActiveer de kennis van de leerlingen met het woordweb. Wat weten ze eigenlijk al?
Vertel: Binnenkort gaan wij op het schoolplein dus bekijken welke vogels er allemaal voorbij komen op ons schoolplein.
Vraag: Maar welke vogels kennen jullie eigenlijk al?
Tip: Denk hierbij aan vogels uit Nederland: welke zie of hoor je vaak in de stad, in het bos of in jouw tuin?
Aan welke onderdelen kun je
een vogelsoort herkennen?
Vertel: Zojuist heb je meerdere vogels benoemd. Denk terug aan een van de vogels die je zojuist hebt opgeschreven.
Vraag: Waaraan kun je deze vogel herkennen?
Doe: Vergelijk de antwoorden van de leerlingen met elkaar. Wat komt overeen? Wat zijn de verschillen?
Ga naar de volgende slide om te kijken welke antwoorden jullie al hadden en welke antwoorden je nog kan toevoegen.
Hoe weet je welke vogel je ziet?
Vogels herkennen is vooral goed kijken. Let op de volgende punten. Zo leer je de soorten herkennen.
Vertel: Om een vogel te herkennen moet je naar de onderdelen van de vogel kijken.
Doe: Bekijk deze koolmees goed. Klik op de hotspots en kom erachter waaraan je vogels kunt herkennen.
Bijvoorbeeld: welke vorm heeft de snavel? Lang of kort? Dik of dun? Hoe lang is de staart? Hoe ziet het uiteinde van de staart er uit? Welke kleuren zie je? Etc.
Koolmees
Informatieve kijkafbeelding
Vertel: Dit is een koolmees. Kijk eens goed. Hoe kunnen we hem herkennen?
Doe: Klik op de hotspots voor tips, weetjes, geluidsfragmenten en antwoorden.
Pimpelmees
Informatieve kijkafbeelding
Vertel: Dit is een pimpelmees. Kijk eens goed. Hoe kunnen we hem herkennen?
Doe: Klik op de hotspots voor tips, weetjes en antwoorden.
Aanvullende informatie:
De pimpelmees is klein, zo'n 10 tot 12 centimeter. Mannetjes en vrouwtjes zien er hetzelfde uit.
Extra weetje:
Pimpelmezen zijn slimme beestjes die dingen kunnen leren. Vroeger, 100 jaar geleden, hadden de melkflessen een laagje zilverfolie in plaats van een dop. Omdat pimpelmezen slim en nieuwsgierig zijn, leerden ze hoe ze zilverfolie van de flessen af konden halen. Zo konden ze bij de room boven in de melkfles!
Het verschil tussen kool- en pimpelmezen.
Video
Doe: Bekijk deze video en kom achter de verschillen tussen de koolmees en de pimpelmees.
Wie ben ik?
Mannetjes en vrouwtjes zien er hetzelfde uit
Is klein en acrobatisch
Heeft een zorro-masker
Is de grootste van alle mezen
Heeft een blauw petje
Heeft een borststreep
Sleepvraag:
Vertel: Links staat de pimpelmees en rechts de koolmees. Boven hun zie je stellingen staan.
Vraag: Wat hoort bij welke vogel?
Doe: Sleep de juiste stelling naar de juiste vogel.
Kauw
Zwarte kraai
Zoek de verschillen
Vertel: Deze twee vogels zijn familie van elkaar. Beide vogels zijn kraaiachtigen. Ze lijken erg op elkaar. Kunnen jullie de verschillen zien?
Doe: Laat de leerlingen de verschillen zoeken tussen de zwarte kraai en de kauw. Klik op de onderzoek hotspots om erachter te komen hoe ze in uiterlijk van elkaar verschillen. Klik op de hotspots om meer te weten te komen over deze kraaiachtigen.
Extra weetjes:
Kauwen kunnen wel 16 jaar oud worden.
Kraaien zijn superslimme dieren! Net als andere kraaiachtigen gebruiken ze soms gereedschappen en
kunnen ze op verschillende manieren met elkaar communiceren.
Hier staan twee merels.
Welke van de onderste beweringen zijn waar?
Links is een mannetje
Links is een vrouwtje
Rechts is een mannetje
Rechts is een vrouwtje
Meerkeuzevraag
Vertel: Hier zie je twee merels.
Vraag: Wie is het mannetje en wie is het vrouwtje?
Antwoord: Beide vogels zijn merels. De bruine vogel links is het vrouwtje en de zwarte vogel rechts is het mannetje. Door de kleur kan je ze goed uit elkaar houden.
Merel
Informatieve kijkafbeelding
Vertel: Dit is een koolmees. Kijk eens goed. Hoe kunnen we hem herkennen?
Doe: Klik op de hotspots voor tips, luisterfragmenten, weetjes en antwoorden.
Extra weetje:
Merels kiezen de gekste plekken uit om een nest te bouwen, zoals raamkozijnen en dakgoten. Er is zelfs een keer een merelnest op een bezem gevonden. Ook in brievenbussen bouwen ze weleens een nestje.
Wie ben ik?
Broedt onder dakpannen
Kan heel goed geluiden imiteren
Broedt in heggen en struiken
Is dol op appels
Heeft de mooiste zang van Nederland
Ziet er in de zomer anders uit dan in de winter
Mannetje ziet er anders uit dan het vrouwtje
Slaapt in de winter in grote groepen
Sleepvraag:
Vertel: Links staat de spreeuw en rechts de merel. Boven hun zie je stellingen staan.
Vraag: Wat hoort bij welke vogel?
Doe: Sleep de juiste stelling naar de juiste vogel.
Vink
Deze slide heeft geen instructies
Huismus
De huismus is een echt familiedier. Ze blijven altijd in hetzelfde gebied, soms zelfs in dezelfde tuin als waar ze geboren zijn.
Het aantal huismussen in ons land is de afgelopen decennia met de helft afgenomen. Dat komt vooral omdat het steeds moeilijker voor ze wordt om bij de huizen te broeden en om eten te vinden.
Deze slide heeft geen instructies
Roodborst
Extra weetjes:
Roodborsten zingen als een van de weinig vogels het hele jaar door. Ook het vrouwtje! Dat doen ze om hun territorium te verdedigen.
Jonge roodborsten hebben niet meteen een rode borst. Ze zijn dan bruin gespikkeld.
Wie ben ik?
Is swinters vaak te zien op voedertafels
Lust graag brood
Het mannetje heeft een bruinrode borst en wangen
Heeft een
rode borst
Heeft een
witte streep op zijn vleugel
Broed in groepen
De meest getelde vogel tijdens de Tuinvogeltelling.
Werd vroeger gebruikt voor zangwedstrijden
Sleepvraag:
Vertel: Van links naar rechts zie je de vrouwtjes vink, de huismus en de roodborst.
Vraag: Wat hoort bij welke vogel?
Doe: Sleep het juiste antwoord naar de juiste vogel.
Waar woon ik?
Nestkast
Onder dakpannen
In struiken, heggen, planten of bomen.
Sleepvraag
Vertel: In de sneeuw staan een paar vogels die we al eerder hebben gezien. Herkennen jullie ze nog?
Doe: Vraag aan de leerlingen de namen van de vogels. (V.l.n.r. spreeuw, roodborst, koolmees, huismus, merel, pimpelmees)
Vraag: Weet jij nog welke vogel waar woont?
Doe: Sleep de juiste vogel naar het juiste verblijf.
Ekster
Deze slide heeft geen instructies
Stadsduif
Houtduif
Vertel: Dit zijn twee duiven. Ze lijken erg op elkaar. Kunnen jullie de verschillen zien?
Doe: Laat de leerlingen de verschillen zoeken tussen de hout- en stadsduif. Klik op de onderzoek hotspots om erachter te komen hoe ze in uiterlijk van elkaar verschillen. Klik op de hotspots om meer te weten te komen over deze duiven.
Extra weetjes:
Stadsduiven broeden bijna het gehele jaar door.
De houtduif heeft een zesde zintuig. Ze kunnen namelijk het magnetische veld van de aarde voelen met een orgaan dat boven hun snavel zit.
Turkse tortel
Extra weetjes:
In de stad maken ze zelfs nesten
op verkeerslichten.
Vroeger waren er heel weinig turkse tortels in Nederland. Nu zijn er wel 100.000 paar!
Wie ben ik?
Turkse tortel
Stadsduif
Houtduif
Sleepvraag:
Vraag: Weet je nog de naam van iedere duifsoort?
Doe: Sleep de juiste naam naar de juiste vogel.
Winterkoning
Heggenmus
Vertel: Dit zijn twee vrolijk kwetterende vogels. Ze lijken erg op elkaar hè? Allebei hebben ze bruine veren... Kun jij de verschillen vinden?
Doe: Laat de leerlingen de verschillen zoeken tussen de heggenmus en de winterkoning. Klik op de onderzoek hotspots om erachter te komen hoe ze in uiterlijk van elkaar verschillen. Klik op de hotspots om meer te weten te komen over deze duiven.
Tip: Klik op het bovenste rechter audiofragment en luister naar het verhaal hoe de Winterkoning aan zijn naam kwam.
Vertel: Weten jullie nog de naam van iedere vogel? Test je kennis!
Doe: Klik op een van de hotspots en raad de naam van de vogel die in het midden verschijnt.
Tip: Klik op het geluid icoontje en hoor de roep van de vogel.
Eerst dit...
Dan dit...
Weet je nog.....
Deze slide heeft geen instructies
Veel plezier met tellen!
Nu ken je de meest bekende vogels van Nederland en ben je klaar gestoomd voor de Nationale Tuinvogeltelling. Heel veel plezier met tellen!
OPDRACHT Klas 1 PSO
Je maakt een PPPT van verschillende vogels.
beschrijf hun kenmerken: kleuren, voedsel, nest, waar ze het meest voorkomen.
Is er verschil tussen mannetje en vrouwtje te zien
Zijn het trekvogels of standvogels.
Lever in via ITS of Mail naar jma@jfsg.nl
Deze slide heeft geen instructies