Maandag 12 januari

Maandag 12 januari
Quiz
Voorbereiden summative luisteren en orals
SpreekbeurtBingo
1 / 47
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2Middelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 47 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

Onderdelen in deze les

Maandag 12 januari
Quiz
Voorbereiden summative luisteren en orals
SpreekbeurtBingo

Slide 1 - Tekstslide

sneeuw in Nederland

Slide 2 - Woordweb

de beste ...
A
nieuwjaar!
B
wensen!
C
geluk!

Slide 3 - Quizvraag

Wat wordt vaak rond Oud en Nieuw verkocht?
A
Oliebollen
B
Vuurwerk
C
Kerstversiering
D
Snoepgoed

Slide 4 - Quizvraag

Welke traditie is populair in Nederland?
A
Paasbrunch
B
Nieuwjaarsduik
C
Feestvuurwerk
D
Kerstboom versieren

Slide 5 - Quizvraag

Wat doen mensen om middernacht?
A
Zingen
B
Vuurwerk afsteken
C
Proosten
D
Dansen

Slide 6 - Quizvraag

Wat is dit?
A
Westerkerk
B
Filmmuseum
C
Vondelkerk

Slide 7 - Quizvraag

Slide 8 - Video

Wat geeft code oranje aan?
A
Code oranje is een normale melding.
B
Alleen sneeuwval.
C
Er is ernstig weer op komst.
D
Alleen vorst.

Slide 9 - Quizvraag

Wat moet je doen bij code oranje?
A
Niets doen, alles is veilig.
B
Voorzichtig zijn en plannen aanpassen.
C
Buiten gaan wandelen.
D
Kopen extra voedsel.

Slide 10 - Quizvraag

Wanneer wordt code geel afgegeven?
A
Bij storm zonder regen.
B
Bij geen neerslag.
C
Bij mogelijke gevaarlijke situaties.
D
Bij aanhoudende hitte.

Slide 11 - Quizvraag

Slide 12 - Tekstslide

SpreekbeurtBingo

Slide 13 - Tekstslide

Spreekbeurt bingo
- Schrijf 10 woorden op over De kerstvakantie. (4 minuten)

Ronde 1
- Leerling A geeft een "spreekbeurt" van 1 á 2 minuten over De Kerstvakantie. Leerling B checked de tien woorden.
- Nabespreken van woorden.

Ronde 2
- Leerling B geeft een "spreekbeurt" van 1 á 2 minuten over De Kerstvakantie. Leerling B checkt de tien woorden.
- Nabespreken van woorden.

Slide 14 - Tekstslide

Kies één opdracht uit. Kies een geschikt teksttype uit de opties die onder de opdracht staan. Gebruik 70 tot 150 woorden.

1.
Bij een schoolfeest heb je twee toegangskaartjes gewonnen voor een sportevenement. Schrijf een tekst waarin je een vriend uitnodigt om met je mee te gaan. Leg uit hoe je naar het stadion reist en waarom je dit een leuke sport vindt.

Ansichtkaart
Social media post
Toespraak






2.
Je hebt vorige week gegeten in een uniek restaurant bij jou in de buurt en je wil iedereen in de schoolkookclub erover vertellen. Schrijf een tekst om uit te leggen waarom dit een bijzonder restaurant is en waarom iedereen hier zou moeten eten.

Ansichtkaart
Blog
Toespraak



3.
Elke zomer bezoek je je opa en oma die in Nederland wonen. Dit jaar ga je voor het eerst zonder je ouders. Je opa en oma kijken erg uit naar je bezoek. Schrijf een tekst over de dingen die je samen kunt doen en vertel hoe je het ervaart om alleen op reis te gaan.

Ansichtkaart
Blog
E-mail



4.
Je hebt een advertentie voor een baantje in de supermarkt gezien. Het is precies wat je zoekt en het lijkt je leuk om in een supermarkt te werken. Schrijf een tekst om jezelf te introduceren en leg uit waarom je geschikt bent voor deze baan.

Blog
Profielschets
Toespraak


Slide 15 - Tekstslide


2.
Je hebt vorige week gegeten in een uniek restaurant bij jou in de buurt en je wil iedereen in de schoolkookclub erover vertellen. Schrijf een tekst om uit te leggen waarom dit een bijzonder restaurant is en waarom iedereen hier zou moeten eten.

Ansichtkaart
Blog
Toespraak








3.
Elke zomer bezoek je je opa en oma die in Nederland wonen. Dit jaar ga je voor het eerst zonder je ouders. Je opa en oma kijken erg uit naar je bezoek. Schrijf een tekst over de dingen die je samen kunt doen en vertel hoe je het ervaart om alleen op reis te gaan.

Ansichtkaart
Blog
E-mail



4.
Je hebt een advertentie voor een baantje in de supermarkt gezien. Het is precies wat je zoekt en het lijkt je leuk om in een supermarkt te werken. Schrijf een tekst om jezelf te introduceren en leg uit waarom je geschikt bent voor deze baan.

Blog
Profielschets
Toespraak


Slide 16 - Tekstslide




3.
Elke zomer bezoek je je opa en oma die in Nederland wonen. Dit jaar ga je voor het eerst zonder je ouders. Je opa en oma kijken erg uit naar je bezoek. Schrijf een tekst over de dingen die je samen kunt doen en vertel hoe je het ervaart om alleen op reis te gaan.

Ansichtkaart
Blog
E-mail





4.
Je hebt een advertentie voor een baantje in de supermarkt gezien. Het is precies wat je zoekt en het lijkt je leuk om in een supermarkt te werken. Schrijf een tekst om jezelf te introduceren en leg uit waarom je geschikt bent voor deze baan.

Blog
Profielschets
Toespraak


Slide 17 - Tekstslide


4.
Je hebt een advertentie voor een baantje in de supermarkt gezien. Het is precies wat je zoekt en het lijkt je leuk om in een supermarkt te werken. Schrijf een tekst om jezelf te introduceren en leg uit waarom je geschikt bent voor deze baan.

Blog
Profielschets
Toespraak


Slide 18 - Tekstslide

Wanneer eet je het ontbijt?
A
's ochtends
B
's middags
C
's avonds

Slide 19 - Quizvraag


A
Waddeneilanden
B
Flevoland
C
Afsluitdijk

Slide 20 - Quizvraag


A
Vlieland
B
Texel
C
Zeeland
D
Flevoland

Slide 21 - Quizvraag

Wat is de echte naam van Sinterklaas?
A
Sint Nico
B
Sint Maarten
C
Sint Nicolaas
D
Sinterklaas

Slide 22 - Quizvraag

Op welke datum is
Sinterklaas jarig?
A
1 December
B
6 December
C
24 december
D
5 november

Slide 23 - Quizvraag

Hoe heet het paard van
Sinterklaas ?
A
Ozosnel
B
Rudolf
C
Goed weer vandaag
D
Pedro

Slide 24 - Quizvraag

Met wat voor een boot komt Sinterklaas naar België?
A
Roeiboot
B
Vrachtschip
C
Stoomboot
D
Zeilboot

Slide 25 - Quizvraag

Slide 26 - Tekstslide

stemmen
ik stem
A
jij stem
B
jij stemt

Slide 27 - Quizvraag

Wat is de juiste vervoeging van het werkwoord 'lezen' voor 'wij'?
A
Wij lees
B
Wij lezen
C
Wij leest

Slide 28 - Quizvraag

Hoe vervoeg je het werkwoord 'schilderen' in de tegenwoordige tijd?
A
Jij schildert
B
Jij schilderen
C
Ik schilder
D
Ik schilderen

Slide 29 - Quizvraag


Vervoeg in de tegenwoordige tijd.
A
vind
B
vint
C
vindt
D
vond

Slide 30 - Quizvraag


Is dit een kunstwerk van Leonardo da Vinci?
A
Ja
B
Nee

Slide 31 - Quizvraag

Leonardo Da Vinci
A
De Nederlandse opstand
B
Reformatie
C
Renaissance
D
Begin Europese expansie

Slide 32 - Quizvraag

Leonardo Da Vinci was een:
A
Politicus
B
Homo Universalis
C
Handelaar
D
Schilder

Slide 33 - Quizvraag

Leonardo da Vinci

Slide 34 - Woordweb

Slide 35 - Link

Sinterklaas

Slide 36 - Woordweb

Leonardo

Slide 37 - Woordweb

deze les

Slide 38 - Woordweb

Slide 39 - Link

Slide 40 - Link

verkiezingen (elections)

Slide 41 - Woordweb

Slide 42 - Video

Slide 43 - Video

verkiezingen (elections)

Slide 44 - Woordweb

Slide 45 - Link

Slide 46 - Link

Stencils

Slide 47 - Tekstslide