HACCP regels: veiligheid in de voedselketen

HACCP regels: veiligheid in de voedselketen
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

HACCP regels: veiligheid in de voedselketen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoel
Aan het einde van de les ken je de HACCP regels en begrijp je waarom ze belangrijk zijn.

Slide 2 - Tekstslide

Vertel de leerlingen wat ze kunnen verwachten van de les en waarom het belangrijk is om te weten wat de HACCP regels zijn.
Wat weet jij al over de HACCP regels?

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn de HACCP regels?
HACCP staat voor Hazard Analysis and Critical Control Points. Dit zijn regels die ervoor zorgen dat voedsel veilig is voor consumptie.

Slide 4 - Tekstslide

Leg kort uit wat de HACCP regels zijn en wat de afkorting betekent.
Waarom zijn de HACCP regels belangrijk?
De HACCP regels zijn belangrijk omdat ze ervoor zorgen dat voedsel veilig is voor consumptie en dat er geen risico's zijn voor de gezondheid.

Slide 5 - Tekstslide

Leg uit waarom het belangrijk is om de HACCP regels te volgen en welke risico's er zijn als dit niet gebeurt.
Stap 1: Analyseer de gevaren
Voordat voedsel verwerkt wordt, moeten de gevaren geanalyseerd worden. Dit kan bijvoorbeeld zijn: bacteriën, virussen, allergenen en fysieke gevaren zoals glas of plastic.

Slide 6 - Tekstslide

Laat de leerlingen voorbeelden geven van gevaren die in voedsel kunnen voorkomen. Bespreek hoe deze gevaren geanalyseerd kunnen worden.
Stap 2: Bepaal de kritieke controlepunten
Bij het bepalen van de kritieke controlepunten wordt gekeken waar de gevaren voorkomen en hoe ze voorkomen kunnen worden. Bijvoorbeeld door het koken van voedsel of het gebruik van sterilisatie.

Slide 7 - Tekstslide

Laat de leerlingen voorbeelden geven van kritieke controlepunten en bespreek hoe deze punten bepaald kunnen worden.
Stap 3: Stel kritieke grenswaarden vast
Bij het vaststellen van kritieke grenswaarden wordt gekeken naar de maximale en minimale waarden waaraan voldaan moet worden om de veiligheid van het voedsel te waarborgen.

Slide 8 - Tekstslide

Laat de leerlingen voorbeelden geven van kritieke grenswaarden en bespreek waarom deze grenswaarden belangrijk zijn.
Stap 4: Stel controleprocedures vast
Bij het vaststellen van controleprocedures wordt bepaald hoe gecontroleerd wordt of aan de kritieke grenswaarden wordt voldaan. Bijvoorbeeld door het nemen van monsters of het controleren van de temperatuur.

Slide 9 - Tekstslide

Laat de leerlingen voorbeelden geven van controleprocedures en bespreek hoe deze procedures uitgevoerd kunnen worden.
Stap 5: Voer corrigerende maatregelen uit
Als uit de controleprocedures blijkt dat niet aan de kritieke grenswaarden wordt voldaan, moeten corrigerende maatregelen worden genomen. Bijvoorbeeld door het weggooien van besmet voedsel of het aanpassen van de productiemethode.

Slide 10 - Tekstslide

Laat de leerlingen voorbeelden geven van corrigerende maatregelen en bespreek waarom deze maatregelen genomen moeten worden.
Stap 6: Houd documentatie bij
Alle stappen in het HACCP proces moeten gedocumenteerd worden. Dit is belangrijk om te laten zien dat aan alle regels is voldaan.

Slide 11 - Tekstslide

Leg uit waarom documentatie belangrijk is en wat er in deze documentatie moet staan.
Oefening: HACCP in de praktijk
Laat de leerlingen een situatie bedenken waarin de HACCP regels toegepast moeten worden. Laat ze vervolgens in groepjes de stappen van het HACCP proces doorlopen.

Slide 12 - Tekstslide

Geef de leerlingen de opdracht om in groepjes de stappen van het HACCP proces toe te passen in een zelfbedachte situatie. Loop rond en help waar nodig.
Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 13 - Open vraag

De leerlingen voeren hier drie dingen in die ze in deze les hebben geleerd. Hiermee geven ze aan wat hun eigen leerrendement van deze les is.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 14 - Open vraag

De leerlingen geven hier (in vraagvorm) aan met welk onderdeel van de stof ze nog moeite. Voor de docent biedt dit niet alleen inzicht in de mate waarin de stof de leerlingen begrijpen/beheersen, maar ook een goed startpunt voor een volgende les.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Slide 15 - Open vraag

De leerlingen voeren hier twee dingen in waarover ze meer zouden willen weten. Hiermee vergroot je niet alleen betrokkenheid, maar geef je hen ook meer eigenaarschap.