eersteles 1 hva

GA STAAN ALS JE

🇫🇷 al eens in Frankrijk bent geweest

🇫🇷 liever naar het strand gaat dan naar de bergen

⚽ van voetbal houdt

🏟️ een favoriete voetbalclub hebt

🎮 graag gamet

🎵graag naar muziek luistert

🐶 een huisdier hebt

🍕 liever kapsalon eet dan pizza

😴 in de vakantie vaak laat naar bed ging

🌍 graag een ander land zou willen bezoeken

1 / 29
volgende
Slide 1: Slide
newEditorFransVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1

In deze les zitten 29 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

GA STAAN ALS JE

🇫🇷 al eens in Frankrijk bent geweest

🇫🇷 liever naar het strand gaat dan naar de bergen

⚽ van voetbal houdt

🏟️ een favoriete voetbalclub hebt

🎮 graag gamet

🎵graag naar muziek luistert

🐶 een huisdier hebt

🍕 liever kapsalon eet dan pizza

😴 in de vakantie vaak laat naar bed ging

🌍 graag een ander land zou willen bezoeken

De gebruiker noemde meerdere doelen; deze formulering bundelt de kern die het best door de lesopbouw wordt gedragen: basiszinnen heractiveren en over de vakantie spreken.

Bienvenue dans la classe

Lundi 25 août 

Deze slide heeft geen instructies


De gebruiker noemde meerdere doelen; deze formulering bundelt de kern die het best door de lesopbouw wordt gedragen: basiszinnen heractiveren en over de vakantie spreken.

Wa


Les buts


  • Ik kan in het Frans iemand begroeten

  • Ik kan mijn naam zeggen,

  • Ik vragen hoe het gaat

  • Ik weet meer over Frankrijk.

Deze slide heeft geen instructies

Au programme

11:55 – 12:00 (5 min) → Introductie & lesdoelen + hoe we werken

12:00 – 12:05 (5 min) → Waarom Frans en quizje?

12:05 – 12:10 (5 min) → Kennismaken met elkaar

12:10 – 12:20 (10 min) → Oefenen met spreken: jezelf voorstellen & vertellen hoe het gaat

12:20 – 12:40 (15 min) → Bingo Franse woorden

12:40 – 12:45 (5 min) → La fin & les devoirs

Deze slide heeft geen instructies


De gebruiker noemde meerdere doelen; deze formulering bundelt de kern die het best door de lesopbouw wordt gedragen: basiszinnen heractiveren en over de vakantie spreken.

qui suis-je?

J'ai un chien... j'aime faire du camping j'aime jouer de la guitare

Je m'appelle...


2

minute

00

second

Houd de focus op één vaste zin. Het doel is herkenning en productie, niet grammaticale uitleg.

Wat kun je van mij verwachten?

  • Duidelijke uitleg

  • Hulp als je vastloopt

  • Ruimte voor eigen tempo en keuzes

  • Aandacht voor taal én cultuur

  • Ruimte om je ideeën naar voren te brengen

De gebruiker noemde meerdere doelen; deze formulering bundelt de kern die het best door de lesopbouw wordt gedragen: basiszinnen heractiveren en over de vakantie spreken.

Waarom Frans? (DENK EN SCHRIJF OP)

1

minute

00

second

Deze slide heeft geen instructies

1. Frans kom je vaak tegen

  • In veel landen praten mensen Frans (kwart miljard mensen)

  • Je ziet Frans op vakantie, op borden en in winkels

  • Ook in liedjes, films en sport hoor je Franse woorden

  • Er zijn Franse merken en handel met Frankrijk

Houd het eenvoudig en leerlinggericht: niet alle landen hoeven genoemd te worden. De kern is dat Frans geen zeldzame taal is, maar iets wat leerlingen echt kunnen tegenkomen.

Frans helpt je begrijpen

Zelf lezen, luisteren en snappen wat er bedoeld wordt.


Je hoeft dan minder te gokken of iemand anders te vragen wat iets betekent.

Leg nadruk op zelfstandigheid: taal leren geeft toegang. Vermijd abstracte uitleg over wereldtalen; houd het bij concrete situaties van een kind.

Handig op reis

  • Eten bestellen

  • De weg vragen

  • Een kaartje kopen

  • Iets simpels zeggen zoals bonjour of merci

Noem eventueel dat kleine woorden al helpen. Het gaat niet om perfect spreken, maar om durven en iets kunnen doen in een echte situatie.

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet je van Frankrijk?

Gebruik de inzendingen om voorkennis te activeren. Pik bekende woorden eruit zoals bonjour of salut en verbind die aan het lesdoel.

Is Frankrijk groter dan Spanje?

A

Ja

B

Nee

C

Ongeveer even groot

D

Alleen in Europa

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel mensen spreken Frans in de wereld?

A

Ongeveer 50 miljoen

B

Ongeveer 100 miljoen

C

Ongeveer 320 miljoen

D

Ongeveer 900 miljoen

Deze slide heeft geen instructies

Wie was een bekende koning van Frankrijk?

A

Napoleon

B

Lodewijk XIV

C

Caesar

D

Columbus

Deze slide heeft geen instructies

Welke gebeurtenis begon in Frankrijk in 1789?

A

Industriële Revolutie

B

Franse Revolutie

C

Eerste Wereldoorlog

D

Koude Oorlog

Deze slide heeft geen instructies

Welk dier is een symbool van Frankrijk?

A

De kip

B

De haan

C

Het varken

D

De eend

Deze slide heeft geen instructies

Waar komt de croissant oorspronkelijk vandaan?

A

Frankrijk

B

België

C

Oostenrijk

D

Zwitserland

Deze slide heeft geen instructies

De Eiffeltoren was eerst bedoeld als ...

A

hotel

B

tijdelijk bouwwerk

C

paleis

D

station

Deze slide heeft geen instructies

Welke uitspraak over Franse kaas klopt?

A

Minder dan 100 soorten

B

Ongeveer 200 soorten

C

Meer dan 1.000 soorten

D

Precies 500 soorten

Deze slide heeft geen instructies

Wat betekent het Franse woord "bonjour"?

A

bedankt

B

tot ziens

C

alsjeblieft

D

hallo/goeiedag

Deze slide heeft geen instructies

Comment ça va ?

Comment ça va ? betekent:

Hoe gaat het?


Dit is een gewone, vriendelijke vraag om een gesprek te beginnen.

Benadruk dat leerlingen deze zin als vaste uitdrukking leren. Je hoeft hier nog geen grammaticale analyse te geven.

Woordenbingo

We bespreken eerst samen wat je gaat doen.

Daarna aan de slag!

10

minute

00

second

Tonen van Fit en Francais.... huiswerk lees het nog een keer door en stel vragen erover als je die hebt...

Toets is ook al aangevraagd voor week van 13 oktober

Tellen in het Frans

  • Je gebruikt les nombres om te tellen.

  • De volgorde van 1 tot 10 is belangrijk.

  • Deze woorden helpen bij eenvoudige spelletjes en korte opdrachten.

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

Les nombres 1–10

  • un, deux, trois, quatre, cinq

  • six, sept, huit, neuf, dix

Spreek in ritme voor en laat leerlingen de reeks nazeggen. Houd tempo laag bij quatre, huit en neuf.