Literatuur: Epiek
Learning objective
Literatuur: Epiek
Learning objective
Doelen van de lessenreeks
Je leert ...
... het onderscheid maken tussen literatuur en lectuur en je eigen interpretatie van literaire teksten verwoorden. (LPD 6)
... epiek, lyriek en dramatiek herkennen en de kenmerken van deze literaire genres benoemen. (LPD 6)
... verhalen analyseren aan de hand van verhaaltechnische begrippen zoals personages, tijd, ruimte, perspectief, spanning, motieven en thema. (LPD 6 & LPD 9)
... informatie uit literaire en informatieve teksten doelgericht selecteren, verwerken en interpreteren. (LPD 1-2-3)
... mondeling en schriftelijk onderbouwd communiceren over literaire teksten en je eigen mening beargumenteren. (LPD 4-5)
... lees- en leerstrategieën inzetten om complexe teksten beter te begrijpen en analyseren. (LPD 11)
... nieuwe literaire en vakgebonden woordenschat correct gebruiken tijdens gesprekken en opdrachten. (LPD 10)
Doelen van vandaag
Je leert …
... uitleggen waarom lezen je blik op de wereld kan verruimen. (LPD 1, 5, 6)
... informatie uit een luisterfragment en een informatieve tekst doelgericht verwerken. (LPD 2-3)
... literatuur en lectuur onderscheiden aan de hand van kenmerken en voorbeelden. (LPD 6)
... je eigen mening over literatuur beargumenteren tijdens een klasgesprek. (LPD 4-5)
A. De cognitieve relevantie van lezen?
Informatieve teksten verbeteren kennis door nieuwe info.
Kan fictie kan ook bijdragen aan intellectuele groei? -> Fictie stimuleert empathie en verbeelding.
Leen, een doctoraatstudent, onderzoekt dit fenomeen.
Neem notities op papier.
Kunnen we ook iets bijleren van verzonnen verhalen?
In het begin van het fragment legt Leen uit dat ze voor haar doctoraatstudie de ‘cognitieve relevantie van literair lezen’ onderzoekt. Wat bedoelt ze daarmee?
Leen vergelijkt het lezen van fictie met het opzetten van een VR-bril (virtual reality). Leg uit wat ze daarmee bedoelt.
Waarom maakt ze die vergelijking met virtual reality? Wat vind je van die vergelijking?
Op welke manier word je 'slimmer' van het lezen van literaire fictie volgens Leen??
Wat past bij jou?
Boeken laten je de wereld ontdekken vanuit je luie zetel.
Lezen is de geschiedenis herbeleven.
Lezen? Saai!
Nadat je een goed boek gelezen hebt, blijf je verweesd en gedesoriënteerd achter.
Je kunt niet zeggen ‘ik lees niet graag’, je bent gewoonweg het juiste boek nog niet tegengekomen.
Boeken tonen je de stommiteiten van anderen en zorgen ervoor dat je niet dezelfde begaat.
Je kunt je volledig verliezen in een boek en het slechte of goede bij jezelf ontdekken.
Er is zoveel leukers te doen dan lezen.
Dankzij een boek krijg je een onbelemmerde inkijk in iemands hoofd en leven.
In boeken kan eender wat gebeuren. Jouw grootste angsten, dromen, fantasieën … worden werkelijkheid.
Wie zich laat afschrikken door het aantal pagina’s mist soms de mooiste ontmoetingen.
B. Literatuur of lectuur?
Moeilijk onderscheid, geen vaste definitie
Lezers beoordelen teksten verschillend
Lectuur
ontspanning
spanning en verhaal centraal
vaak snel vergeten
Literatuur
rijke taal en beeldspraak
gelaagde opbouw
personages en thema's centraal
zet aan tot nadenken
B. Literatuur of lectuur?
Doel van de auteur speelt een belangrijke rol
Grens tussen literatuur en lectuur verschuift voortdurend
Ook essays, autobiografieën en graphic novels kunnen literair zijn
Wat als literatuur geldt, wordt bepaald door de literaire wereld (critici, uitgevers, jury's, docenten...)
Literatuur ↔ Lectuur = een continuüm, geen strikte grens.
C. Epiek, lyriek en dramatiek
Epiek
vertellen een verhaal
proza
Voorbeelden: verhalen, romans
Lyriek
weergave van gevoelens en gedachten, wil ontroeren
minimum van woorden, vaak versvorm, soms rijm
Voorbeelden: gedichten
Dramatiek
toneelstukken met personages
epiek
lyriek
dramatiek
epiek
lyriek
dramatiek
D. Fictie of non-fictie?
Fictie
Verzonnen verhalen, zoals romans en sprookjes
Doelen: ontspanning, emotie, nadenken
Non-fictie
Gebaseerd op feiten, zoals biografieën en artikelen -> de auteur probeert de werkelijkheid zo betrouwbaar mogelijk weer te geven
Doelen: informeren, uitleggen, overtuigen
3. Echt of niet echt gebeurd?
Verschil lijkt simpel
fictie = verzonnen
non-fictie is echt gebeurd
Grensgevallen!
Non-fictieroman: Echte gebeurtenissen met literaire stijl
Literaire journalistiek: Feiten in literaire vorm
Autofictie: Eigen leven met verzonnen elementen
Graphic novel: Strip met literaire of autobiografische thema’s.
Docudrama: Waargebeurde feiten met ingekleurde scènes
Fictie en non-fictie zijn geen strikte tegenpolen, maar een continuüm
Literaire journalistiek
Autofictie
Non-fictieroman
Grafic novel
Docudrama
Waarom belangrijk?
Stilstaan bij de bedoeling van de auteur
Hoe betrouwbaar is de tekst?
Wil de tekst mij iets leren / overtuigen / laten meeleven?
-> Kritisch lezen!
E. Boekengenres?
Een genre verdeelt culturele uitingen op soort.
Puntjes van overeenkomst bepalen het genre. Bijvoorbeeld, detectives zijn spannend, romantische komedies zijn grappig.
biografie
detective
doktersverhaal
erotiek
familieroman
historische roman
...
Opdracht tegen volgende les Epiek
Waar of niet waar?
Maak zelf
drie juiste uitspraken;
twee foute uitspraken
over de leerstof. Je noteert geen oplossingen!
Breng dit mee op een A4 naar de volgende les.