KSC (Procedures en rapportages)

Kennis van uitvoering en situationele coördinatie 

Procedures en rapportages
1 / 41
volgende
Slide 1: Tekstslide
BeveiligingMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 41 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Kennis van uitvoering en situationele coördinatie 

Procedures en rapportages

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Inhoud van de les 
  • Veiligheidsmiddelen 
  • Werkplan/werkvergunning 
  • Calamiteitenoefening 
  • Incidenten en calamiteiten 
  • Afhandeling noodzakelijke documenten 
  • Werkoverleg 
  • Management- en incidentrapportage 
  • RI&E

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  • Toepassen van procedures bij calamiteiten en incidenten.
  • Benoemen van administratieve taken en vergaderprocedures.
  • Beschrijven van het doel van RI&E en managementrapportages.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Veiligheidsmiddelen 
In een veiligheidsplan worden de veiligheidsmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s) beschreven die nodig zijn om risico’s op de werkplek te beperken.

We onderscheiden:
  • Veiligheidsvoorzieningen en veiligheidsmiddelen
  • PBM's

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Algemene Veiligheidsmiddelen 
Dit zijn middelen die voor de collectieve veiligheid zorgen, dus voor alle werknemers of bezoekers:
  • Brandblusmiddelen: brandblussers, brandslangen, branddekens.
  • Nooduitgangen en -verlichting: duidelijk aangegeven en vrijgehouden.
  • EHBO-middelen: verbanddozen, AED-apparaat, brancard.
  • Waarschuwingsborden en pictogrammen: voor gevaren, verplichtingen en verboden.
  • Afzettingen en valbeveiliging: hekwerken, vangnetten, leuningen.
  • Ventilatie- en afzuiginstallaties: om schadelijke dampen of stof te verwijderen.
  • Nooddouches en oogspoelstations (bij chemisch werk).
  • Communicatiemiddelen: portofoons, alarmknoppen, ontruimingsinstallatie.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Persoonlijke beschermingsmiddelen
Deze beschermen de individuele werknemer tegen specifieke risico’s. In het veiligheidsplan worden per taak of risico de vereiste PBM’s vermeld. 

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Werkplan/werkvergunning 
Bij bijzondere of risicovolle werkzaamheden mag pas met de uitvoering worden begonnen als er een werkplan of een werkvergunning is opgesteld en goedgekeurd.

Voorbeelden van deze werkzaamheden:
  • Heet werk 
  • Werken op hoogte
  • Werken met gevaarlijke stoffen

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Werkplan/werkvergunning 
Het werkplan of de werkvergunning beschrijft:

  • De aard en locatie van de werkzaamheden.
  • De betrokken personen en hun bevoegdheden.
  • De te verwachten risico’s en de te nemen veiligheidsmaatregelen.
  • Welke veiligheidsmiddelen en PBM’s verplicht aanwezig en te gebruiken zijn 
  • De geldigheidsduur van de werkvergunning en de procedure voor verlenging.
  • De communicatie- en noodprocedures tijdens de werkzaamheden.

De werkvergunning wordt pas verstrekt na controle dat alle noodzakelijke veiligheidsmiddelen aanwezig en functioneel zijn.

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Toezicht werkplan/werkvergunning 
Tijdens de uitvoering van bijzondere werkzaamheden wordt toezicht gehouden door een daartoe aangewezen leidinggevende, toezichthouder of veiligheidskundige.
Het toezicht omvat onder meer:
  • Controle op naleving van de afgesproken veiligheidsmaatregelen en gebruik van PBM’s.
  • Toezicht op de aanwezigheid en bruikbaarheid van veiligheidsmiddelen.
  • Stopzetten van het werk bij onveilige situaties of afwijkingen van het werkplan.
  • Dagelijkse of periodieke inspectie van de werklocatie.
  • Registratie van controles en eventuele incidenten.
De toezichthouder rapporteert bevindingen aan de uitvoerder of veiligheidscoördinator, zodat corrigerende maatregelen onmiddellijk genomen kunnen worden.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Uitvoering van calamiteitenoefeningen
Om de paraatheid van medewerkers te waarborgen en de effectiviteit van de noodprocedures te toetsen, worden er periodiek calamiteitenoefeningen gehouden.

Doel van de oefeningen
  • Het trainen van medewerkers in het juist handelen bij een calamiteit (brand, ongeval, lekkage, ontruiming, enz.).
  • Het toetsen van de werking van het ontruimingsplan en de noodorganisatie.
  • Het evalueren van de samenwerking tussen BHV’ers, leidinggevenden en medewerkers.
  • Het signaleren van verbeterpunten in communicatie, vluchtroutes en middelen.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Uitvoering van calamiteitenoefeningen
Frequentie en planning

  • Calamiteitenoefeningen worden meestal minimaal éénmaal per jaar uitgevoerd.
  • De oefening kan aangekondigd of onaangekondigd plaatsvinden, afhankelijk van het doel.
  • De veiligheidscoördinator of BHV-coördinator stelt een oefenplan op met scenario, doelstelling en betrokken afdelingen.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Uitvoering van calamiteitenoefeningen
Tijdens de oefening worden realistische scenario’s gebruikt, afgestemd op de risico’s binnen het bedrijf of project.

BHV’ers en leidinggevenden vervullen hun normale rol zoals beschreven in het calamiteitenplan.

De oefening wordt begeleid en geobserveerd door een oefenleider die toeziet op veiligheid en naleving van procedures.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Evaluatie en rapportage
Na afloop vindt een evaluatie plaats met alle betrokkenen. De oefenleider stelt een oefenverslag op waarin staat:

  • datum, type en doel van de oefening;
  • verloop en geconstateerde knelpunten;
  • verbetermaatregelen en verantwoordelijken;
  • planning voor opvolging van verbeterpunten.

De resultaten worden besproken in het veiligheidsoverleg en meegenomen in het continu verbeterproces van het veiligheidsmanagementsysteem.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opschalen
Opschalen betekent het verhogen van het niveau van de noodorganisatie wanneer een incident of calamiteit niet meer adequaat kan worden beheerst met de beschikbare middelen of bevoegdheden van het huidige niveau.

Het doel van opschalen is om snel extra ondersteuning, middelen en coördinatie in te zetten zodat de situatie onder controle blijft en verdere schade of letsel wordt voorkomen.

Slide 15 - Tekstslide

Incident 
Beveiliger 3 de leiding. 

Calamiteit 
Neemt de organisatie vaak de leiding over
Opschalen
De coördinator of leidinggevende ter plaatse beoordeelt de noodsituatie en besluit over opschaling volgens de interne procedure. Bij opschaling wordt:

  • de meldstructuur gevolgd zoals vastgelegd in het calamiteitenplan;
  • duidelijke communicatie gevoerd naar alle betrokkenen;
  • de overdracht aan externe hulpdiensten zorgvuldig uitgevoerd.
Na afloop van de calamiteit wordt het opschalingsproces geëvalueerd om te bepalen of de reactie adequaat en tijdig was.

Slide 16 - Tekstslide

Incident 
Beveiliger 3 de leiding. 

Calamiteit 
Neemt de organisatie vaak de leiding over
Incidenten en calamiteiten
Incidenten

Een incident is een onverwachte en ongewenste gebeurtenis die kan leiden tot schade, letsel of gevaar, maar waarbij de bedrijfscontinuïteit in principe niet in het geding is. Voorbeelden zijn een bijna-ongeval, een kleine lekkage of een lichte verwonding.

Slide 17 - Tekstslide

Incident 
Beveiliger 3 de leiding. 

Calamiteit 
Neemt de organisatie vaak de leiding over
Incidenten en calamiteiten
Calamiteiten

Een calamiteit is een verstoring van de bedrijfscontinuïteit die leidt tot ernstige gevolgen voor personen, omgeving, milieu of bedrijfsvoering. Voorbeelden zijn brand, explosie, grootschalige storing, ernstige verontreiniging of langdurige uitval van vitale systemen.

Slide 18 - Tekstslide

Incident 
Beveiliger 3 de leiding. 

Calamiteit 
Neemt de organisatie vaak de leiding over
Incidenten en calamiteiten
Opvolging van instructies bij incidenten:
  • De medewerker meldt het incident direct aan de leidinggevende of veiligheidscoördinator.
  • De situatie wordt veiliggesteld door werkzaamheden tijdelijk te staken of af te schermen.
  • Eerste hulp wordt verleend indien nodig.
  • De leidinggevende zorgt voor registratie van het incident conform de interne meldingsprocedure.
  • Er wordt een oorzaakanalyse uitgevoerd om herhaling te voorkomen.
  • Op basis van de analyse worden corrigerende en preventieve maatregelen genomen.
Doel: het leren van incidenten en het verbeteren van de veiligheidscultuur, om toekomstige ongewenste gebeurtenissen te voorkomen.

Slide 19 - Tekstslide

Incident 
Beveiliger 3 de leiding. 

Calamiteit 
Neemt de organisatie vaak de leiding over
Incidenten en calamiteiten
Opvolging van procedures bij calamiteiten:
  • De calamiteit wordt onmiddellijk gemeld via de vastgestelde interne alarmeringsprocedure.
  • De BHV- en calamiteitenorganisatie wordt geactiveerd.
  • Noodprocedures (zoals ontruiming, afschakeling of afzetting) worden uitgevoerd.
  • Communicatie verloopt via de aangewezen coördinator of leidinggevende.
  • Indien de situatie niet beheersbaar is, wordt opgeschaald en worden externe hulpdiensten ingeschakeld.
  • Na afloop vindt een evaluatie plaats en worden verbetermaatregelen vastgelegd.
Doel: het beperken van schade, het waarborgen van de veiligheid van personen en het zo snel mogelijk herstellen van de bedrijfscontinuïteit.

Slide 20 - Tekstslide

Incident 
Beveiliger 3 de leiding. 

Calamiteit 
Neemt de organisatie vaak de leiding over
Afhandeling van noodzakelijke documenten 
Als Beveiliger 3 is het belangrijk dat je ervoor zorgt dat alle administratieve handelingen op de juiste wijze verricht worden en dat de informatie toegankelijk is.

 Taken:
  • Signalerende taak (zijn alle administratieve handelingen gedaan?)
  • Controlerend taak (volledigheid + taalgebruik)
  • Coachend taak (ondersteun collega’s die het lastig vinden)
Doel
De administratieve afhandeling heeft als doel dat alle voor de uitvoering van de werkzaamheden noodzakelijke documenten tijdig beschikbaar, correct ingevuld, goedgekeurd en centraal opgeslagen zijn.



Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Procedure afhandeling van noodzakelijke documenten 
  • Alle documenten worden volgens de interne procedures opgesteld, gecontroleerd en goedgekeurd door de bevoegde functionarissen (zoals leidinggevende, veiligheidskundige of projectleider).
  • Na goedkeuring worden de documenten centraal gearchiveerd in het daartoe aangewezen systeem (digitaal of fysiek).
  • Documenten dienen actueel en traceerbaar te zijn; verouderde versies worden verwijderd of als “niet actueel” gemarkeerd.
  • Tijdens werkzaamheden moeten de relevante documenten op locatie beschikbaar zijn voor toezicht en controle.
  • De veiligheidscoördinator of projectverantwoordelijke ziet toe op de volledigheid en juistheid van de documentatie.

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Afhandeling van noodzakelijke documenten 
Bewaartermijn en vertrouwelijkheid

  • Documenten worden bewaard volgens de geldende wettelijke en bedrijfsinterne bewaartermijnen.
  • Alle informatie wordt vertrouwelijk behandeld en uitsluitend gedeeld met daartoe bevoegde personen.

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Werkoverleg
Regelmatig werkoverleg is belangrijk voor een goede samenwerking, afstemming van werkzaamheden en het waarborgen van veiligheid en kwaliteit binnen de dienst. Tijdens het overleg vervullen de voorzitter en notulist elk hun eigen taken en verantwoordelijkheden.

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Werkoverleg: de voorzitter
De voorzitter leidt het werkoverleg en is verantwoordelijk voor een gestructureerd en doelgericht verloop. Belangrijkste taken:
Voorbereiding: stelt, samen met de notulist of leidinggevende, de agenda op en bepaalt de volgorde van bespreekpunten.
Opening: opent de vergadering, heet deelnemers welkom en licht het doel van het overleg toe.
Leiding: zorgt dat alle agendapunten worden behandeld, houdt de tijd in de gaten en bewaakt de orde.
Stimuleren van deelname: geeft iedereen de kans om input te leveren en voorkomt dat één persoon het gesprek domineert.
Besluitvorming: formuleert duidelijk de gemaakte afspraken en besluiten.
Afronding: sluit het overleg af met een samenvatting van acties, besluiten en vervolgafspraken.

De voorzitter draagt er dus zorg voor dat het overleg efficiënt, evenwichtig en resultaatgericht verloopt.

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Werkoverleg: de notulist
De notulist ondersteunt de voorzitter door te zorgen voor een goede administratieve vastlegging van het overleg.
Belangrijkste taken:
  • Voorbereiding: helpt bij het opstellen en verspreiden van de agenda en uitnodiging.
  • Tijdens het overleg: noteert deelnemers, besproken onderwerpen, besluiten en actiepunten (met verantwoordelijken en termijnen).
  • Na afloop: werkt de notulen uit en verspreidt deze binnen de afgesproken termijn.
  • Archivering: zorgt dat de notulen en actiepunten worden opgeslagen in het centrale registratiesysteem.
De notulist waarborgt daarmee dat alle afspraken traceerbaar en opvolgbaar zijn.

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Werkoverleg
  • De agenda is een vooraf opgestelde lijst met bespreekpunten voor het werkoverleg.
  • De uitnodiging is het bericht aan de deelnemers waarin het overleg wordt aangekondigd.
  • De notulen zijn het schriftelijke verslag van het werkoverleg.

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Management- en incidentrapportage
Incidentenrapportage:

Een incidentenrapportage is een operationeel verslag van een onverwachte en ongewenste gebeurtenis die heeft plaatsgevonden tijdens de uitvoering van werkzaamheden.
Het doel is om het incident nauwkeurig vast te leggen, zodat:

  • het incident kan worden onderzocht;
  • oorzaken kunnen worden achterhaald;
  • herhaling kan worden voorkomen;
  • passende corrigerende of preventieve maatregelen kunnen worden genomen.


Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Management- en incidentrapportage
Kenmerken van een incidentenrapportage:

  • Wordt opgesteld direct na het incident door de betrokken medewerker of leidinggevende.
  • Bevat feitelijke gegevens: wat is er gebeurd, waar, wanneer, wie was betrokken, en welke gevolgen traden op.
  • Richt zich op de praktische afhandeling en analyse van één specifiek voorval.
  • Wordt gebruikt als broninformatie voor verdere evaluatie en managementrapportage.

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Management- en incidentrapportage
Managementrapportage
Een managementrapportage is een geaggregeerde en beleidsmatige rapportage die op basis van meerdere incidentenrapportages en andere operationele gegevens wordt samengesteld.
Het doel is om inzichten te bieden aan het management over trends, risico’s en prestaties binnen de organisatie.
Kenmerken van een managementrapportage:
  • Wordt periodiek opgesteld (bijv. maandelijks of per kwartaal).
  • Bevat analyses, grafieken en samenvattingen van incidenten, meldingen en maatregelen.
  • Richt zich op strategische besluitvorming en risicobeheersing.
  • Vormt de basis voor beleidsaanpassingen, verbeterplannen en veiligheidsdoelen.

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Management- en incidentrapportage
  • De incidentenrapportage is de operationele basis, waarin feitelijke gebeurtenissen worden vastgelegd.
  • De managementrapportage is de beleidsmatige vertaling, waarin deze gegevens worden geanalyseerd om beleid en werkwijzen te verbeteren.
De beveiliger niveau 3 vormt de schakel tussen uitvoering en management door betrouwbare informatie en praktijkgerichte feedback te leveren.

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

RI&E
Doel van de RI&E

De Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) heeft als doel om alle risico’s op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijn binnen een organisatie systematisch in kaart te brengen, te beoordelen en te beheersen.

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

RI&E, het uiteindelijke doel:
  • het voorkomen van ongevallen, incidenten en beroepsziekten;
  • het bevorderen van veilige en gezonde arbeidsomstandigheden;
  • het voldoen aan de wettelijke verplichting zoals vastgelegd in de Arbowet;
  • het onderbouwen van preventieve maatregelen en verbeterplannen;
  • het creëren van bewustwording bij medewerkers en leidinggevenden over risico’s op de werkvloer.
Een goed uitgevoerde RI&E vormt de basis van het arbobeleid en is een belangrijk instrument binnen het veiligheidsmanagementsysteem.

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

RI&E, de inhoud:
Inventarisatie van risico’s
Overzicht van alle werkzaamheden, werkplekken en omstandigheden.

Identificatie van gevaren zoals:
  • fysieke belasting (tillen, duwen, repeterende bewegingen);
  • gevaarlijke stoffen;
  • geluid, trillingen, temperatuur;
  • psychosociale belasting (werkdruk, agressie);
  • brand- en explosiegevaar;
  • machineveiligheid, verkeer en valgevaar.

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

RI&E, de inhoud:
Evaluatie van risico’s

  • Beoordeling van de kans en ernst van elk risico.
  • Prioritering van de risico’s (hoog, middel, laag).
  • Vaststellen van welke risico’s direct moeten worden aangepakt.

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

RI&E, de inhoud:
Plan van Aanpak (PvA)

  • Overzicht van maatregelen die genomen worden om risico’s te verminderen of te elimineren.
  • Vermelding van verantwoordelijken, termijnen en middelen.
  • Opvolging en evaluatie van de voortgang.
 

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

RI&E, de inhoud:
Toetsing en actualisatie

  • De RI&E wordt getoetst door een gecertificeerde arbodeskundige (verplicht bij organisaties met personeel).
  • De RI&E moet actueel blijven: herziening bij veranderingen in werkprocessen, organisatie, technologie of incidenten.

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

RI&E
Belang voor de organisatie

  • De RI&E vormt de basis voor het veiligheidsbeleid en het opstellen van werkplannen, trainingen en instructies.
  • Het document is een verplichte voorwaarde voor certificeringen zoals VCA, ISO 45001 of ARBO-audits.
  • Een actuele RI&E draagt bij aan een proactieve veiligheidscultuur en het voorkomen van schade en uitval.

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht
1. Ga aan de slag met de reader
2. Als er nog iets onduidelijk is, vraag het dan of kijk de video 

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  • Toepassen van procedures bij calamiteiten en incidenten.
  • Benoemen van administratieve taken en vergaderprocedures.
  • Beschrijven van het doel van RI&E en managementrapportages.

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Huiswerk
  • Exameneisen deze week: KSC.1.41 t/m KSC.1.49
  • Neem deze exameneisen door in de online omgeving
  • Maak bovenstaande exameneisen in de reader

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies