Discriminatie binnen de sport

discriminatie
1 / 18
volgende
Slide 1: Woordweb
WelzijnMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

discriminatie

Slide 1 - Woordweb

 Discriminatie en kenmerken 

Slide 2 - Tekstslide

Wat is discriminatie?
A
Als de coach Boudewijn wisselt tijdens een prof wedstrijd
B
Als oma Beppie ruzie maakt met de buren
C
Het maken van onderscheid
D
Als iemand recht op een gelijkwaardige behandeling heeft

Slide 3 - Quizvraag

Wat zijn kenmerken van discrimineren?
A
Ras, huidskleur, afkomst en seksuele voorkeur.
B
Vinden ze leuk.
C
Als je iemand niet mag.
D
Leeftijd en burgerlijke staat.

Slide 4 - Quizvraag

Wat zijn vormen van discrimineren?
A
direct en indirect
B
bewust en onbewust
C
negatief en positief
D
interactie en wisselwerking

Slide 5 - Quizvraag

Wat is positieve discriminatie?
A
Als Emre eindelijk betaald bij de supermarkt.
B
Een product van een multiculturele samenleving.
C
Als iedereen even lang word.
D
Dat er meer politiemannen zijn dan vrouwen

Slide 6 - Quizvraag

Wat is bewuste discriminatie?
A
Wanneer de stelling van Pythagoras hier niets mee te maken heeft.
B
Wanneer je niet direct doorhebt dat je iemand hebt gekleineerd.
C
Wanneer je iemand bewust een minderwaardigheidsgevoel aanpraat
D
Als Hidde zegt dat Colin helemaal geen FIFA kan, terwijl hij een E-sporter is.

Slide 7 - Quizvraag

Thema 6.2 discriminatie binnen de sport

Slide 8 - Tekstslide

Achtergestelde groepen binnen de sport :
A
Jongeren, mensen met een beperking, autochtonen, mensen met een andere seksuele voorkeur.
B
Vrouwen, mensen met een beperking, allochtonen, mensen met een andere seksuele voorkeur.

Slide 9 - Quizvraag

Wat is discriminatie?
A
Beledigen
B
Het achterstellen van bepaalde culturen
C
Het maken van onderscheid

Slide 10 - Quizvraag

Binnen de sport zijn steeds meer ontwikkelingen te zien die wijzen op concentratie bij allochtonen.

Welke stelling klopt niet?
A
Ontstaan van eigen allochtone sportclubs
B
De sportverenigingen gaan meer allochtonen bij autochtonen bij elkaar zetten

Slide 11 - Quizvraag

Waarom stoppen homo's of beginnen ze helemaal niet aan sport?
A
Negatieve beeldvorming omdat je met andere mannen bent.
B
Mogen niet wegens seksuele voorkeur.

Slide 12 - Quizvraag

Hoeveel procent van de mensen met een lichte handicap sporten minimaal 12 keer per jaar?
A
82%
B
69%
C
34%
D
54%

Slide 13 - Quizvraag

Thema 6.3 De antidiscriminatiecode voor sport

Slide 14 - Tekstslide

Wanneer is de algemene leden vergadering van NOC*NSF de Gedragscode ter voorkoming en bestrijding van discriminatie in de sport vastgesteld?
A
1990
B
1994
C
1988
D
1969

Slide 15 - Quizvraag

Welk antwoord is fout bij de Gedragscode ter voorkoming&bestrijding van discriminatie in de sport?
A
Contributies
B
Boetes/schorsing
C
Gedragsregels en voorschriften
D
Kaderfuncties

Slide 16 - Quizvraag

Wat houdt de code in?
A
De discriminatie en racisme in veiligheid
B
De wettelijke regels ten aan zien van discriminatie en gelijke behandeling
C
De discriminatie en racisme tegen gaan

Slide 17 - Quizvraag

Welk antwoord is juist als sportleider als het gaat over discriminatie?
A
Creëert een sfeer van openheid
B
Blijft attent
C
Neemt maatregelen als gesprek niet helpt
D
Alle antwoorden zijn juist

Slide 18 - Quizvraag