H3, de Brug lezen + HS1 (tekststructuren)

Welkom H3! 
maandag 30/08/2021
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Welkom H3! 
maandag 30/08/2021

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan we vandaag doen?
- Wat weet je nog?
- Huiswerk bespreken
- Vaste tekststructuren 
- Aan de slag! 



Slide 2 - Tekstslide

Wat weet je nog van... tekstverbanden & signaalwoorden
(er zijn er 10!)

  • Welk tekstverband hoort bij het signaalwoord?
  • Maar
  • Daardoor
  • Kortom 
  • Want
  • 200 jaar geleden

Slide 3 - Tekstslide

Huiswerk bespreken
Opdracht 1 en 2 (t/m 2.10) (blz. 255)

Slide 4 - Tekstslide

Vaste tekststructuren (blz. 12)
Een tekst is standaard opgebouwd uit drie onderdelen.

1. Inleiding
2. Middenstuk 
3. Slot

De inhoud van die drie delen kan verschillen, maar er zijn wel bepaalde structuren die je erin kunt herkennen. Schrijvers gebruiken namelijk vaak dezelfde opbouw. 

Slide 5 - Tekstslide

Vaste tekststructuren (blz. 12)
probleem-oplossingsstructuur
1. Inleiding: hierin wordt het probleem genoemd
2. Middenstuk: hierin komen de gevolgen, oorzaken en oplossingen van het probleem naar voren
3. Slot: hierin wordt de beste oplossing vermeld. 


Slide 6 - Tekstslide

Vaste tekststructuren (blz. 12)
1. Uit onderzoek is gebleken dat leerlingen achterstanden hebben op het gebied van Nederlands. 
2. Door deze achterstanden presteren ze ondermaats op hun vervolgopleidingen. Uit het onderzoek is gebleken dat door corona de achterstanden zijn opgelopen. Met behulp van extra bijlessen en meer focus op Nederlands in de vaklessen, hopen de ministers dat de taalvaardigheid zal verbeteren.  
3. Al met al kunnen we zeggen dat Nederlands enorm belangrijk is. Door taalrijk onderwijs aan te bieden, zal het Nederlands van de meeste leerlingen verbeteren. 

Slide 7 - Tekstslide

Vaste tekststructuren (blz. 12)
1. Uit onderzoek is gebleken dat leerlingen achterstanden hebben op het gebied van Nederlands. 
2. Door deze achterstanden presteren ze ondermaats op hun vervolgopleidingen. Uit het onderzoek is gebleken dat door corona de achterstanden zijn opgelopen. Met behulp van extra bijlessen en meer focus op Nederlands in de vaklessen, hopen de ministers dat de taalvaardigheid zal verbeteren.  
3. Al met al kunnen we zeggen dat Nederlands enorm belangrijk is. Door taalrijk onderwijs aan te bieden, zal het Nederlands van de meeste leerlingen verbeteren. 

Slide 8 - Tekstslide

Aan de slag!

Wat? Maak opdracht 2 af. (blz. 257) 
Hoe? Je mag overleggen met je buurman/buurvrouw
Tijd? Dit is huiswerk voor maandag
Klaar? Maak opdracht 1 (blz. 12)
timer
10:00

Slide 9 - Tekstslide

Tekstverbanden en signaalworoden (blz. 225)
We kenden al 7 tekstverbanden. In het nieuwe boek, worden de verbanden anders genoemd. 

1. Toelichtend verband (zo, zoals, bijvoorbeeld, als) --> (uitspraak - voorbeeld)
2. Opsommend verband (en, ook, verder, bovendien, daarnaast) (uitspraak - opsomming) 
3. Tegenstellend verband (maar, daarentegen, echter, integendeel) (uitspraak - tegenstelling)

Slide 10 - Tekstslide

Tekstverbanden en signaalworoden (blz. 225)
4. Doel-middelverband (waarmee, daarmee, met dat doel, het doel is, door middel van) (middel-doel)
5. Oorzakelijk verband (daardoor, hierdoor, doordat, zodat, waardoor) (oorzaak-gevolg)


6. Vergelijkend verband (zoals, hetzelfde, dezelfde, in vergelijking met) (uitspraak-vergelijking)
7. Redengevend verband (daarom, want, omdat) (uitspraak-reden)



Slide 11 - Tekstslide

Maar er komen nog een aantal bij...
1. Chronologisch verband (vroeger, later, eerst, vervolgens, daarna, nadat) 

2. Concluderend verband (dus, daarom, dat houdt in, kortom, al met al)

3. Samenvattend verband (kortom, samengevat, met andere woorden) 


Slide 12 - Tekstslide

Tekstverbanden & signaalwoorden
Even oefenen... 

1. Al met al kunnen we zeggen dat de maatregelen van meneer de Vries niet hebben gewerkt. 
2. Ik heb met behulp van studiebegeleiding eindelijk een 7 voor Engels gehaald!
3. Een aantal tekstverbanden kende ik al, maar die laatst drie nog niet. 


Slide 13 - Tekstslide

Aan de slag!

Wat? Maak opdracht 1 en 2 (blz. 255 en 257) 
Hoe? Je mag overleggen met je buurman/buurvrouw
Tijd? Dit is huiswerk voor maandag
Klaar? Laat je gemaakte werk aan mij zien. 

Slide 14 - Tekstslide

Wat weet je van de situatie in Afghanistan?

Slide 15 - Woordweb