2526 Les Kunst Drama Theorie: speltechnieken, improvisatie en rolopbouw

Les Kunst Drama Theorie: speltechnieken, improvisatie en rolopbouw
1 / 42
volgende
Slide 1: Tekstslide
DramaMiddelbare schoolmavoLeerjaar 3

In deze les zitten 42 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 6 videos.

time-iconLesduur is: 70 min

Onderdelen in deze les

Les Kunst Drama Theorie: speltechnieken, improvisatie en rolopbouw

Slide 1 - Tekstslide

Welkom M4


Kunst Drama Theorie: speltechnieken, improvisatie en rolopbouw

Slide 2 - Tekstslide

STARTVRAAG: Wat is een voorbeeld van een cliffhanger in een film of serie?

Slide 3 - Open vraag

Leerdoelen
  • Je herkent dramatische technieken in een nieuw voorbeeld
  • Je weet wat speltechnieken zijn
  • Je leert over wat rolopbouw is
  • Je oefent met examenvragen

Slide 4 - Tekstslide

TERUGBLIK: Dramatische technieken?

Slide 5 - Woordweb

Dramatische technieken om informatie vorm te geven

Andere plaatsen dan het theater zijn bijvoorbeeld: televisie, internet, op locatie.

Dramatische technieken die op deze plaatsen worden ingezet:  cliffhanger, dialoog, expositie, flashback, flash
forward, monoloog, motorisch moment en slow motion. 

Slide 6 - Tekstslide

1. Kijkfragment: Tessa
Bekijk Tessa aflevering 1 tot 04:30 (introductie + eerste schoolmoment)

1. Zie je een motorisch moment?
2. Zijn er voorbeelden van een cliffhanger, spanningsopbouw of vooruitwijzing?
3. Hoe draagt muziek of camerawerk daaraan bij?

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

1. Zie je een motorisch moment?
2. Zijn er voorbeelden van een cliffhanger, spanningsopbouw of vooruitwijzing?
3. Hoe draagt muziek of camerawerk daaraan bij?

Slide 9 - Open vraag

2. Opzoeken begrippen: speltechnieken
Zoek in de syllabus of internet de betekenis van de volgende begrippen:

– Reageren
– Incasseren
– Identificeren
– Schakelen
– Spiegelen
– Transformeren

Zoek bij elk begrip een voorbeeld in Tessa
timer
7:00

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

Speltechniek: reageren
Acteren is reageren!
In een scene speel je met anderen samen. Als de ander wat zegt reageer je daar op. je vindt er wat van, het roept een emotie op, het zet je aan het denken.

Laat jouw reactie zien in je mimiek, je houding of je gebaren.

Slide 12 - Tekstslide

Speltechniek: incasseren
Belangrijk bij improviseren is:
- Geef een spelimpuls als je de scène opent
- incasseren (even laten binnenkomen wat de spelimpuls is)
- accepteer de spelimpuls van de ander (dus niet blokkeren)
- reageren (geef een  terug)



Blokkeren is dus de spelimpuls niet accepteren. Het spel houdt dus op.

Slide 13 - Tekstslide

Incasseren
Ga tegenover elkaar staan. 
Kies allebei een zin uit jullie tekst die je steeds herhaalt.
Maak je reactie steeds iets groter en/of varieer zoveel mogelijk.
timer
5:00

Slide 14 - Tekstslide

Speltechniek: identificeren
Wat betekent het als een publiek zich met een personage kan identificeren?

Slide 15 - Tekstslide

Speltechniek: schakelen

Hoe speel je emoties?

Je gebruikt bij spelen van emoties:
Houding
Stem
Techniek
Als je tussen verschillende emoties wisselt, dan heet dat schakelen


Slide 16 - Tekstslide

Wat is de speltechniek: spiegelen?
A
bewegingen/emoties overnemen alsof je iemands spiegelbeeld bent
B
van de ene naar de andere emotie gaan
C
een onzintaal/fantasietaal gebruiken
D
ingaan op het spel van je medespeler

Slide 17 - Quizvraag

3. Wat is improvisatie?

Slide 18 - Woordweb

Zoek de begrippen op
Improvisatietechnieken
– Accepteren
– Blokkeren
– Spelaanbod
– Associëren

Leg ze uit in eigen woorden
timer
5:00

Slide 19 - Tekstslide

3. Begrippen improvisatie
Accepteren: Je gaat mee in wat de ander voorstelt.
Blokkeren: Je weigert het spelaanbod van de ander.
Spelaanbod: Een nieuw idee of richting in het spel geven.
Associëren: Je reageert spontaan op wat er komt, zonder vooraf te bedenken wat je gaat doen.

Slide 20 - Tekstslide

Noem voorbeelden uit het fragment die bij de improvisatietechnieken passen.

Slide 21 - Open vraag

Slide 22 - Video

Noem voorbeelden uit het fragment die bij twee van de vier improvisatietechnieken passen

Slide 23 - Open vraag

Verder bespreken fragment:
1. Hoe reageren de acteurs op elkaars uitspraken?
2. Welke nieuwe ideeën (spelaanbod) worden geïntroduceerd?
3. Zijn er momenten waarop een spelaanbod wordt geaccepteerd of geblokkeerd?

Slide 24 - Open vraag

Improvisatie-oefening
twee acteurs spelen een improvisatie 
1. Kies een van deze situaties waarin een conflict kan ontstaan:
  • Twee vrienden hebben ruzie over een geheim dat is doorverteld.
  • Een leerling is boos op een docent vanwege een oneerlijke beoordeling.

2. Improviseer een scène van 1 minuut waarin:
  • Beide spelers minimaal één spelaanbod doen.
  • Er bewust momenten van accepteren en blokkeren worden ingebouwd.
  • Spelers proberen te associëren met onverwachte wendingen.
timer
1:30

Slide 25 - Tekstslide

4. Rollen en Rolopbouw

Hoofdrol
Bijrol
Dubbelrol
Figurant

Slide 26 - Tekstslide

Rolopbouw gaat over hoe je een rol leert vorm te geven. Er zijn 2 technieken:

Rolbiografie schrijven
Rolinterview houden

Slide 27 - Tekstslide

Opdracht rolopbouw
Kies een personage uit Tessa aflevering 1 (bijv. Tessa, een leerling, een collega).

maak duo's en interview elkaar over je rol:
Wat is je naam? Hoe oud ben je?
Waar kom je vandaan? Waar ben je nu?
Wat is je doel in deze scene?
Wat is je aller grootste geheim?
timer
3:00

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Video

Opdracht rolopbouw
Kies een personage uit Tessa aflevering 1 (bijv. Tessa, een leerling, een collega).

maak duo's en interview elkaar over je rol:
Wat is je naam? Hoe oud ben je?
Waar kom je vandaan? Waar ben je nu?
Wat is je doel in deze scene?
Wat is je aller grootste geheim?
timer
3:00

Slide 30 - Tekstslide

5. Oefenvragen Tessa (1)
Vraag 1a. Noem één speltechniek die de actrice van Tessa hier gebruikt.
Kies uit: schakelen – spiegelen – incasseren – reageren

Vraag 1b. Wat doet het personage goed of opvallend qua lichaamstaal of stem?

Slide 31 - Tekstslide

Slide 32 - Video

Vraag 1a. Noem één speltechniek die de actrice van Tessa hier gebruikt.
Kies uit: schakelen – spiegelen – incasseren – reageren

Slide 33 - Open vraag

Vraag 1b. Wat doet het personage goed of opvallend qua lichaamstaal of stem?

Slide 34 - Open vraag

5. Oefenvragen Tessa (2)
Vraag 2a. Wat is het doel van het personage Tessa in dit fragment?
Wat probeert ze te bereiken?

Vraag 2b. Noem iets over haar geheim of innerlijke conflict.

Slide 35 - Tekstslide

Slide 36 - Video

Vraag 2a. Wat is het doel van het personage Tessa in dit fragment?
Wat probeert ze te bereiken?

Slide 37 - Open vraag

Vraag 3a. Stel jij speelt een personage zoals Tessa. Welke speltechniek zou jij gebruiken om te laten zien dat je je anders voordoet dan je je voelt?

Slide 38 - Open vraag

6. Examenvragen CE 2025
Blok 3 - Tessa
Vr 26, 28, 29, 31, 32, 34

https://vo-oefenomgeving.facet.onl/facet-openbaar-portaal/oefenen/VMBO-TL/drama
Drama > tijdvak 1 2025

Volgende les hiermee verder!

Slide 39 - Tekstslide

Check: Noem vier dramatische technieken

Slide 40 - Open vraag

Check: Noem drie speltechnieken

Slide 41 - Open vraag

Check: Leg uit wat een rolbiografie is

Slide 42 - Open vraag