Goede voornemens

1 / 32
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvmboLeerjaar 1-4

In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Kletspraatje
Klets met je buurman/buurvrouw over de vakantie. Wat heb je gedaan? Hoe gaat het met je? Wat had je willen doen? Etc. 
timer
3:00

Slide 2 - Tekstslide

Hoe gaat het met je?

Slide 3 - Open vraag

Dit was het leukste dat ik heb gedaan in mijn kerstvakantie!

Slide 4 - Woordweb

Wat heb je in de vakantie gedaan?

Slide 5 - Open vraag

Ik ben uitgerust in de vakantie
Ja
Nee
Beetje

Slide 6 - Poll

Welk cijfer geef jij je kerstvakantie?
010

Slide 7 - Poll

Goede voornemens
Heb jij ze al gemaakt?

Slide 8 - Tekstslide

Wat zijn goede voornemens?
Dat is iets wat je aan jezelf belooft om in het nieuwe jaar te gaan doen. 

Slide 9 - Tekstslide

Hoe lang bestaan goede voornemens al?
A
4000 jaar
B
400 jaar
C
40 jaar
D
4 jaar

Slide 10 - Quizvraag

4000 jaar
Goede voornemens voor het nieuwe jaar is al een eeuwenoud gebruik (= gewoonte). De Babyloniers deden 4000 jaar geleden al beloften aan hun goden aan het begin van het jaar om geleende spullen terug te brengen en hun schulden af te betalen.

Slide 11 - Tekstslide

Wat is het populairste goede voornemen?
A
Afvallen
B
Gezonder leven
C
Geld besparen
D
Meer tijd voor mezelf, hobby's, familie en vrienden

Slide 12 - Quizvraag

Populairste goede voornemen
81% van de mensen denkt zijn goede voornemen vol te houden. Helaas lukt het maar 25% van de mensen om het echt vol te houden. Bijna de helft van de mensen is na een tijdje vergeten dat ze eigenlijk een goed voornemen hadden.

Slide 13 - Tekstslide

Wie houden hun goede voornemens langer vol?
A
Jongens
B
Meisjes

Slide 14 - Quizvraag

Volhouden!
Jongens houden het langer vol dan meisjes. 
Waarschijnlijk kiezen jongens duidelijkere voornemens die makkelijker uit te voeren zijn dan meisjes. 

Slide 15 - Tekstslide

Wie houden hun goede voornemens minder lang vol?
A
mensen in het noorden van Nederland
B
mensen in het oosten van Nederland
C
mensen in het zuiden van Nederland
D
mensen in het westen van Nederland

Slide 16 - Quizvraag

Volhouden!
Overigens houden mensen in het noorden van Nederland hun voornemens ook minder lang vol dan in de rest van Nederland. 

Slide 17 - Tekstslide

Wanneer houd je een goed voornemen het langst vol?
A
Zorg dat je voldoende eet
B
Als mensen om je heen het weten en je er aan kunnen herinneren
C
Als je voldoende slaapt
D
Als je je goed hebt voorbereid

Slide 18 - Quizvraag

Volhouden!
Voor het volhouden van je goede voornemens is slaap heel belangrijk. Wanneer je te weinig slaapt, heb je te weinig wilskracht om iets vol te houden. Je lichaam heeft brandstof nodig om de dag vol te houden. Wanneer je onvoldoende slaapt, dan ben je vaak moe en wordt het heel moeilijk om wilskracht te ontwikkelen. Misschien is voldoende slaap wel een van je goede voornemens dus dan sla je gelijk twee vliegen in één klap.

Slide 19 - Tekstslide

In welke maand kun je het beste beginnen met je goede voornemens?
A
januari
B
februari
C
augustus
D
december

Slide 20 - Quizvraag

Augustus
Januari is juist de slechtste maand voor goede voornemens. Als je voornemens in januari maakt, dan houd je ze het minst vaak vol. In augustus gaat het juist wel goed, omdat je dan terugkomt van vakantie en sowieso weer moet wennen aan nieuwe routines.

Slide 21 - Tekstslide

Hoe lang moet je je goede voornemen volhouden, zodat het een gewoonte wordt?
A
3 jaar
B
3 maanden
C
3 weken
D
3 dagen

Slide 22 - Quizvraag



7 Tips om jouw voornemens wel te behalen!

Slide 23 - Tekstslide

Tip 1.
Het is makkelijker om niet teveel voornemens te hebben.

Slide 24 - Tekstslide

Tip  2
Schrijf je goede voornemen positief op.
NIET: ik wil stoppen met snacken
WEL: ik wil gezonder eten

Slide 25 - Tekstslide

Tip 3
Vertel je goede voornemens aan een paar mensen in je omgeving, dan kunnen zij je helpen en stimuleren.

Slide 26 - Tekstslide

Tip 4
Beloon jezelf.

Slide 27 - Tekstslide

Tip 5
Kies voor de één dag aanpak.
Neem je elke ochtend voor om voor één dag gezond te eten. 
De kans dat je je doel behaalt wordt groter, omdat je dan bewuster bezig bent met je goede voornemen 
én het is maar voor één dag.

Slide 28 - Tekstslide

Tip 6
Houd het voornemen klein, waardoor je zeker weet dat je het gaat volhouden.

Slide 29 - Tekstslide

Tip 7
Maak duidelijke afspraken met jezelf, dus hoe ga je het aanpakken.

Slide 30 - Tekstslide

Opdracht: 
Welke goede voornemens heb jij? 
Verwerk in jouw portfolio: 

- 2 goede voornemens m.b.t. school/werk

- 2 goede voornemens voor sport/vriendschap/privé


Slide 31 - Tekstslide

Slide 32 - Tekstslide