Didactiek C20 - P7W1 : Taalontwikkeling

Didactiek P7 : "Taal en didactiek "

P7W1 : "taalontwikkeling"
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
OnderwijsassistentenMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

Didactiek P7 : "Taal en didactiek "

P7W1 : "taalontwikkeling"

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat versta jij allemaal onder taal?

Slide 2 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wat zou een taak van de onderwijsassistent zijn op het gebied van taal?

Slide 4 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma

  1. Start
  2. Theorie 3.1 
  3. Uitleg eindopdracht 1 
  4. Pauze 
  5. Aan de slag
  6. Afronding 
Doel

Aan het eind van de les kun je de fases in de taalontwikkeling van een kind benoemen, deze fases herkennen en hier voorbeelden bij geven.

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kennistoets P7
Voortgangstoets didactiek eind periode 7

  • Pedagogiek : hoofdstuk 4
  • Didactiek : hoofdstuk 3 



Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Taalontwikkelingsfases
Prelinguale periode (0 - 1 jaar)
  • De voortalige fase (of prelinguale fase)

Linguale periode
  • De vroegtalige / vroeglinguale fase (1 - 2,5 jaar)
  • De differentiatiefase (2,5 - 5 jaar)
  • De voltooiingsfase (5 - 9 jaar)



Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

1. De voortalige (prelinguale) fase
  • Huilen (eerste 6 wk)
  • Vocaliseren (6 - 20 wk) : klanken ontdekken & produceren - spraakmechanisme oefenen 
  • Vocaal spel (4 - 6 maanden): experimenteren met klanken (nu ook medeklinkers), verschillen in toonhoogte, luidheid & duur
  • Brabbelen (vanaf 7 maanden): herhalen van klankgroepen


Een kind oefent met de articulatie, de klankstructuur v/d taal, de zinsmelodie & de communicatie met anderen

Woordenschat - passief



Slide 10 - Tekstslide

Huilen (eerste 6 wk)
Vocaliseren (6 - 20 wk) : klanken ontdekken & produceren - spraakmechanisme oefenen
Vocaal spel (4 - 6 maanden): experimenteren met klanken (nu ook medeklinkers), verschillen in toonhoogte, luidheid & duur
Brabbelen (vanaf 7 maanden): herhalen van klankgroepen

Slide 11 - Video

Deze slide heeft geen instructies

2. De vroegtalige (vroeglinguale) fase
1 - 2,5 jaar

  • Klanken aan betekenis koppelen (inhoudswoorden);
  • Woorden benoemen (labelen) (éénwoordfase);
  • Woorden combineren (twee- en meerwoordfase);
  • Enige woordvolgorde (telegramzinnetjes - mama zitten)
  • Actieve woordenschat neemt toe
  • Overgeneralisatie (een oude man is een opa)

Wie kan er een voorbeeld noemen?

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

3. De differentiatiefase
2,5 - 5 jaar
  • Langere zinnen en uitbreiden v/d woordenschat;
  • Meer tijdsbesef - vervoegen van werkwoorden;
  • Samenstellingen (huisdeur) en woordcombinaties
  • Eenvoudige zinnen begrijpen (functiewoorden)
  • Nadenken over taal en creatief zijn met taal (overregularisatie = ik liepte) 
  • Verbanden tussen woorden in een zin zien (syntactische aspect);
'Ze leren om te praten over dingen die buiten het hier en nu liggen'

Wie loopt er stage bij de kleuters? Wat herken je?


Slide 13 - Tekstslide

Als tijdsbesef doorbreekt -> dan ook in staat om verleden tijd te ontdekken door -te achter een woord te plaatsen
Prietpraat 
  • 'Werken daar twee Hansen?' - In de tweedehandswinkel
  • 'Kijk mam, daar loopt een robot!'
  • Met zonder jas naar buiten gaan
  • 'Mama, wil je de pizza door de half snijden?'

Iemand een ander leuk voorbeeld?
Voorbeeld - overgeneralisatie

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel woorden kent een kind van 2 ongeveer gemiddeld?
A
100
B
200
C
500
D
1000

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel woorden kent een kind van 3 ongeveer gemiddeld?
A
500
B
1000
C
1500
D
2000

Slide 16 - Quizvraag

4 jaar: dubbele 3200 woorden
Waarom heet deze fase de differentiatiefase?

Slide 17 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

4. De voltooiingsfase
5 - 9 jr
  • Lezen & schrijven (taalregels)
  • Sociale regels v/d taal
  • Vergroten van woordenschat
De andere fasen worden min of meer afgerond

Wat laat de grafiek zien denk je? --->

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel woorden kent een kind van 6 ongeveer gemiddeld?
A
2000
B
3000
C
4000
D
5000

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Eindopdracht 1
Lessuggestie 1: Tijdbalk
Om de taalontwikkeling visueel te maken kun je met de hele groep een tijdbalk maken waarop de taalontwikkeling in de 4 fases wordt weergegeven.
Verdeel de studenten over de 4 fasen en laat ze hun fase uitwerken met voorbeelden, uitleg van de begrippen, illustraties etc.)
Voeg op het eind van de les de producten samen en er is een compleet overzicht van de taalontwikkeling. 
Voorbeeld - overgeneralisatie

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Afronding

Wat neem je mee uit deze les?
Doel behaald?

Doelen
  • Aan het eind van de les kun je de fases in de taalontwikkeling van een kind benoemen, deze fases herkennen en hier voorbeelden bij geven.
Huiswerk & vooruitblik

  • afmaken tijdbalk 
  • Lezen H3.2 
  • Prentenboek mee!

  • Taalspelletjes -> wat zie je op stage?

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht 1.
Beluister de geluidsfragmenten/ filmpjes (1t/m 4)

  • In welke fase bevindt dit kind zich? 
  • Waar kun je dit aan herkennen?



Kind 1 - Mia
Kind 6 - Eef
Kind 2 - IJs
Kind 3 - Siem
Kind 4 - Juul
Kind 5 - Demy

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Taalleermechanisme










                                                       Bron: Nu pedagogisch werk (Colbers, Hillen, Kuiper, Perenboom, 2017)

Hoorde je hier iets van terug in de fragmenten?

Stage/ oppaskindjes/ nichtjes/neefjes?

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht 2.
Beschrijf de volgende begrippen en leg uit a.d.h.v. een voorbeeld

  • Vocaliseren
  • Overgeneralisatie
  • Actieve woordenschat
  • Passieve woordenschat
  • Taalleermechanisme

--> Zie werkblad

timer
10:00

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies