Thema 7 geld - H5 schrijven

Thema 7 geld - H5 schrijven
een telefoonnotitie schrijven
1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 2

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Thema 7 geld - H5 schrijven
een telefoonnotitie schrijven

Slide 1 - Tekstslide

Even herhalen! Schrijf zoveel mogelijk sterke werkwoorden op.

Slide 2 - Woordweb

Lesdoelen
* Ik weet wat een telefoonnotitie is.
* Ik kan een telefoonnotitie maken met de belangrijkste informatie uit een telefoongesprek.
* Ik kan de taalvaardigheden; gesprekken voeren, luisteren en schrijven combineren bij het maken van een telefoonnotitie.

Slide 3 - Tekstslide

Een telefoonnotitie invullen (1)
Soms moet je tijdens een telefoongesprek op je stage of je werk belangrijke informatie onthouden en doorgeven aan iemand anders. Je kunt dan tijdens het telefoongesprek een telefoonnotitie maken. Op een telefoonnotitie schrijf je de belangrijkste informatie die je moet doorgeven netjes onder elkaar.

Slide 4 - Tekstslide

Voorgedrukte  telefoonnotitie
Tips voor het invullen:
- Schrijf netjes, leesbaar en begrijpelijk.
- Controleer of je niets bent vergeten.
- Lees de boodschap na om te controleren of alles duidelijk is.
- Controleer je notitie op taalverzorging. 

Slide 5 - Tekstslide

Wat is voor jou het belangrijkste onderdeel in een telefoonnotitie?
(meerdere opties mogen).
A
er is netjes geschreven
B
alle belangrijke informatie staat er in
C
de boodschap is duidelijk
D
er staan geen schrijffouten in de notitie

Slide 6 - Quizvraag

Samen maken - opdracht 3
Bladzijde 209

1. Wat heeft Kristel niet gedaan.

2. Wat deed Kristel volgens jou goed tijdens het maken van de telefoonnotitie. 

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Link

Geen voorgedrukte  telefoonnotitie
Maak dan zelf een telefoonnotitie op een leeg blaadje.
Denk aan:
- De datum en tijd waarop is gebeld.
- Voor- en achternaam van de beller.
- Het telefoonnummer van de beller.
- De boodschap van de beller. 
- Sluit af met je eigen naam. 

Slide 9 - Tekstslide

Eva is op haar werk gebeld door Bert van Ernie. Hij heeft een boodschap voor Rozanne, maar zij is er niet. Wat kan/moet Eva op haar telefoonnotitie schrijven?

Slide 10 - Open vraag

Samen maken - opdracht 4
Bladzijde 211
1. Luister naar het fragment.
Maak je eigen telefoonnotitie.

2. Schrijf in ieder geval 'tijd' - 'datum' en 'naam' op je notitie. 
Je mag de gegevens verzinnen als ze niet in het fragment te horen zijn.

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Link

Samen maken - opdracht 4
Bladzijde 212
1. Luister naar het fragment.
Maak je eigen telefoonnotitie.

2. Schrijf in ieder geval 'tijd' - 'datum' en 'naam' op je notitie. 
Je mag de gegevens verzinnen als ze niet in het fragment te horen zijn. 

Slide 13 - Tekstslide

Samen maken - opdracht 5
Bladzijde 213
1. Luister naar het fragment.

2. Geef antwoord op de vragen:
- Wat heeft Danny niet gedaan.
- Wat had Danny beter wel kunnen doen. 

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Link

Aan de slag
Begin op bladzijde 207.
Maak opdracht 1, 2, 3, 4 en 5.
Als het goed is zijn opdracht 3, 4 en 5 nu klaar.

Klaar? Studiemeter - Starttaal Online - Starttaal Vooraf op weg naar 1F - Thema 7 geld - H5 schrijven - alle oefeningen. 


Slide 16 - Tekstslide