Interacties tussen organismen van een zelfde soort

Wat is GEEN voordeel van leven in groep voor organismen?
A
territorium in groep beschermen/veroveren
B
nakomelingen samen verzorgen
C
minder vatbaar voor ziektes
D
samen energiezuinig leven
1 / 21
next
Slide 1: Quiz
BiologieSecundair onderwijs

This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Wat is GEEN voordeel van leven in groep voor organismen?
A
territorium in groep beschermen/veroveren
B
nakomelingen samen verzorgen
C
minder vatbaar voor ziektes
D
samen energiezuinig leven

Slide 1 - Quiz

Wat is territoriumgedrag?
A
handelingen ter afbakening en verdediging van een gebied
B
steeds willen vechten met voedselconcurrenten
C
zoektocht naar een geschikte plaats voor de winterslaap
D
zoektocht naar voedsel in een habitat

Slide 2 - Quiz

Wat zie je op de afbeelding?
A
interspecifieke concurrentie
B
intraspecifieke concurrentie

Slide 3 - Quiz

Dieren die toevallig samenleven omdat ze zijn aangewezen op hetzelfde voedsel, beschutting...
A
Hier is sprake van associatie.
B
Hier is sprake van coöperatie..
C
Hier is sprake van dissociatie..
D
Hier is sprake van aggregatie..

Slide 4 - Quiz

Uit welke kaste is volgend individu afkomstig?
A
werkster
B
koningin
C
dar

Slide 5 - Quiz

Een groep sprinkhanen eet zoveel dat er weinig voedsel rest voor soortgenoten die later passeren.
A
Dit is een voorbeeld van aggregatie.
B
Dit is een voorbeeld van exploitatiecompetitie.
C
Dit is een voorbeeld van territoriumgedrag.
D
Dit is een voorbeeld van associatie.

Slide 6 - Quiz

Wanneer soorten voordeel halen uit de aanwezigheid van soortgenoten, spreken we van een...
A
aggregatie
B
associatie

Slide 7 - Quiz

Welk gedrag zie je op de afbeelding?
A
baltsgedrag
B
territoriumgedrag
C
conflictgedrag
D
haantjesgedrag

Slide 8 - Quiz

Welk voordeel van een leven in groep is zichtbaar op de figuur?
A
jagen in groep
B
samen energiezuinig leven
C
waakzaamheid delen en elkaar beschermen

Slide 9 - Quiz

Wanneer 1 of beide ouders op een bepaalde manier voor hun nageslacht zorgt, spreken we van...
A
broedzorg
B
kudde
C
sociale staat

Slide 10 - Quiz

Welk type coöperatie gaan termieten aan?
A
broedzorg
B
kudde
C
sociale staat

Slide 11 - Quiz

Welk type coöperatie gaan koeien aan?
A
broedzorg
B
kudde
C
sociale staat

Slide 12 - Quiz

Welke taak heeft een dar?
A
het leggen van bevruchte eieren
B
verdedigen van de korf
C
verzamelen van voedsel
D
bevruchten van de koningin

Slide 13 - Quiz

Een dagpauwoog heeft een afbeelding van twee ogen op de vleugels die lijken op uilenogen.
A
Dit is een reflex.
B
Dit is een duidelijk voorbeeld van mimicry.
C
Hier is sprake van nabootsing.
D
Dit is een voorbeeld van instinct.

Slide 14 - Quiz

Waarom communiceren dieren NIET?
A
Om taken te verdelen binnen een sociale groep.
B
Om aan te geven dat ze een voedselbron ontdekt hebben.
C
Om aan anderen te tonen dat ze moeten ontlasten.
D
Om soortgenoten te alarmeren.

Slide 15 - Quiz

Wat zijn tactiele signalen?
A
signalen die je kan zien
B
signalen die je kan horen
C
signalen die je kan ruiken
D
signalen die je kan voelen

Slide 16 - Quiz

Welk gedrag is NIET aangeleerd?
A
gewenning
B
inprenting
C
conditionering
D
reflex

Slide 17 - Quiz

De hond van Pavlov is een voorbeeld van...
A
klassiek conditioneren
B
operant conditioneren
C
leren door inzicht
D
gewenning

Slide 18 - Quiz

Geef een synoniem voor 'gedragsbiologie'.
A
genetica
B
scientologie
C
ethologie
D
etmologie

Slide 19 - Quiz

Welk hormoon motiveert dieren tot broedzorg?
A
testosteron
B
prolactine
C
oestrogeen
D
endorfines

Slide 20 - Quiz

Na deze quiz wil ik...
studeren.
de leerstof overlopen.
klassikaal galgje spelen over begrippen uit de cursus.
de quizzen opnieuw spelen.
nog een aflevering van 'Our planet' kijken.

Slide 21 - Poll